Parlementaire vraag nr. 1096 van mevrouw Pieters van 18.01.2006

VRAAG 06/1096
Vr. en Antw., Kamer, 2005-2006, nr. 113, blz. 21567-21569
Terugbetaling van eigen kosten van de werkgever - Akkoorden
VRAAG
Overeenkomstig de administratieve richtlijnen uitgevaardigd bij de instructie nr. Ci.RH.421/456.942 van 3 december 1993 en de instructie nr. Ci.RH.81/ 534.479 van 11 december 2000 kunnen op belastingvlak de rechtsonderhorigen bij de Inspecteurs A of bij de Directeurs A blijkbaar op lokaal vlak «voorafgaande akkoorden» sluiten met betrekking tot de terugbetaling van niet-belastbare kosten eigen aan de vennootschap-werkgeefster.
Na de fiscale herstructureringen en andere hervormingen rijzen terzake thans dan ook nog altijd de volgende algemene praktische vragen.
1. Tot al welke belasting- en geschillenambtenaren of adviserende diensten van de administratie van de Ondernemings- en Inkomensfiscaliteit van zowel de klassieke controles van de directe belastingen, als van de polyvalente controlecentra (Afdelingen V) kunnen de belastingplichtigen zich voortaan schriftelijk wenden ?
2.
a) Kunnen de betrokken werkgevers eveneens gelijktijdig soortgelijke individuele akkoorden sluiten met de diensten verbonden aan de FOD Sociale Zekerheid, de FOD Werkgelegeneheid, Arbeid en Sociaal Overleg en met de RSZ ?
b) Zo neen, waarom nog steeds niet en welke nuttige initiatieven werden er tot nu toe reeds ondernomen of zullen er weldra worden getroffen opdat alle betrokken fiscale en sociale diensten op eenzelfde golflengte zouden werken ?
c) Tot welke territoriaal bevoegde sociale diensten kunnen de werkgevers zich dienaangaande dan ook respectievelijk allemaal richten ?
3. Binnen welke respectievelijke redelijke termijnen mogen de werkgevers-belastingplichtigen op een dergelijk voorafgaand en redelijk akkoord vertrouwen ?
4. Op welke wijze, op welk hiërarchisch niveau en wanneer moet al dergelijke informatie door de betrokken fiscale en parafiscale diensten desgevallend officieel en onderling worden uitgewisseld ?
5. Tot al welke hogere fiscale en sociale instanties kunnen de belastingplichtigen zich respectievelijk richten wanneer zij geen vrede kunnen nemen met het voorgesteld voorafgaand akkoord ?
ANTWOORD (vice-eerste minister en minister van Financiën, 14.03.2006)
1. Wat betreft het sluiten van akkoorden in toepassing van artikel 50, § 1, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 (WIB 1992) met betrekking tot vergoedingen aan bedrijfsleiders en/of aan personeelsleden aangemerkt als «terugbetalingen van eigen kosten van de werkgever» blijven de richtlijnen onverminderd van toepassing. Nieuwe akkoorden dienen te worden gesloten met instemming van:
  • de directeur van de gewestelijke directie van de administratie der directe belastingen voor vennootschappen met tenminste 100 werknemers;
  • de eerst aanwezend inspecteur van de inspectie A voor vennootschappen met minder dan 100 werknemers.
2. Deze vraag behoort niet tot de bevoegdheid van de minister van Financiën.
3. Het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 bepaalt geen specifieke termijnen voor het afsluiten van dergelijke akkoorden. Het spreekt voor zich dat steeds een redelijke termijn wordt beoogd.
4. De in vraag 1 bedoelde akkoorden die vanaf 8 augustus 2005 zijn gesloten, zijn ingevolge artikel 111 van de wet van 20 juli 2005 houdende diverse bepalingen ( Belgisch Staatsblad 29 juli 2005 - Ed. 3) enkel bindend inzake inkomstenbelastingen.
Verder laat artikel 337, WIB 1992, toe, indien de noodzaak daartoe bestaat, inlichtingen uit te wisselen met andere overheidsdiensten.
5. Een akkoord wordt gesloten met instemming van de beide partijen. Artikel 50, § 1, WIB 1992, bepaalt verder dat indien geen akkoord wordt bereikt, de administratie die kosten op een redelijk bedrag taxeert.