Parlementaire vraag nr. 1010 van de heer Roose van 06.08.1997
VRAAG 97/1010
Vraag nr. 1010 van de heer Roose dd. 06.08.1997
Bull. nr. 781, pag. 778
Vr. en Antw., Kamer, 1997-1998, nr. 109, blz. 14765-14767
Verminderingen OV. - Statistieken.
VRAAG
De belastingplichtige die eigenaar is van een onroerend goed waarvan de totale waarde van het kadastraal inkomen minder bedraagt dan 30.000 frank, en/of een gezinslid telt die gehandicapt is, en/of 2 kinderen heeft waarvan minstens één als persoon ten laste telt, kan een vermindering van de onroerende voorheffing genieten.
Om dit recht te kunnen genieten moet de belastingplichtige via een procedure van het bezwaarschrift of de procedure van "ambtswege ontheffing" administratieve stappen doen.
In een vroegere parlementaire vraag (vraag van 17 oktober 1986, Vragen en Antwoorden, Kamer, 1986-1987, nr. 88) antwoordde de minister van Financiën dat hij de Administratie der directe belastingen opdracht had gegeven om formules uit te werken zodat de wetsbepaling, met name artikel 257 van het Wetboek van de inkomstenbelasting 1992, automatisch kon toegepast worden ten aanzien van elke belastingplichtige.
1.
a) Wat is het aantal belastingplichtigen die voor het aanslagjaar 1996 een vermindering van onroerende voorheffing kunnen genieten om reden:
b) Kan u deze gegevens meedelen per provincie?
2. Wat is de fiscale uitgave die het gevolg is van de toepassing van artikel 257 van het WIB 1992 en dit volgens de categorieën a) tot en met d) van vraag 1?
ANTWOORD
Het geacht lid gelieve hierna het antwoord te vinden op zijn vragen.
1.
a) en b) In mijn antwoord op de parlementaire vraag nr. 265 van 13 juni 1997 gesteld door de heer senator Loones (Vragen en Antwoorden, Senaat, 1996-1997, nr. 53 van 9 september 1997, blz. 2698) werd omstandig uiteengezet waarom het niet aangewezen is om de vermindering van onroerende voorheffing (OV) bepaald in artikel 257, 3°, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 (WIB 92) automatisch te verlenen. De in dit antwoord gegeven uiteenzetting geldt, mutatis mutandis, eveneens voor de verminderingen van OV bepaald in artikel 257, 1° (bescheiden woning), en 257, 2°, (grootoorlogsverminkte en gehandicapt gezinshoofd), WIB 92.
Om dezelfde redenen kan de administratie dan ook geen cijfergegevens verstrekken met betrekking tot het aantal potentiële genieters van de verschillende in artikel 257, 1° tot 3°, WIB 92 bepaalde verminderingen van OV.
2. Op het tijdstip van de statistische afsluiting van het aanslagjaar 1996 was de fiscale uitgave voor de via het kohier verleende verminderingen van OV (hoofdsom en opcentiemen) als volgt:
Daarnaast zijn de fiscale uitgaven in verband met de verminderingen van OV die voor het aanslagjaar 1996 (toestand tot 31 oktober 1997) ingevolge beslissingen van de gewestelijke directeurs der directe belastingen werden toegekend als volgt vastgesteld:
Vraag nr. 1010 van de heer Roose dd. 06.08.1997
Bull. nr. 781, pag. 778
Vr. en Antw., Kamer, 1997-1998, nr. 109, blz. 14765-14767
Verminderingen OV. - Statistieken.
VRAAG
De belastingplichtige die eigenaar is van een onroerend goed waarvan de totale waarde van het kadastraal inkomen minder bedraagt dan 30.000 frank, en/of een gezinslid telt die gehandicapt is, en/of 2 kinderen heeft waarvan minstens één als persoon ten laste telt, kan een vermindering van de onroerende voorheffing genieten.
Om dit recht te kunnen genieten moet de belastingplichtige via een procedure van het bezwaarschrift of de procedure van "ambtswege ontheffing" administratieve stappen doen.
In een vroegere parlementaire vraag (vraag van 17 oktober 1986, Vragen en Antwoorden, Kamer, 1986-1987, nr. 88) antwoordde de minister van Financiën dat hij de Administratie der directe belastingen opdracht had gegeven om formules uit te werken zodat de wetsbepaling, met name artikel 257 van het Wetboek van de inkomstenbelasting 1992, automatisch kon toegepast worden ten aanzien van elke belastingplichtige.
1.
a) Wat is het aantal belastingplichtigen die voor het aanslagjaar 1996 een vermindering van onroerende voorheffing kunnen genieten om reden:
| a) | van "bescheiden" woning; |
| b) | van groot-oorlogsverminkte; |
| c) | van kinderlast; |
| d) | en van gehandicapte gezinsleden? |
2. Wat is de fiscale uitgave die het gevolg is van de toepassing van artikel 257 van het WIB 1992 en dit volgens de categorieën a) tot en met d) van vraag 1?
ANTWOORD
Het geacht lid gelieve hierna het antwoord te vinden op zijn vragen.
1.
a) en b) In mijn antwoord op de parlementaire vraag nr. 265 van 13 juni 1997 gesteld door de heer senator Loones (Vragen en Antwoorden, Senaat, 1996-1997, nr. 53 van 9 september 1997, blz. 2698) werd omstandig uiteengezet waarom het niet aangewezen is om de vermindering van onroerende voorheffing (OV) bepaald in artikel 257, 3°, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 (WIB 92) automatisch te verlenen. De in dit antwoord gegeven uiteenzetting geldt, mutatis mutandis, eveneens voor de verminderingen van OV bepaald in artikel 257, 1° (bescheiden woning), en 257, 2°, (grootoorlogsverminkte en gehandicapt gezinshoofd), WIB 92.
Om dezelfde redenen kan de administratie dan ook geen cijfergegevens verstrekken met betrekking tot het aantal potentiële genieters van de verschillende in artikel 257, 1° tot 3°, WIB 92 bepaalde verminderingen van OV.
2. Op het tijdstip van de statistische afsluiting van het aanslagjaar 1996 was de fiscale uitgave voor de via het kohier verleende verminderingen van OV (hoofdsom en opcentiemen) als volgt:
- verminderingen wegens bescheiden woning: 2.364.819.953 frank;
- verminderingen wegens kinderen en gehandicapte personen ten laste: 3.366.12.823 frank;
- verminderingen wegens grootoorlogsinvaliditeit: 1.450.835 frank.
Daarnaast zijn de fiscale uitgaven in verband met de verminderingen van OV die voor het aanslagjaar 1996 (toestand tot 31 oktober 1997) ingevolge beslissingen van de gewestelijke directeurs der directe belastingen werden toegekend als volgt vastgesteld:
- verminderingen wegens bescheiden woning: 31.736.736 frank;
- verminderingen wegens kinderen en gehandicapte personen ten laste: 61.327.081 frank;
- verminderingen wegens grootoorlogsinvaliditeit: 2.662.339 frank.
Bron: FisconetPlus
