Parlementaire vraag nr. 257 van de heer Christian Leysen van 06.03.2020

Kamer, Vragen en Antwoorden, 2019-2020, QRVA 55/016, d.d. 20.04.2020, blz. 104

Financieringskostensurplus

VRAAG

Deze vraag betreft de toepassing van de regelgeving van het zogenaamd financieringskostensurplus, als vermeld in artikel 198/1 WIB 92.

Artikel 198/1, §3, 4° alinea, 4° punt WIB 92 stelt inzake de mate waarin een belastingplichtige zijn financieringskostensurplus kan aftrekken: "wordt het grensbedrag van de belastingplichtige naargelang hetgeen is overeengekomen verhoogd of verlaagd met het overgedragen grensbedrag dat in de interestaftrek-overeenkomst werd vastgelegd;".

De vraag stelt zich of men hier dus meer kan overdragen dan zijn grensbedrag. In dergelijk geval zullen de uitgaven van de belastingplichtige verworpen worden voor een bedrag gelijk aan het positieve verschil tussen het overgedragen bedrag en het grensbedrag.

1. Geldt deze sanctie ook indien reeds in de interestaftrek- overeenkomst een hoger bedrag werd overgedragen dan het op dat moment berekende grensbedrag van de belastingplichtige?

2. Kan de ontvangende vennootschap het gehele aan haar overgedragen grensbedrag aanwenden om na te gaan of haar financieringskostensurplus fiscaal aftrekbaar is, zelfs indien de overdragende vennootschap een hoger bedrag heeft overgedragen dan zijn grensbedrag?

3. Heeft de overdragende vennootschap op deze verworpen uitgave (het verschil tussen het overgedragen bedrag en zijn grensbedrag) de mogelijkheid om alle aftrekposten toe te passen (kosten van het boekjaar, overgedragen DBI aftrek en fiscale verliezen, enz.)?

ANTWOORD

De regeling van de interestaftrekbeperking voorziet dat de belastingplichtige, die deel uitmaakt van een groep van vennootschapen, voor de overdracht van zijn niet gebruikte grensbedrag, een interest aftrekovereenkomst kan sluiten met een andere binnenlandse vennootschap of een Belgische inrichting die tijdens het hele belastbare tijdperk deel heeft uitgemaakt van die groep en die niet is uitgesloten van de toepassing van de bedoelde regeling.

Op die manier moet het bedoelde grensbedrag van de belastingplichtige verlaagd worden met het overgedragen bedrag dat in de interest aftrekovereenkomst werd vastgelegd.

In dat verband ben ik van mening dat de overdracht in het kader van die regeling enkel een overdracht viseert van het deel van het grensbedrag dat niet werd gebruikt om de aftrek van het financieringskostensurplus mogelijk te maken en dat maximaal het grensbedrag van de belastingplichtige kan worden overgedragen.

Wanneer de belastingplichtige een bedrag overdraagt dat groter is dan zijn niet gebruikte grensbedrag, vormt het positieve verschil tussen het overgedragen bedrag en het niet gebruikte grensbedrag een verworpen uitgave.

De hiervoor aangehaalde bepalingen zijn eveneens van toepassing wanneer het overgedragen bedrag, zoals opgenomen in de interest aftrekovereenkomst, hoger zou zijn dan het op dat moment berekende grensbedrag van de belastingplichtige.

In uitvoering van de regeling van de interestaftrekbeperking wordt het grensbedrag van de ontvangende vennootschap verhoogd met het overeengekomen overgedragen bedrag waarbij dat laatste echter maximaal gelijk kan zijn aan het grensbedrag van de overdragende vennootschap.

De door u bedoelde aftrekbeperking van artikel 207, WIB 92, is niet van toepassing op de verworpen uitgaven die voortvloeien uit de toepassing van de regeling van de interestaftrekbeperking.