Parlementaire vraag nr. 21130 van de heer Georges Gilkinet en vraag nr. 21515 van mevrouw Veerle Wouters d.d. van 14.01.2014
Mondelinge parlementaire vragen nr. 21130 van de heer Georges Gilkinet en nr. 21515 van mevrouw Veerle Wouters dd. 14.01.2014
Kamer, Integraal verslag - Commissie voor de Financiën, 2013-2014, CRIV 53 COM 895 dd. 14.01.2014, blz. 3
Toepassing van de belastingverlaging krachtens het WIB92 voor lage-energiewoningen of nulenergiewoningen
Fiscale certificaten voor de belastingvermindering op energiezuinige woningen
VRAAG (van mevrouw Wouters)
Mijnheer de minister, tijdens de bespreking van het wetsontwerp nr. 3236 houdende diverse fiscale en financiële bepalingen, bleef onduidelijk tot welke instelling men zich moet wenden om een fiscaal certificaat te verkrijgen om de belastingvermindering voor energiezuinige woningen te kunnen genieten. U herhaalde tijdens die bespreking dat de door de Koning erkende instelling, vzw Passiefhuis-Platform, zoals bedoeld in artikel 63bis, § 1, eerste lid, van het KB WIB92, blijft gelden voor de aflevering van de benodigde fiscale certificaten. Als men dat artikel grondig bekijkt, is die instelling maar tot 2011 bevoegd voor de uitreiking van dat certificaat. Welke instelling was in 2012 en is momenteel bevoegd voor de uitreiking van de fiscale certificaten ? Dienen de rechthebbenden zich dan te wenden tot de bevoegde gewestelijke administratie voor het verkrijgen van een fiscaal certificaat? Voor Vlaanderen gaat het dan over het Vlaams Energieagentschap. Dient het voornoemde KB WIB niet te worden aangepast ? Zo ja, wanneer mogen wij de aanpassing verwachten, zodat de praktische problemen voor de belastingplichtigen worden opgelost ?
VRAAG (van de heer Gilkinet)
Een aantal passiefhuisbouwers heeft te goeder trouw en soms zelfs op aanraden van een medewerker van de FOD Financiën het Waalse attest Construire avec l'énergie bij hun belastingaangifte gevoegd, maar de administratie heeft hun de belastingaftrek geweigerd, want er diende naar verluidt een ander formulier te worden bijgevoegd. Van hoeveel belastingplichtigen per Gewest heeft de federale belastingadministratie het gewestelijke attest voor de bouw van een passiefwoning niet erkend ? Over welk bedrag aan belastingvermindering gaat het in totaal ? Werd er een oplossing gezocht door overleg tussen de FOD Financiën en de Gewesten ? Waarom werd er nog geen equivalentieregeling uitgewerkt voor de attesten ? Zou de federale belastingadministratie die passiefwoningen a posteriori kunnen certificeren ? Welke procedure zou er daartoe gevolgd moeten worden ?
ANTWOORD (van de minister van Financiën)
Mijn administratie heeft kort geleden kennisgenomen van het probleem. Zij is er niet van op de hoogte over hoeveel gevallen het gaat en heeft in dit verband nog geen contacten kunnen leggen met de Gewesten. De technische vereisten waaraan de woningen moeten voldoen opdat de eigenaars in aanmerking zouden komen voor belastingvermindering kunnen verschillen van de criteria die de Gewesten met het oog op de toekenning van gewestpremies opleggen. Er is dus geen equivalentieregeling mogelijk. Het Belgische Wetboek van de Inkomstenbelastingen bepaalt overigens dat er specifieke certificaten moeten zijn. De wet van 21 december 2013 maakt het belastingplichtigen die vóór 1 januari 2012 een contract afsloten mogelijk belastingvermindering te genieten vanaf het jaar waarin hun het certificaat werd toegekend. De vzw Passiefhuis-Platform en Plate-forme Maison Passive asbl zijn nog steeds bevoegd voor de uitreiking van de bedoelde certificaten. Dat is expliciet opgenomen in artikel 535 van het Wetboek van Inkomstenbelasting, zoals dat werd gewijzigd door artikel 13 van de wet van 21 december 2013. Het koninklijk besluit tot uitvoering van het WIB hoeft dus niet aangepast te worden, aangezien de verlenging van de erkenning voor de duur van de maatregel reeds in de wet werd opgenomen.
CONCLUSIE (van mevrouw Wouters)
Mijnheer de minister, ik vraag het maar, omdat er nu tenminste duidelijkheid is. U bent nu iets gedetailleerder in uw antwoord dan tijdens de bespreking van de wet. Er bestaat nu wel een verschil tussen het certificaat van het gewest en de federale vermindering waarvan men kan genieten. Op dat vlak is uw antwoord identiek hetzelfde als tijdens de bespreking van het wetsontwerp. Het zou natuurlijk fijn geweest zijn als wij ook daarover ondertussen meer gedetailleerde informatie konden krijgen.
CONCLUSIE (van de heer Gilkinet)
Het valt te hopen dat de belastingplichtigen die mijn aandacht op hun zaak hebben gevestigd, het passieve karakter van hun woning achteraf kunnen laten erkennen en certificeren via de vzw Maison Passive. Het valt vooral te hopen dat de onderscheiden beleidsniveaus systematischer samenwerken, opdat wie een positieve keuze maakt, niet aan twee verschillende normen moet voldoen.
