Parlementaire vraag nr. 22255 van de heer Benoit Drèze van 25.02.2014
Kamer, Integraal verslag - Commissie voor de Financiën, 2013-2014, CRIV 53 COM 936 dd. 25.02.2014, blz. 19
De verplichte aangifte van de betalingen aan het buitenland
VRAAG (van de heer Drèze)
Overeenkomstig artikel 307, § 1, 4e lid, van het WIB zijn de belastingplichtigen gehouden aangifte te doen van alle betalingen die ze hebben gedaan aan personen gevestigd in een staat die werd aangemerkt als een staat die niet effectief of substantieel de standaard inzake informatie-uitwisseling toepast. De lijst van die staten wordt opgesteld op grond van de bevindingen van de Peer Review Group, een werkgroep van de OESO. De OESO heeft een klassement gepubliceerd volgens hetwelk vier landen niet conform en twee gedeeltelijk conform zijn. Welke weerslag hebben de rapportage en het klassement van de OESO op de in artikel 307 van het WIB bedoelde aangifteplicht? Vanaf welk aanslagjaar moet die bepaling in werking treden? Hoe spoort die aangifteplicht met de verdrags- en Europese bepalingen die de betrekkingen tussen België en de betrokken landen (Cyprus, het Groothertogdom Luxemburg, de Seychellen, Oostenrijk en Turkije) regelen?
ANTWOORD (van de Minister van Financiën)
Het Global Forum on Transparency and Exchange of Information for Tax Purposes van de OESO beoordeelde vier rechtsgebieden als niet-conform. Alle betalingen die rechtstreeks of onrechtstreeks worden verricht aan personen die in die vier rechtsgebieden gevestigd zijn, moeten worden aangegeven voor alle belastbare tijdperken vanaf 1 december 2013, behalve voor een belastbaar tijdperk waarvoor het Wereldforum zou oordelen dat een bepaald rechtsgebied niet langer nietconform is. De verplichte aangifte door de belastingplichtigen komt bij de verplichtingen die de betrokken landen op Europees niveau of op grond van een overeenkomst zijn aangegaan ten aanzien van België. De verplichte aangifte biedt dus een oplossing voor de tekortkomingen van het land in kwestie. Oostenrijk en Turkije, die als gedeeltelijk conform worden beoordeeld, vallen niet onder de in artikel 307 WIB bedoelde aangifteverplichting.
