Parlementaire vraag nr. 283 van de heer Jo Vandeurzen van 04.02.2009

Parlementaire vraag nr. 283 van de heer Jo Vandeurzen dd. 04.02.2009

Personenbelasting

Pensioensparen

Afzonderlijk belastbaar inkomen

Aanslagvoet van 10%

Aanslagvoet van 16,5%

Collectieve spaarrekening

Individuele spaarrekening

Spaarrekening

Spaarverzekering

Normale datum van pensionering

VRAAG

Destijds werd voor de mijnwerkers een uitzonderlijk regime met betrekking tot de pensioenvorming uitgewerkt. Het is derhalve mogelijk dat ex-mijnwerkers op de leeftijd van 45 jaar al aan de voorwaarden voldoen om een volwaardig wettelijk pensioen te bekomen. Een ex-mijnwerker kan uiteraard ook aan pensioensparen doen. Wanneer deze ex-mijnwerker in het kader van zijn stelsel een pensioengerechtigde leeftijd bereikt, kan deze dan ook het kapitaal opgebouwd met pensioensparen opvragen aan een gunstig fiscaal regime?

ANTWOORD (Vice-eersteminister en minister van Financiën en Institutionele Hervormingen)

De in het kader van het pensioensparen door middel van betalingen gedaan vanaf 1 januari 1993 gevormde spaartegoeden, kapitalen en afkoopwaarden zijn overeenkomstig artikel 171, 2°, e, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 (WIB 92) afzonderlijk belastbaar tegen een aanslagvoet van 10 pct. wanneer zij aan de rechthebbenden worden uitgekeerd naar aanleiding van zijn pensionering op de normale datum of in één van de 5 jaren die aan die datum voorafgaan, naar aanleiding van zijn brugpensionering of naar aanleiding van het overlijden van de persoon van wie hij de rechtverkrijgende is.

De in het kader van het pensioensparen door middel van betalingen gedaan tot 31 december 1992 gevormde spaartegoeden, kapitalen en afkoopwaarden zijn overeenkomstig artikel 515bis, 5de lid, WIB 92 afzonderlijk belastbaar tegen een aanslagvoet van 16,5 pct., wanneer zij aan de rechthebbende worden uitgekeerd naar aanleiding van zijn pensionering op de normale datum of in één van de 5 jaren die aan die datum voorafgaan, naar aanleiding van zijn brugpensionering of naar aanleiding van het overlijden van de persoon van wie hij de rechtverkrijgende is.

Overeenkomstig artikel 174 WIB 92 is bovenvermelde afzonderlijke taxatie van 10 of 16,5 pct. slechts mogelijk op voorwaarde dat:

1° de in artikel 145^9, eerste lid, 1°, b, bepaalde minimumlooptijd van 10 jaar verstreken is;

2° de belastingplichtige gedurende ten minste 5 belastbare tijdperken stortingen heeft verricht op een collectieve of op een individuele spaarrekening of als premie van een spaarverzekering. Deze verplichting is niet van toepassing voor de individuele of collectieve spaarrekeningen die zijn geopend en de spaarverzekeringen die zijn aangegaan vóór 4 augustus 1992;

3° elke storting gedurende ten minste 5 jaar belegd is gebleven.

De normale datum van pensionering is het tijdstip waarop de loopbaan wettelijk of statutair eindigt wegens ouderdomsredenen.

Voor wat betreft ex-mijnwerkers is het bijgevolg, gelet op de specifieke regelgeving ter zake, van belang om uit te maken welke de wettelijke pensioenleeftijd is in een concreet geval.

Wanneer de in het kader van het pensioensparen gevormde afkoopwaarden aan een ex-mijnwerker vóór de leeftijd van 60 jaar naar aanleiding van zijn wettelijke pensionering worden uitgekeerd, zullen de afkoopwaarden in de personenbelasting afzonderlijk belastbaar zijn overeenkomstig bovenvermelde wetsartikelen wanneer zij aan alle vereiste voorwaarden beantwoorden.

Wanneer een ex-mijnwerker verkiest vóór de leeftijd van 60 jaar naar aanleiding van zijn wettelijke pensionering zijn spaartegoed volledig of gedeeltelijk op te vragen minder dan 5 jaar na de laatste storting, wordt alleen het opgenomen spaartegoed dat proportioneel overeenstemt met de stortingen die ten minste 5 jaar zijn aangehouden gebleven, afzonderlijk belast. Het deel van het spaartegoed dat proportioneel betrekking heeft op de stortingen die niet gedurende 5 jaren zijn aangehouden gebleven, zal dan tegen het progressieve tarief worden belast.