Parlementaire vraag nr. 836 van de heer Daems van 28.03.1997

VRAAG 97/836
Bull. nr. 774, pag. 1890
Vr. en Antw., Kamer, nr. 81, 1996-1997, blz. 11089
Pensioensparen - Belastingvermindering
Krachtens artikel 145^8 WIB 1992 is het bedrag dat in het kader van het pensioensparen in aanmerking komt voor belastingvermindering beperkt tot 20.000 frank per belastbaar tijdperk.
Dit artikel bepaalt verder dat elke echtgenoot recht heeft op de vermindering indien hij of zij persoonlijk houder is van een spaarrekening of een spaarverzekering.
Uit de commentaren blijkt dat de spaarder aan de personenbelasting onderworpen inkomsten moet hebben. Hierop bestaat nochtans één uitzondering, namelijk de echtgenoot zonder eigen beroepsinkomsten. In een gezin volstaat het dat één van beide echtgenoten een belastbaar inkomen heeft, opdat beiden aan pensioensparen zouden kunnen doen.
Kunnen, indien de inkomsten van het gezin uitsluitend bestaan uit onroerende inkomsten (uit onroerende goederen die eventueel tot de huwelijksgemeenschap behoren), beide echtgenoten van de belastingvermindering inzake het pensioensparen genieten ?
ANTWOORD
In het uitzonderlijke geval dat de inkomsten van het gezin uitsluitend uit onroerende inkomsten bestaan en de beide echtgenoten persoonlijk houder zijn van een spaarrekening of spaarverzekering waarop stortingen voor het pensioensparen werden gedaan, kan de belastingvermindering voor het pensioensparen, gelet inzonderheid op de bepalingen van de artikelen 126, 127 en 145^2 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, slechts voor één echtgenoot worden toegekend.