Parlementaire vraag nr. 3-362 van de heer Verreycken van 16.10.2003

VRAAG 03/3/362
Vr. en Antw., Senaat, 2003-2004, nr. 3-6, blz. 426-427
Vrijstelling aangifteplicht
VRAAG
Volgens persartikelen in Knack en Journaal zou wijlen Koning Boudewijn een kapitaal ter waarde van 12 miljard Belgische frank, dus nu ongeveer 297 472 230 euro gedeponeerd hebben op buitenlandse rekeningen, vooral Noord-Amerikaanse.
Waarschijnlijk zijn ook door anderen meerdere kapitalen op buitenlandse rekeningen geparkeerd, aangezien de regering een terugkeeramnestie voorziet. De burger die een belastingaangifte indient kan trouwens altijd buitenlandse tegoeden aangeven.
Welke categorieën van burgers zijn niet onderworpen aan de plicht tot indienen van een reguliere belastingsaangifte? Ik denk, bij wijze van niet-limitatief voorbeeld, aan diplomaten, ambassadepersoneel, Europese ambtenaren, het koningshuis.
ANTWOORD (minister van Financiën)
Krachtens artikel 305 van het Wetboek van de Inkomstenbelastingen 1992 (WIB 1992) zijn alle belastingplichtigen die aan de personenbelasting, aan de vennootschapsbelasting of aan de rechtspersonenbelasting onderworpen zijn, zomede de belastingplichtigen die ingevolge de artikelen 232 tot 234, WIB 1992, aan de belasting van niet-inwoners zijn onderworpen, gehouden ieder jaar een aangifte in te dienen in de vormen en binnen de termijnen zoals voorzien in de artikelen 307 tot 311, WIB 1992.
Inzake de personenbelasting betekent dit dat de aangifteplicht van toepassing is op alle rijksinwoners of met andere woorden (artikel 3, WIB 1992):
  • de natuurlijke personen die in België hun woonplaats of de zetel van hun fortuin gevestigd hebben;
  • de Belgische diplomatieke ambtenaren en consulaire beroepsambtenaren die in het buitenland zijn geaccrediteerd, alsmede hun inwonende gezinsleden;
  • de andere leden van Belgische diplomatieke zendingen en consulaire posten in het buitenland, alsmede hun inwonende gezinsleden, daaronder niet begrepen consulaire ere-ambtenaren;
  • de andere ambtenaren, vertegenwoordigers en afgevaardigden van de Belgische Staat, van de gemeenschappen, gewesten, provincies, agglomeraties, federaties van gemeenten en gemeenten, of van een Belgisch publiekrechtelijk lichaam, die de Belgische nationaliteit bezitten en hun werkzaamheden buitenlands uitoefenen in een land waar zij niet duurzaam verblijf houden.
Bepaalde categorieën van belastingplichtigen kunnen evenwel vrijgesteld worden van de bovenvermelde aangifteplicht in de personenbelasting (artikel 306, § 1, WIB 1992 en artikel 178, koninklijk besluit tot uitvoering van het WIB 1992), met name:
  • de belastingplichtigen zonder beroepswerkzaamheid ingeval hun belastbare inkomsten minder bedragen dan de belastingvrije som indien het om een alleenstaande gaat of de samengestelde belastingvrije sommen indien het om echtgenoten gaat;
  • de belastingplichtigen die slechts bepaalde belastbare inkomsten moeten aangeven.