Parlementaire vraag nr. 140 van de heer Steven Matheï van 16.12.2020

Kamer, Vragen en Antwoorden, 2020-2021, QRVA 55/036 d.d. 27.01.2021, blz. 205

Aanvraag erkende instelling giften.

VRAAG (van de heer Matheï)

Voor giften aan verenigingen of instellingen kan men onder bepaalde voorwaarden rekenen op een belastingvermindering van 60 % van het bedrag van de gift. Een van de voorwaarden stelt dat enkel giften aan erkende instellingen in aanmerking kunnen komen voor de belastingvermindering. Enerzijds gaat het over de door de wet erkende instellingen en anderzijds instellingen die erkenning kunnen krijgen na een procedure.

Artikel 63 (18/1), § 7 (koninklijk besluit WIB) bepaalt welke zaken de aanvragen om erkenning of hernieuwing van de erkenning moeten bevatten. De aanvragen moeten onder andere gestaafd worden met een voor eensluidend verklaard afschrift van de rekening van de ontvangsten en uitgaven van het laatst afgesloten boekjaar en van de begroting van het lopende boekjaar.

Artikel 63 (18/1), § 5 (koninklijk besluit WIB) stelt onder andere dat de aanvragen om erkenning of hernieuwing van de erkenning pas kunnen plaatsvinden drie maanden na de datum waarop de aanvragende instelling rechtspersoonlijkheid verkregen heeft.

1. Veronderstelt de hogervermelde passage uit artikel 63 (18/1), § 7 dat er reeds sprake moet zijn van een afgesloten boekjaar? Kan met andere woorden een vzw pas erkenning aanvragen ten vroegste na de afsluiting van een eerste (eventueel verlengd) boekjaar? Zo ja, impliceert dit dat de bepaling in artikel 63 (18/1), § 5 geen zin heeft aangezien deze passage stelt dat de aanvragen om erkenning of hernieuwing van de erkenning pas kunnen plaatsvinden drie maanden na de datum waarop de aanvragende instelling rechtspersoonlijkheid verkregen heeft?

2. Kan een vzw als meerdere instellingen erkend worden (bijv. zowel instelling voor wetenschappelijk onderzoek als instelling voor hulp aan misdeelden)?

ANTWOORD (van de Minister van Financiën)

1. De bepalingen van artikel 63(18/1), § 5 van het koninklijk besluit tot uitvoering van het Wetboek van de Inkomstenbelastingen 1992 (koninklijk besluit/WIB 92) heeft inderdaad zelden zin aangezien de aanvraag tot erkenning steeds moet vergezeld zijn van de rekeningen van een afgesloten boekjaar volgens artikel 63(18/1), § 7 van het koninklijk besluit/WIB 92.

Enkel wanneer een nieuw opgerichte vereniging de activa en passiva overneemt van een reeds bestaande vereniging kunnen de bepalingen van artikel 63(18/1), § 5 hun toepassing vinden. De nieuwe vereniging kan dan de rekeningen van de overgenomen vereniging tot staving van haar aanvraag tot erkenning toevoegen.

2. Instellingen mogen meer dan één activiteit uitoefenen die voor een erkenning in aanmerking komt. In dat geval, moeten ze echter voldoen aan de voorwaarden om voor elk van deze activiteiten te kunnen worden erkend (artikel 145(33), § 3, al. 2, WIB 92). De erkenning wordt echter verleend aan de volledige rechtspersoon en niet voor een deel van haar activiteiten.