Parlementaire vraag nr. 518 van de heer Eerdekens van 27.11.2000
VRAAG 00/518
Bull. nr. 817, pag. 1627
Vr. en Antw., Kamer, 2002-2003, nr. 69, blz. 7791
Onderzoek van het bezwaarschrift
VRAAG
Teneinde de behandeling van het bewaarschrift te verzekeren, zegt artikel 374 van het WIB 1992, beschikt een ambtenaar van de administratie der Directe Belastingen met een hogere graad van die van controleur over de bewijsmiddelen en de bevoegdheden die aan de administratie verleend zijn bij de artikelen 315 tot 319, 322 tot 330, 333 tot 336, 339 tot 343 en 346.
1. Mag uit de artikelen 374 en 333 van het WIB 1992 opgemaakt worden dat de met de behandeling van het bezwaarschrift belaste ambtenaar geen onderzoekingen meer mag verrichten als de in artikel 354, eerste lid, van het WIB 1992 vastgestelde termijn van drie jaar verstreken is ?
2. Zo ja, wat moet de met de behandeling van het bezwaarschrift belaste ambtenaar doen wanneer de onderzoekstermijn van drie jaar zoals bepaald bij artikel 354, eerste lid, van het WIB 1992 verstreken blijkt te zijn en hij derhalve geen onderzoekingen meer kan verrichten met betrekking tot het bezwaar ?
ANTWOORD
Het antwoord op vraag 1 is neen.
De verwijzing naar artikel 333, WIB 1992 in artikel 374, WIB 1992 kan immers slechts betekenen dat de inspecteur die het bezwaarschrift behandelt, over de machten en bevoegdheden beschikt die zijn verleend in artikel 333, WIB 1992, maar niet dat hij bij de uitoefening daarvan beperkt is door de termijn voorgeschreven in het tweede lid van artikel 333, WIB 1992, die uitsluitend betrekking heeft op de onderzoekingen te verrichten door de ambtenaren die belast zijn met de controle van de aangiften (zie in die zin, Gent, 9 mei 1975, Bull. Bel., nr. 547, blz. 121).
Het negatieve antwoord op vraag 1 heeft voor gevolg dat vraag 2 zonder voorwerp wordt.
Bron: FisconetPlus
