Parlementaire vraag nr. 668 van de heer Steven Matheï van 08.10.2021
Kamer, Vraag en Antwoord, 2021-2022, QRVA 55/069 d.d. 18.11.2021, blz. 167
Administratieve tolerantie voor feitelijke verenigingen
VRAAG (van de heer Matheï)
Heel wat verenigingen in ons land zijn feitelijke verenigingen. Dit betekent dat zij geen rechtspersoonlijkheid hebben en bijgevolg de rechten en plichten rusten in hoofde van de leden. Fiscaal brengt deze versplintering van rechten en plichten van de vereniging over de leden aan aantal problemen met zich mee.
Aangezien de belastingheffing rekening moet houden met de individuele omstandigheden van elk lid, is het onmogelijk om de belastingheffing van de leden gezamenlijk te verrichten. Het is bovendien vaak bijzonder moeilijk om alle leden van de vereniging te identificeren, de leden zijn zelf niet altijd op de hoogte van de inkomsten van de vereniging en de invloed van de toerekening van verenigingsinkomsten per individueel lid zijn meestal klein. Hierdoor worden de inkomsten niet belast in de personenbelasting. Er geldt sinds lang een administratieve tolerantie of feitelijke administratieve vrijstelling. En dit in tegenstelling tot vzw's die wel belast worden op roerende en onroerende inkomsten.
Het koninklijk besluit van 6 juni 2019 tot invoering van een optiestelsel voor verenigingen zonder rechtspersoonlijkheid biedt feitelijke verenigingen de mogelijkheid om zich vrijwillig te onderwerpen aan de rechtspersonenbelasting.
1. Op welke manier worden een feitelijke vereniging en de leden van de feitelijke vereniging belast in de inkomstenbelasting wanneer men er niet voor kiest zich vrijwillig te onderwerpen aan de rechtspersonenbelasting?
2. Bent u van mening dat een wetswijziging aan de orde is die leidt naar een belastingheffing op niveau van de vereniging in plaats van de individuele leden? Zo ja, acht u het opportuun om een feitelijke vereniging in dat geval te onderwerpen aan de rechtspersonenbelasting? Zo nee, waarom niet?
ANTWOORD (van de Minister van Financiën)
1. De feitelijke verenigingen die vrijwillig kunnen kiezen voor een belastingheffing in de rechtspersonenbelasting op de wijze bepaald in het koninklijk besluit van 6 juni 2019 tot invoering van een optiestelsel voor verenigingen zonder rechtspersoonlijkheid, zijn de verenigingen die:
- niet worden bedoeld in artikel 220, 1° tot 3°, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 (WIB 92);
- niet zijn onderworpen aan de vennootschapsbelasting;
- geen winsten of baten verkrijgen;
- en beschikken over een in de statuten vastgelegde zetel, waarvan het adres zich in België bevindt.
Wanneer een dergelijke feitelijke vereniging niet kiest voor de rechtspersonenbelasting, dan zijn in principe de leden van die feitelijke vereniging, en niet de feitelijke vereniging zelf, aan de inkomstenbelastingen onderworpen.
Dit houdt in dat de inkomsten van onroerende goederen of van roerende goederen en kapitalen die deze verenigingen (zonder in rechte eigenaar ervan te zijn) voor rekening of ten voordele van hun leden beheren, in beginsel als onroerende of roerende inkomsten bij die leden belastbaar zijn.
Evenwel voorziet artikel 5/2, WIB 92 dat de roerende inkomsten die werden verkregen op een rekening op naam van een vereniging, die geen winsten of baten verkrijgt of die niet onderworpen is aan de vennootschapsbelasting of de rechtspersonenbelasting, belastbaar zijn in hoofde van de Rijksinwoner die gemachtigd is deze rekening te beheren, alsof deze Rijksinwoner deze inkomsten rechtstreeks zou hebben verkregen. In het geval de rekening wordt beheerd door meerdere personen is elke Rijksinwoner belastbaar in verhouding tot het aantal personen dat gemachtigd is deze rekening te beheren.
2. Een feitelijke vereniging is een vereniging zonder rechtspersoonlijkheid die wordt beheerst door de overeenkomst tussen partijen. Aan de overeenkomst zijn geen voorwaarden of bekendmakingsverplichtingen verbonden. Het is ook niet zinvol of zelfs mogelijk om dergelijke verenigingen aan verplichtingen te laten voldoen, omdat deze categorie net de verenigingen groepeert die zich niet wil laten onderwerpen aan de formele voorwaarden van bij voorbeeld een vzw of stichting. Het bestaan van een feitelijke vereniging blijkt dan ook vaak pas uit concrete omstandigheden of feiten.
Ten gevolge van hun aard bestaat er dus niet zoiets als een lijst van alle in België actieve feitelijke verenigingen. Het is dan ook praktisch onmogelijk en ook niet gewenst om deze verenigingen afzonderlijk aan de rechtspersonenbelasting te onderwerpen.
