Parlementaire vraag nr. 659 van de heer Eerdekens van 18.04.2001
VRAAG 01/659
Vraag nr. 659 van de heer Eerdekens dd. 18.04.2001
Vr. en Antw., Kamer, 2000-2001, nr. 104, blz. 12163-12164
Bull. nr. 833, pag. 206-207
Subsidiaire aanslag
VRAAG
Artikel 356, eerste lid, van het WIB 1992, zoals dat tot het aanslagjaar 1998 van toepassing was, bepaalde dat wanneer tegen een met redenen omklede beslissing van de directeur der belastingen of van de door hem gedelegeerde ambtenaar beroep is aangetekend, de administratie, zelfs buiten de termijnen bepaald in de artikelen 353 en 354, een subsidiaire aanslag op naam van dezelfde belastingschuldige en op grond van alle of een deel van dezelfde belastingelementen als de oorspronkelijke aanslag, van ambtswege ter beoordeling aan het hof van beroep kan voorleggen.
Kan wanneer een oorspronkelijke aanslag die betrekking heeft op een eerder aanslagjaar dan 1999, nietig werd verklaard door de rechtbank van eerste aanleg, hieruit worden afgeleid dat, aangezien artikel 356, eerste lid, van het WIB 1992, zoals dat tot het aanslagjaar 1998 van toepassing was, naar het hof van beroep verwijst, de administratie een subsidiaire aanslag niet van ambtswege aan de beoordeling van de rechter mag voorleggen?
ANTWOORD
Het antwoord op de gestelde vraag luidt bevestigend.
Vraag nr. 659 van de heer Eerdekens dd. 18.04.2001
Vr. en Antw., Kamer, 2000-2001, nr. 104, blz. 12163-12164
Bull. nr. 833, pag. 206-207
Subsidiaire aanslag
VRAAG
Artikel 356, eerste lid, van het WIB 1992, zoals dat tot het aanslagjaar 1998 van toepassing was, bepaalde dat wanneer tegen een met redenen omklede beslissing van de directeur der belastingen of van de door hem gedelegeerde ambtenaar beroep is aangetekend, de administratie, zelfs buiten de termijnen bepaald in de artikelen 353 en 354, een subsidiaire aanslag op naam van dezelfde belastingschuldige en op grond van alle of een deel van dezelfde belastingelementen als de oorspronkelijke aanslag, van ambtswege ter beoordeling aan het hof van beroep kan voorleggen.
Kan wanneer een oorspronkelijke aanslag die betrekking heeft op een eerder aanslagjaar dan 1999, nietig werd verklaard door de rechtbank van eerste aanleg, hieruit worden afgeleid dat, aangezien artikel 356, eerste lid, van het WIB 1992, zoals dat tot het aanslagjaar 1998 van toepassing was, naar het hof van beroep verwijst, de administratie een subsidiaire aanslag niet van ambtswege aan de beoordeling van de rechter mag voorleggen?
ANTWOORD
Het antwoord op de gestelde vraag luidt bevestigend.
Bron: FisconetPlus
