Parlementaire vraag nr. 528 van de heer Peter Vanvelthoven en vraag nr. 524 van de heer Stefaan Vercamer van 21.05.2015

Mondelinge parlementaire vraag nr. 528 van de heer Peter Vanvelthoven en vraag nr. 524 van de heer Stefaan Vercamer dd. 21.05.2015

Kamer, Integraal verslag – Plenumvergadering, 2014-2015, CRIV 54 PLEN 47 dd. 21.05.2015, blz. 39

De verhoging van het vakantiegeld voor invaliden en gepensioneerden die volledig wordt wegbelast

VRAAG (van de heer Vanvelthoven)

Mijnheer de minister, in het raam van de welvaartsenveloppe hebben de sociale partners aan de regering gevraagd een aantal maatregelen te nemen, onder meer om voor gepensioneerde invaliden het vakantiegeld te verhogen. De regering is daarop ingegaan. Dat is een uitstekende zaak. Het maakt dat de gepensioneerde invaliden dankzij de verhoging een behoorlijk vakantiegeld krijgen zodat zij dat geld echt kunnen gebruiken om er eens tussenuit te gaan. Het is dus een goede maatregel. De sociale partners hebben nog een tweede zaak gevraagd, namelijk dat de regering erover zou waken dat het extra bedrag dat de mensen krijgen, 160 euro, niet zou worden geneutraliseerd door de fiscus. Uw collega mevrouw De Block zou u blijkbaar hebben gewaarschuwd dat dit er zit aan te komen. Wat zien wij nu? Er blijken heel wat dossiers waarin mensen die de 160 euro extra krijgen, meer belastingen moeten betalen dan 160 euro. Ik neem aan dat dit niet de bedoeling was. Het zou over enkele duizenden dossiers gaan. Kunt u daarvoor een oplossing bieden, mijnheer de minister?

VRAAG (van de heer Vercamer)

Mijnheer de minister, mijn vraag gaat ook over de welvaartsenveloppe van 627 miljoen euro. De bedoeling daarvan is de welvaartsachterstand van de minimumuitkeringen en de invaliden, de mensen met de minste koopkracht, terug te dringen. Zoals collega Vanvelthoven zegt, zou de maatregel een pervers effect kunnen hebben: de 168 euro extra vakantiegeld die de betrokkenen deze maand zouden moeten ontvangen, zou door de fiscus worden afgeroomd omdat de betrokkenen een hoger inkomen krijgen. Dat is absoluut niet de bedoeling en het is ook zo niet afgesproken. De CD vraagt dan ook dat er dringend een sociale correctie zou gebeuren. Er zijn oplossingen voor. Invaliden en mensen die minstens een jaar arbeidsongeschikt zijn, hebben nu al een verhoogd belastbaar minimumbedrag. Zij moeten daarvoor een code aankruisen op hun belastingbrief. Als men dat bedrag optrekt, kunnen wij hiermee vooruit. Als wij dat dan ook nog structureel zouden doen zodat het bedrag ook bij de volgende welvaartsenveloppes mee evolueert, dan zou het een goede oplossing zijn. Ik heb nog een tweede vraag. In september zullen de minimumuitkeringen met 2 % stijgen. Er is afgesproken met de sociale partners dat de grensbedragen zouden worden aangepast. Als de grensbedragen, waarop men zich baseert om bijkomende rechten toe te kennen, niet worden aangepast, dan dreigen er opnieuw een paar duizenden mensen honderden euro’s te verliezen. Zij zullen immers hun verhoogde tegemoetkoming verliezen als de grensbedragen niet mee evolueren. Ik wil dan ook vragen dat ook dat akkoord met de sociale partners zou worden gerespecteerd en uitgevoerd. Wat zult u doen om de zaak op te lossen en wanneer zult u dat doen, mijnheer de minister?

ANTWOORD (van de Minister van Financiën)

Collega’s, laten wij inderdaad niet onnozel doen. Er kan een probleem bestaan rond de fiscaliteit met betrekking tot de verhoging van het vakantiegeld voor belastingplichtigen die een pensioen of een invaliditeitsuitkering krijgen, met name voor de alleenstaande belastingplichtigen die eventueel, door de verhoging van het vakantiegeld, binnen het toepassingsgebied vallen van de bijkomende belastingvermindering. Die bijkomende vermindering brengt de personenbelasting terug tot het verschil tussen het genoten pensioen en een referentie-inkomen. Dat referentie-inkomen is voor het aanslagjaar 2000 in beginsel bevroren op het referentie-inkomen voor het aanslagjaar 2015, dat afgerond 15 500 euro bedraagt voor belastingplichtigen die enkel een pensioen genieten en 17 250 euro voor belastingplichtigen die enkel wettelijke ziekte- en invaliditeitsuitkeringen genieten. De toepassing van de gemeentelijke en provinciale opcentiemen op de verschuldigde personenbelasting kan in die gevallen inderdaad leiden tot een lager netto-inkomen na belastingen dan voor de verhoging van het vakantiegeld. Dat kan inderdaad niet de bedoeling zijn. Die problematiek is niet nieuw en deed zich in het verleden nog voor bij een verhoging van de sociale uitkeringen in het raam van de welvaartsenveloppe. Het is geen eenvoudige materie. Er zal door de administratie, op mijn verzoek, zo spoedig mogelijk worden bekeken wat de mogelijke oplossingen zijn om het steeds weer terugkerend probleem in de toekomst te vermijden en structureel te bannen uit die thematiek.

CONCLUSIE (van de heer Vanvelthoven)

Mijnheer de minister, ik dank u voor uw antwoord. Ik kan mij natuurlijk volledig achter uw ambitie scharen. Binnenkort bespreken wij een programmawet en een wet houdende diverse bepalingen. Het zou mooi zijn dat op dat ogenblik ook deze problematiek geregeld wordt, want het gaat inderdaad over iets wat voor de mensen in de maand mei is ingegaan. Als wij snel willen gaan, dan is dat de ideale gelegenheid.

CONCLUSIE (van de heer Vercamer)

Mijnheer de minister, ik dank u voor uw antwoord. Het is misschien niet eenvoudig, maar moeilijk gaat ook. Sociale correcties moeten effectief leiden tot correcties. Dat is ook de afspraak, zeker voor die groep, met de sociale partners. De fiscale regels moeten zo worden aangepast dat er voor die kwetsbare groep effectief een koopkrachtverhoging komt. Als men het heeft over belastingverlagingen voor werknemers en werkgevers, dan kan het toch niet dat net die groep meer belast zou worden dan diegenen die niet in zo’n kwetsbare situatie verkeren? Voor ons moet er echt een correctie komen zodat de koopkracht van die mensen effectief verhoogd wordt door de verhoging van de welvaartsenveloppe.