Parlementaire vraag nr. 570 van de heer van Weddingen van 19.01.2001
VRAAG 01/570
Bull. nr. 827, pag. 1659-1661
Vr. en Antw., Kamer, 2001-2002, nr. 105, blz. 12320-12321
Vraag om inlichtingen VZW's
VRAAG
Het lijkt wel of sommige controlekantoren van de rechtspersonen, waaronder dat van Brussel II, systematisch verzoeken om inlichtingen aan de tot hun ambtsgebied behorende VZW's richten.
Die verzoeken om inlichtingen zijn blijkbaar gestandardiseerd en betreffen vele punten, waaronder een "omstandige inkomstenopgave", een "omstandige uitgavenopgave", een concordantie tabel van de lonen en salarissen met opgave 325 en een kopie van het boekhoudkundig overzicht.
1. Meent u niet dat aangezien bij het formuleren ervan geen rekening met de concrete situatie van de belastingplichtige wordt gehouden, de verzoeken overdreven zijn, vooral wanneer ze betrekking hebben op de omstandige opgave van alle inkomsten en uitgaven van een of meer boekjaren, zonder enig onderscheid?
2. Bent u niet van oordeel dat de administratie der Belastingen haar bevoegdheden te buiten gaat wanneer zij aan een vereniging die niet aan de boekhoudkundige reglementering is onderworpen, een boekhoudkundig overzicht vraagt?
3. Bent u niet van oordeel dat de controleur zijn boekje eveneens te buiten gaat wanneer hij een tabel vraagt waaruit de concordantie tussen een opgave en de boekhouding blijkt, in die zin dat de belastingplichtige verplicht is de administratie inlichtingen te verschaffen, maar hem niet mag worden gevraagd deze te verwerken en dus eigenlijk het werk van de controledienst op zich te nemen?
4. De bewuste formulieren voor het inwinnen van inlichtingen vermelden systematisch "gelieve ons in de toekomst spontaan deze inlichtingen als bijlage bij uw aangifte in de rechtspersonenbelasting te bezorgen".
Bent u niet van oordeel dat de controledienst zijn bevoegdheden te buiten gaat aangezien hij op die manier de lijst van de verplichte bijlagen bij de belastingaangifte wijzigt, wat alleen bij ministerieel besluit mag geschieden, en hij hoewel dit onwettig is, inlichtingen vraagt over nog niet aangevatte boekjaren?
ANTWOORD
Overeenkomstig artikel 307, § 3, eerste lid, van het Wetboek van de Inkomstenbelastingen 1992 (WIB 1992), vormen de bescheiden, opgaven en inlichtingen waarvan de overlegging in het vak X van het aangifteformulier 276.5 in de rechtspersonenbelasting wordt gevraagd, een integrerend deel van de aangifte en moeten ze worden bijgevoegd.
Overigens kan van de belastingplichtige, op grond van artikel 316, WIB 1992, gevraagd worden andere dan de hiervoor bedoelde inlichtingen te verstrekken met het oog op het onderzoek van zijn fiscale toestand, en kunnen de bekomen inlichtingen volgens artikel 317, WIB 1992 eveneens worden gebruikt met het oog op de taxatie van derden.
De door het geachte lid bedoelde vragen om inlichtingen, blijven binnen de perken van een normaal onderzoek van de belastingtoestand van de betrokken belastingplichtigen, zowel wat betreft het toepasselijk beslastingregime als de te verstrekken inlichtingen met het oog op de taxatie van derden.
De door het geachte lid onder punt 4 van de vraag bekritiseerde praktijk is het gevolg van de wens om onmiddellijk over alle nuttige inlichtingen voor het onderzoek van de belastingtoestand van de betrokken belastingplichtigen te beschikken, zonder deze laatsten met latere vragen lastig te moeten vallen.
In elk geval is het niet-verstrekken door de belastingplichtige van inlichtingen, andere dan die bedoeld in de aangifte zelf, geen inbreuk op artikel 307, § 3, eerste lid, WIB 1992, en heeft ze geen invloed op de geldigheid van de aangifte.
De administratie zal in een instructie de terzake na te leven richtlijnen herinneren.
Bron: FisconetPlus
