Parlementaire vraag nr. 957 van de heer Viseur van 27.06.1997

VRAAG 97/957
Bull. nr. 781, pag. 765
Vr. en Antw., Kamer, 1997-1998, nr. 107, blz. 14520-14521
Rechtspersonenbelasting - Aantal
VRAAG
In het kader van de toepassing van de rechtspersonenbelasting op vzw's en andere rechtspersonen zonder winstoogmerk en met betrekking tot het meest recente aanslagjaar:
1. hoeveel vzw's en andere privaatrechtelijke rechtspersonen zijn aan de rechtspersonenbelasting onderworpen;
2. hoeveel publiekrechtelijke rechtspersonen en instellingen van openbaar nut zijn aan de rechtspersonenbelasting onderworpen;
3. hoeveel vzw's en andere privaatrechtelijke rechtspersonen, die in principe de rechtspersonenbelasting moeten betalen, worden op grond van de aard van hun activiteiten en inkomsten aan de vennootschapsbelasting onderworpen;
4. hoeveel vzw's en andere privaatrechtelijke rechtspersonen die de rechtspersonenbelasting verschuldigd zijn, werden aan de bijzondere aanvullende bijdrage op niet-verantwoorde kosten onderworpen;
5. hoeveel publiekrechtelijke rechtspersonen en instellingen van openbaar nut die de rechtspersonenbelasting verschuldigd zijn, werden aan de bijzondere aanvullende bijdrage op niet-verantwoorde kosten onderworpen?

ANTWOORD
Het geacht lid gelieve hierna het antwoord op zijn vragen te willen vinden. De gegevens hebben betrekking op het aanslagjaar 1996 (toestand op 30 juni 1997).
1. Aantal vzw's en andere privaatrechtelijke rechtspersonen onderworpen aan de RPB: 78.232.
2. Aantal publiekrechtelijke rechtspersonen en ondernemingen van openbaar nut onderworpen aan de RPB: 7.620.
3. Aantal vzw's en andere privaatrechtelijke rechtspersonen die in principe de RPB kunnen genieten, maar die in werkelijkheid aan de vennootschapsbelasting zijn onderworpen: 355 (toestand bij het begin van het aanslagjaar).
4. Aantal vzw's en andere privaatrechtelijke rechtspersonen onderworpen aan de RPB die het voorwerp uitmaken van een bijzondere afzonderlijke aanslag op niet-verantwoorde kosten: 43.
5. Aantal publiekrechtelijke rechtspersonen en ondernemingen van openbaar nut onderworpen aan de RPB die het voorwerp uitmaken van een bijzondere afzonderlijke aanslag op niet-verantwoorde kosten: 2.