Parlementaire vraag nr. 14741 van mevrouw Roppe van 28.03.2007
Mondelinge parlementaire vraag nr. 14741 van mevrouw Roppe dd. 28.03.2007
Beknopt Verslag, Kamercommissie Financiën, Com 1259, blz. 2-3
Aanslag geheime commissielonen - Voordelen van alle aard - Fiches
VRAAG
Vennootschappen die niet akkoord gaan met de door de belastingambtenaar voorgestelde omzetverhogingen en voordelen van alle aard, belastbaar in hoofde van hun bedrijfsleiders, kaderleden en werknemers, ontvangen meestal meteen een bericht van wijziging van aangifte, waarin de bijzondere aanslag van 300 procent, een crisisbelasting en een belastingverhoging worden toegepast. Bovendien worden de genieters soms onmiddellijk gelijktijdig progressief belast in de personenbelasting.
Die bijzondere aanslag in de vennootschapsbelasting wordt onmiddellijk toegepast omdat de rechtspersonen niet tijdig zouden hebben voldaan aan de bepalingen waarvan sprake in onder meer artikel 57, 1 van het WIB 1992. Fiscalisten zijn echter van mening dat artikel 57, 1 enkel betrekking heeft op andere belastingplichtigen zoals handelaars en beoefenaars van vrije beroepen.
Moeten dergelijke bijzondere aanslagen niet worden afgevoerd ingevolge willekeurigheid, nietigheid of rechtsdwaling? Is de minister voorstander van de onmiddellijke en strenge toepassing van de bepalingen van artikel 219 WIB 1992 en eventueel van een dubbele belasting inzake personenbelasting? Kan de minister zijn zienswijze meedelen zowel in het licht van de wettelijke bepalingen als in het kader van behoorlijk en klantvriendelijk bestuur?
ANTWOORD (van de heer Jamar, staatssecretaris)
Artikel 219 WIB 1992, zoals het werd gewijzigd door artikel 20 van de programmawet van 27 december 2006, bepaalt dat een afzonderlijke aanslag wordt gevestigd op kosten als bedoeld in artikel 57, WIB 92, en op voordelen van alle aard als bedoeld in de artikelen 31, tweede lid, 2°, en artikel 32, tweede lid, 2° WIB 92, die niet worden verantwoord door individuele fiches en een samenvattende opgave.
Evenwel is ingevolge artikel 219, vierde lid, WIB 92 deze afzonderlijke aanslag niet van toepassing indien de belastingplichtige aantoont dat het bedrag van de kosten of van de voordelen van alle aard begrepen is in een door de genieter, overeenkomstig artikel 305, WIB 92 ingediende aangifte.
Een verwijzing naar artikel 57, 1°, WIB 92 in plaats van artikel 55, 2°, van hetzelfde Wetboek, is een vergissing, die niet tot gevolg heeft dat de afzonderlijke aanslag, zoals bedoeld in artikel 219, in het gedrang zou komen. De huidige administratieve praktijk werd immers vanaf het aanslagjaar 2007 bevestigd.
De in de administratieve commentaar op artikel 219 beschreven tolerantie is nog steeds van toepassing.
CONCLUSIE (van mevrouw Roppe)
Ik hoop dat de problemen hiermee opgelost zullen zijn.
