Parlementaire vraag nr. 612 van mevrouw Veerle Wouters van 06.11.2012
Parlementaire vraag nr. 612 van mevrouw Veerle Wouters dd. 06.11.2012
Vragen en Antwoorden, Kamer 2012-2013, nr. 94 van 24.12.2012, blz. 56
Inkomstenbelasting
Personenbelasting
Aangifte in de PB
Aangifteformulier
Aangifteplicht
Roerend inkomen
Aanslagjaar 2012
Aangifte speciaal
VRAAG
De aangifte in de inkomstenbelastingen moet worden gedaan op een formulier waarvan het model door de Koning wordt vastgesteld en dat wordt uitgereikt door de bevoegde dienst (artikel 307, § 1 WIB92). Volgens de geijkte formulering bestaat sinds aanslagjaar 2005 het formulier in de personenbelasting uit twee onderdelen :
1° een onderdeel met als opschrift "Voorbereiding van de aangifte" dat alle nodige vermeldingen bevat om het in 2° vermelde onderdeel correct in te vullen;
2° een onderdeel met als opschrift "Aangifte in de personenbelasting" dat moet worden teruggezonden naar de dienst die voorkomt op het genoemde aangifteformulier.
1. Maakt de administratie via de circulaire nr. Ci.RH.82/619.706 (AAFisc. nr. 29/2012), die "zes codes buiten aangifte" bevat, die moeten toelaten "het bedrag van de in principe aan 21% belastbare interesten en dividenden te vermelden", zich niet schuldig aan machtsoverschrijding door het aangifteformulier aan te vullen voor de belastingplichtigen die een aangifte aanslagjaar 2012 speciaal moeten indienen ?
2. Is in rechte enkel het terug te zenden onderdeel, met name het "lottoformulier", dat moet worden vastgesteld door de Koning, niettegenstaande het aangifteformulier uit twee onderdelen bestaat die een geheel vormen doch materieel van elkaar kunnen worden gescheiden doch allebei officieel zijn, bewijskrachtig voor zover die aangifte geldig is (Vragen en Antwoorden, Kamer, 2004-2005, nr. 86, blz. 14.998 (vraag nr. 783 van 9 mei 2005 van de heer Carl Devlies) ?
3. a) Als de administratie extra codes kan toevoegen aan het onderdeel dat moet worden teruggezonden naar de administratie, beantwoordt het "lottoformulier" zonder vermelding van codes als dusdanig wel aan de wettelijke vereiste dat het aangifteformulier wordt vastgesteld door de Koning ?
b) Moeten volgens de wet met andere woorden de codes en hun omschrijving niet zelf zijn opgenomen in het formulier dat moet worden teruggezonden naar de administratie ?
4. Kan de administratie wel een sanctie opleggen of aanslag van ambtswege vestigen en de verlengde aanslagtermijn van drie jaar toepassen in hoofde van belastingplichtigen die geen (geldige) of laattijdige aangifteformulier indienen wanneer de bevoegde dienst geen aangifteformulier uitreikt, dat beantwoordt aan artikel 307, § 1 WIB92 ?
ANTWOORD (van de heer Vanackere, Vice-Eerste Minister en Minister van Financiën en Duurzame Ontwikkeling, belast met Ambtenarenzaken)
1. en 3. Het model van de aangifte in de personenbelasting wordt jaarlijks vastgelegd per koninklijk besluit. De door het geachte lid beoogde bepalingen die wijzigingen invoeren met betrekking tot de aangifteplicht voor roerende inkomsten die vanaf 1 januari 2012 toegekend of betaalbaar gesteld zijn, zijn echter opgenomen in een wet. Gezien de fiscale wet van openbare orde is, de algemene aangifteverplichting, en rekening houdende met het legaliteitsbeginsel, kan de Administratie niet afzien van belastingheffing op bedoelde inkomsten. Het ontbreken van een specifiek vak in het aangifteformulier mag dus zeker niet leiden tot een vrijstelling van aangifte van deze inkomsten. Derhalve dient gehandeld te worden, zoals omschreven in de door het geachte lid aangehaalde circulaire van 21 september 2012 (AAFisc. nr. 29/2012), ingeval men te maken heeft met een aangifte aanslagjaar 2012 speciaal.
2. Het antwoord op de door het geachte lid aangehaalde parlementaire vraag, is nog steeds van toepassing: het onderdeel dat aan de Administratie wordt toegezonden, heeft volgens het gemeen recht de bewijskracht van een onderhandse akte, het onderdeel dat de belastingplichtige kan bewaren, heeft geen bijzondere bewijskracht.
4. Zoals medegedeeld in de circulaire van 21 september 2012 (AAFisc. nr. 29/2012), zal de Administratie, omwille van de bijzondere omstandigheden, geen enkele administratieve sanctie toepassen in de gevallen waarin de in artikel 309 van het Wetboek van de Inkomstenbelastingen 1992 (WIB92) bedoelde belastingplichtigen die gehouden zijn een aangifte aanslagjaar 2012 speciaal in de personenbelasting in te dienen, zouden nagelaten hebben de beoogde roerende of diverse inkomsten aan te geven. De betrokken belastingplichtigen werden op de hoogte gesteld van deze wijzigingen via de bij de papieren aangifte speciaal aanslagjaar 2012 bijgevoegde voorbereiding van de aangifte, welke werd aangevuld met de nieuwe codes. Ingeval de belastingplichtige een aangifte aanslagjaar speciaal moet indienen (artikel 309 WIB92) en dit nalaat te doen of laattijdig doet, heeft de administratie het recht om een aanslag van ambtswege te vestigen.
