Parlementaire vraag nr. 928 van de heer Arens van 26.09.2005

Parlementaire vraag nr. 928 van de heer Arens dd. 26.09.2005

Vragen en Antwoorden, Kamer, 2005-2006, nr. 099, blz. 17921-17923

Pensioenen en vervangingsinkomsten - Feitelijke vrijstelling - Fiscale inkomensval

VRAAG

Artikel 154 van het Wetboek van inkomstenbelastingen 1992 bepaalt dat geen belasting is verschuldigd wanneer het inkomen uitsluitend bestaat uit pensioenen en vervangingsinkomsten en het totale bedrag van die inkomsten niet hoger is dan het maximumbedrag van de wettelijke werkloosheidsuitkering.

In tegenstelling tot de belastingaftrek, die de belastbare grondslag vermindert vóó r de berekening van de belasting, strekt de in artikel 154 WIB 1992 bedoelde belastingvermindering ertoe de belasting te verlichten en in sommige gevallen zelfs een deel van de belasting te schrappen.

Aldus is de belasting die - na toepassing van de onderscheiden verminderingen - overblijft, niet verschuldigd wanneer het inkomen uitsluitend bestaat uit pensioenen of vervangingsinkomsten en die inkomsten het maximumbedrag van de wettelijke werkloosheidsuitkering niet overstijgen.

Wanneer die inkomensgrens echter licht wordt overschreden, leidt zulks doorgaans tot het verlies van het voordeel van de bijkomende vermindering met als gevolg dat de belastingplichtigen die die grens overschrijden, met een inkomen tussen 12 207 en 13 208 euro, een belasting verschuldigd zijn waardoor hun beschikbaar inkomen lager wordt dan de belastingvrije som.

Voorbeelden:

a)aangegeven pensioeninkomsten: 12 206 euro verschuldigde belasting 0,00 euro netto-inkomen: 12 206 euro
b)aangegeven pensioeninkomsten: 12 207 euro verschuldigde belasting 493 euro netto-inkomen: 12 207 - 493 = 11 714 euro, dus minder dan de belastingvrije som de belasting zou moeten worden beperkt tot 12 208 - 12 207 euro = 1 euro
c)aangegeven pensioeninkomsten: 12 300 euro verschuldigde belasting 530 euro netto-inkomen: 12 300 - 530 = 11 770 euro, dus minder dan de belastingvrije som de belasting zou moeten worden beperkt tot 12 300 - 12 207 = 93 euro
d)aangegeven pensioeninkomsten: 12 600 euro verschuldigde belasting 650 euro netto-inkomen: 12 600 - 650 = 11 950 euro, dus minder dan de belastingvrije som de belasting zou moeten worden beperkt tot 12 600 - 12 207 = 393 euro
e)aangegeven pensioeninkomsten: 13 028 euro verschuldigde belasting 821 euro netto-inkomen: 13 028 - 821 = 12 207 euro regularisatie onnodig, aangezien het netto-inkomen gelijk is aan de belastingvrije som.

1. Kloppen deze vaststellingen?

2. Zo ja, moet niet worden overwogen die drempel aan te passen?

3. Overweegt u een nieuw criterium in te voeren waarbij niet langer naar het maximumbedrag van de werkloosheidsuitkering wordt verwezen wanneer de inkomsten uitsluitend uit een pensioen bestaan?

4. Zou de belasting niet moeten worden beperkt tot het verschil tussen de belastingvrije som en het inkomen waarvoor geen enkele belasting verschuldigd is? Zo niet, waarom niet?

ANTWOORD (vice-eerste minister en minister van Financiën, 14.11.2005)

Ik ben mij zeer bewust van de door het geachte lid aangehaalde problematiek.

Ik had mijn bevoegde administratie opgedragen om de zaak te onderzoeken.

Terzake zijn ontwerpen van tekst opgesteld.

Mijn voorstellen werden evenwel niet in overweging genomen omwille van budgettaire redenen.