Parlementaire vraag nr. 1232 van de heer Bacquelaine van 11.02.2003

VRAAG 03/1232

Vr. en Antw., Kamer, 2002-2003, nr. 161, blz. 20727-20728

Bull. nr. 840, pag. 2228-2229

Persoon ten laste - Nettobestaansmiddel - Gehandicapten

VRAAG

Volgens artikel 136 van het WIB 1992 is een van de voorwaarden opdat iemand als ten laste kan worden aangemerkt, het feit dat hij persoonlijk in het belastbare tijdperk geen bestaansmiddelen heeft gehad die meer dan 1 800 euro (basisbedrag) bedragen.

Artikel 143 van het WIB 1992 bepaalt dat de tegemoetkomingen die ten laste van de Staat worden toegekend aan gehandicapten niet in aanmerking komen voor het vaststellen van het nettobedrag van de bestaansmiddelen.

Volgens het administratief commentaar zijn de tegemoetkomingen bedoeld in artikel 143 van het WIB 1992, de tegemoetkomingen aan gehandicapten toegekend op basis van de wet van 27 februari 1987 betreffende de tegemoetkomingen aan gehandicapten, dit zijn de tegemoetkomingen die rechtstreeks worden uitbetaald door het ministerie van Sociale Zaken.

Hoe staat het met de uitkeringen aan een gehandicapte met een permanente arbeidsongeschiktheid van ten minste 66 % die worden betaald door zijn ziekenfonds, wetend dat die uitkeringen wegens arbeidsongeschiktheid onrechtstreeks worden gefinancierd door de Schatkist, door de Staat dus?

ANTWOORD (van de minister van Financiën)

Vermits de door het geachte lid bedoelde vergoedingen niet vermeld zijn in artikel 143 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, moeten zij in aanmerking worden genomen voor de vaststelling van het nettobedrag van de bestaansmiddelen.