Parlementaire vraag nr. 9258 van de heer Chabot van 13.12.2005
Parlementaire mondelinge vraag nr. 9258 van de heer Chabot dd. 13.12.2005
Beknopt Verslag, Kamercommissie Financiën, Com 787, blz. 2-3
Vervangingsinkomen - Belastingvermindering - Begrip 'belastbaar inkomen'
VRAAG
Bij de lectuur van de artikelen 151 en 152 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen vragen sommigen zich af wat precies onder het begrip "belastbaar inkomen" moet worden verstaan met name wat de verminderingen voor vervangingsinkomens betreft. Luidens artikel 6 van het Wetboek wordt het belastbare inkomen gevormd door het totale netto-inkomen, verminderd met de aftrekbare bestedingen.
De administratieve interpretatie gaat ervan uit dat het begrip "belastbaar inkomen" zonder toepassing van de artikelen 87 en 88 van het Wetboek moet worden omschreven. Zo bepaalt artikel 129 dat "onder het belastbaar inkomen van een echtgenoot moet worden verstaan: het totale netto-inkomen van die echtgenoot dat zonder toepassing van het huwelijksquotiënt maar na aftrek van de verliezen van de andere echtgenoot is bepaald".
Ik vraag me af of die interpretatie van de technische directie, die naar analogie lijkt te zijn gebeurd, niet onwettig is, aangezien het fiscaal recht strikt van toepassing is. Ze is immers nadelig voor de belastingplichtige en zou in het kader van de geautomatiseerde berekening van de belastingen moeilijk toepasbaar zijn.
Een miljoen gezinnen leven van een vervangingsinkomen. De redenering van uw diensten kan 200 euro per gezin kosten, waardoor de laagste inkomens worden benadeeld. Welke maatregelen zal u nemen om een einde te maken aan die onrechtvaardigheid?
ANTWOORD (van de heer Reynders, minister van Financiën)
Er lijkt verwarring te bestaan tussen artikel 129 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen, dat de aanrekening van de verliezen van de ene echtgenoot op de inkomsten van de andere echtgenoot regelt, en artikel 149 van datzelfde Wetboek, dat het netto-inkomen, en niet het belastbaar inkomen, omschrijft als zijnde het totale netto-inkomen van iedere belastingplichtige zonder toepassing van de artikelen 87 en 88 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen.
Ik heb evenwel beslist dat bij de toepassing van de artikelen 151 en 152 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen van 1992 onder netto-inkomen moet worden verstaan: het globale belastbare inkomen van de belastingplichtige, bepaald na de eventuele toepassing van de artikelen 87 en 88 van datzelfde Wetboek. Deze redenering is in het voordeel van de belastingplichtige.
