Parlementaire vraag nr. 1222 van de heer Van Hoorebeke van 02.02.1998
VRAAG 98/1222
Vr. en Antw., Kamer, 1997-1998, nr. 143, blz. 19676-19678
Bull. nr. 790, pag. 657
Gemengde bankrekening - Inzage
VRAAG
1. Wanneer een belastingplichtige een financiële rekening zowel voor beroeps- als privé-doeleinden gebruikt, mag de administratie ongeacht de motieven en de regelmaat van dergelijk gebruik, alle verantwoordingsstukken onderzoeken die betrekking hebben op de door middel van die rekening gedane verrichtingen?
2. Indien de belastingplichtige bepaalde crediteringen van een beroepsrekening niet aangeeft omdat de bedragen in kwestie transferten zouden zijn afkomstig van een privé-rekening, kan de administratie dan de voorlegging eisen van alle rekeninguittreksels van de zogeheten privé-rekening om na te gaan of:
a) de transferten in kwestie wel degelijk privé-gelden betreffen;
b) er eventueel andere niet-aangegeven beroepsinkomsten op de bewuste privé-rekening voorkomen?
3. Wat gebeurt er indien de belastingplichtige weigert de uittreksels voor te leggen?
ANTWOORD
1. Wanneer de belastingplichtige zijn rekening voor privé- en beroepsdoeleinden gebruikt, mogen al de verantwoordingsstukken (periodieke uittreksels, debet- en creditberichten, verantwoordingsstroken, afschriften van opdrachten, enz.) van de op die rekening uitgevoerde verrichtingen door de administratie worden ingezien. Enkel die bescheiden maken het immers mogelijk het privé- of professioneel karakter van de verrichtingen te bepalen (zie de administratieve commentaar op artikel 315 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 - WIB 1992 -, nr. 315/6).
Het bankgeheim (zie artikel 318, WIB 1992) verhindert de administratie niet om zich, met het oog op de verificatie, de bescheiden betreffende zijn bankrekening te doen overleggen waarover de belastingplichtige beschikt, wanneer die rekening, zelfs gedeeltelijk, tot beroepsdoeleinden wordt gebruikt (voormelde commentaar, nr. 315/7).
2. Wanneer een belastingplichtige een post- of bankrekening tot beroepsdoeleinden gebruikt, mogen alle bescheiden betreffende die rekening worden geverifieerd.
Gelet op de grote verscheidenheid van de toestanden waarin de belastingplichtigen zich kunnen bevinden, kan slechts in het licht van de feitelijke omstandigheden in ieder afzonderlijk geval worden vastgesteld of een rekening al dan niet tot beroepsdoeleinden wordt aangewend.
De administratie kan op zijn minst de voorlegging eisen van de uittreksels van de privé-rekening waarop de transferten naar het credit van de beroepsrekening staan vermeld.
3. Wanneer de belastingplichtige weigert de uittreksels van de financiële rekeningen voor te leggen, begaat hij een overtreding op voormeld artikel 315.
Krachtens artikel 445, WIB 1992, kan de administratie dergelijke overtreding met een administratieve boete bestraffen.
In geval van weigering van het voorleggen van gevraagde stukken kan de administratie de aanslag ambtshalve vestigen op het bedrag van de belastbare inkomsten die zij kan vermoeden op grond van de gegevens waarover zij beschikt.
Bron: FisconetPlus
