Parlementaire vraag nr. 1773 van de heer Thissen van 11.12.2001

VRAAG 01/1773

Vraag nr. 1773 van de heer Thissen dd. 11.12.2001


Vr. en Antw., Senaat, 2002-2003, nr. 2-62, blz. 3486

Bull. nr. 841, pag. 2696

Forfaitaire beroepskosten - Burgemeesters, schepenen en OCM-voorzitter

VRAAG

Met het oog op de volgende belastingaangifte voor de inkomsten van natuurlijke personen had ik u graag de volgende vraag voorgelegd.

Hoeveel bedragen de niet te rechtvaardigen beroepskosten die de gemeentemandatarissen van hun belastbaar inkomen in 2001 mogen aftrekken?

ANTWOORD

Het forfaitair bedrag aan beroepskosten dat burgemeesters, schepenen en OCMW-voorzitters overeenkomstig het nr. 51/39 van de administratieve commentaar op het Wetboek van de Inkomstenbelastingen 1992 van de bezoldigingen uit hun mandaat mogen aftrekken, is voor het inkomstenjaar 2001 vastgesteld op 5 142,15 euro (207 434 frank) voor burgemeesters en op 3 085,28 euro (124 460 frank) voor schepenen en OCMW-voorzitters.

Deze bedragen werden opgenomen in de omzendbrief nr. Ci.RH.243/545.622 van 26 maart 2002.