Artikel VIII.39, WER

Art. VIII.39. § 1. De wettelijke meeteenheden moeten gebruikt worden in de authentieke akten, in de akten uitgaande van de openbare machten, in de onderhandse akten, alsmede in de geschriften opgemaakt in de uitoefening van een beroep, een bedrijf of een handel.
  § 2. Het is verboden andere dan de wettelijke meeteenheden te gebruiken voor het uitdrukken van de hoeveelheid van goederen of van de hoegrootheid van diensten :
  1° bij de handelsverrichtingen of bij het leveren van goederen wanneer deze leveringen gewoonlijk gebeuren;
  2° bij de bepaling van de vergoeding of van de prijs van diensten;
  3° in facturen, aanplakbiljetten, aankondigingen en reclames;
  4° op goederen die te koop worden aangeboden of worden verkocht, op de verpakking van deze goederen of op het recipiënt dat ze bevat.
  § 3. De Koning kan de bepaling van paragraaf 2 uitbreiden tot de uitdrukking van andere specificaties dan die welke de hoeveelheid van enig goed of de hoegrootheid van een dienst bepalen.
  § 4. De bepalingen voorzien door of genomen krachtens paragrafen 1, 2 en 3 zijn niet van toepassing op geschriften :
  1° gebruikt in de betrekkingen met andere landen;
  2° betreffende de goederen die zich buiten het Koninkrijk bevinden.

  
Bron: Justel