Parlementaire vraag nr. 711 van de heer Berben van 22.09.1993
VRAAG 93/711
Bull. nr. 736, pag. 653
Inkomstenbelastingen - Belasting van niet-inwoners - Aangifte
Artikel 309 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 bepaalt dat de belastingplichtigen waarvoor de gronden van belastbaarheid inzake personenbelasting of als niet-rijksinwoner inzake belasting van niet-inwoners overeenkomstig de artikelen 243 tot 245 voor 31 december zijn weggevallen, aan de bevoegde aanslagdienst een aangifteformulier moeten aanvragen voor het gedeelte van het jaar waarvan die gronden aanwezig waren. Die aangifte moet binnen drie maanden nadat de gronden van belastbaarheid zijn weggevallen, ingediend zijn.
Een voorbeeld : gedurende de periode 1 januari 1991 tot 30 juni 1993 wordt de bezoldiging van een werknemer niet-rijksinwoner betaald en ten laste genomen door een Belgische vennootschap (artikel 228, § 2, 6°, WIB 1992). Op 1 juli 1993 worden de betaling en de tenlasteneming stopgezet. De betrokken ex-werknemer oefent alvast in de daaropvolgende maanden geen werkzaamheden meer uit in België (artikel 228, § 2, 7°, WIB 1992).
Op grond van de artikelen 309 en 166 van het WIB 1992 moet een aangifte in de belasting van de niet-inwoners worden ingediend voor die periode.
De gronden van belastbaarheid ontstaan uit het feit dat inkomsten in België worden verkregen (artikel 228, § 1) en, in bijkomende orde, dat in België gedurende meer dan 183 dagen werkzaamheden worden uitgeoefend (artikel 228, § 2, 7°). Indien een andere visie zou worden aangenomen, zou elke niet-rijksinwoner - ongeacht waar hij woont, waar zijn inkomsten worden betaald of ten laste worden genomen - in België aangifteplichtig worden !
In het voorbeeld wordt de aangifte dan ook verbonden aan het aanslagjaar dat wordt genoemd naar het jaar waarin de aan te geven inkomsten zijn verkregen.
| 1. | Is dat inderdaad het geval ? |
2. Is het antwoord hetzelfde als de niet-rijksinwoner een tijdelijk kaderlid is (cf. Com. WIB 216/3 en volgende; rondzendbrief van 6 oktober 1987, Directie II/6 Ci. RH 852/387.606) ?
| 3. | Als het antwoord verschillend zou zijn, waarom is dat zo ? |
ANTWOORD
Het antwoord op de vragen 1 en 2 luidt bevestigend.
Toch wens ik er de aandacht van het geacht lid op te vestigen dat wanneer de niet-inwoners en buitenlandse kaderleden waarop het bijzonder aanslagstelsel, ingevoerd door de rondzendbrief van 8 augustus 1983, Ci. RH 624/325.294, van toepassing is, na hun vertrek uit België nog aan de regularisatie onderworpen inkomsten behalen, zij voor het betreffende aanslagjaar een "gewone" aangifte in de belasting van de niet-inwoners moeten indienen.
Bron: FisconetPlus
