Parlementaire vraag nr. 436 van mevrouw Avontroodt van 31.07.2000
VRAAG 00/436
Bull. nr. 823, pag. 817
Vr. en Antw., Kamer, 2002-2003, nr. 104, blz. 12148
Cliënteel - Afschrijvingspercentage - Immaterieel vast activum
VRAAG
De resultaten (inkomsten en uitgaven) verbonden aan de uitoefening in groepspraktijk van het medisch beroep van ziekenhuisgeneesheer worden veelal verwerkt in de boekhouding van een rechtspersoon meestal een coöperatieve vennootschap).
Die boekhoudkundige verwerking gebeurt zowel met naleving van de wettelijke en reglementaire bepalingen van het boekhoudrecht als met de fiscale vormvoorschriften waarvan onder meer sprake in de bepalingen van de artikelen 320, 321 en 340 van het WIB 1992.
Dit administratief aspect staat voor de patiënten totaal los van de verantwoordelijkheid en de aansprakelijkheid van de behandelende ziekenhuisgeneesheren. Die geneeskundige activiteiten worden in groepspraktijk in ziekenhuizen of in hospitalen zowel ontplooid door chirurgen, door internisten als door radiologen.
In de wetenschap dat de aanvankelijke of oude doktersvennootschap integraal blijft bestaan, rijzen volgende vragen:
1. Mag de cliënteel of de goodwill die ontstaan is in een eerder opgerichte doktersvennootschap van ziekenhuisgeneesheren, werkend in groepspraktijk, worden overgedragen of verkocht aan of ingebracht in :
a) een nieuwe afzonderlijk op te richten of een bestaande doktersvennootschap in de vorm van een (E)BVBA;
b) een al dan niet nieuwe of bestaande vennootschap statutair werkzaam in de medische of paramedische sector;
c) een particuliere praktijk van een al dan niet uitgetreden ex-vennoot-ziekenhuisgeneesheer ?
2. Zo ja, welke concrete vermeldingen moeten op straffe van nietigheid in de statuten of in de authentieke oprichtingsakte van zowel de oude als de nieuwe betrokken vennootschap worden opgenomen?
3. Zo neen, om welke gemotiveerde feitelijke en juridische redenen zou deze vervreemding niet kunnen plaatsgrijpen ?
4. Aan wie behoort respectievelijk de cliënteel van die chirurgen, internisten en radiologen in rechte toe en aan wie mag de overnameprijs worden toegekend of uitbetaald ?
5. Hoe en op basis van welke bepalingen moet op boekhoudkundig vlak het patiëntenbestand of de cliënteel worden bepaald en welke praktische berekeningsgrondslagen en/of coëfficiënten kunnen hierbij worden gehanteerd?
6. Op welke redelijke basis en tegen welk ritme op jaarbasis kan die goodwill van chirurgen, internisten en radiologen boekhoudkundig worden afgeschreven bij de overnemende (nieuwe of andere) vennootschap of bij een (andere uittredende) ziekenhuisgeneesheer ?
7.
a) Onder welke specifieke voorwaarden, binnen welke termijnen en op grond van welke bepalingen mag of moet die goodwill van chirurgen, internisten en radiologen worden ingebracht, overgedragen of vervreemd?
b) Wanneer is de officiële tussenkomst van een erkend bedrijfsrevisor wettelijk vereist wanneer die cliënteel, al dan niet deel uitmakend van het maatschappelijk kapitaal, wordt ingebracht in of verkocht aan een (E)BVBA of aan een coöperatieve vennootschap?
c) Welke verslagen dienen er te worden opgemaakt en bij welke instanties moeten deze binnen welbepaalde termijn officieel worden neergelegd
8.
a) Mag de echtgenote van een ziekenhuisgeneesheer eveneens deelgerechtigd aandeelhouder zijn in doktersvennootschap of mag die partner in andere sociale hoedanigheid worden tewerkgesteld bij haar echtgenoot om de veelvuldige administratieve taken te vervullen ?
b) Zo ja, welke sociale vrijstellingen inzake bijdragen zijn hierbij van toepassing ?
9. Is een doktersvennootschap bij algemene vergadering gerechtigd om dividenden of inkomsten belegde kapitalen en winstaandelen toe te kennen haar aandeelhouders, zaakvoerders en bedrijfsleiders ?
ANTWOORD
De omvangrijkheid van de door geachte lid gestelde vraag laat mij niet toe antwoord in algemene zin te verstrekken, temeer daar die vraag juridische en boekhoudkundige aspecten bevat die niet tot mijn bevoegdheid behoren.
In elk geval zullen de fiscale gevolgen van beoogde verrichtingen slechts kunnen beoordeeld worden na een grondig onderzoek van, enerzijds, geheel van de juridische en feitelijke gegevens die blijken uit de door de partijen opgestelde akten en uit tussen hen gesloten overeenkomsten en, anderzijds, boekhoudkundige behandeling van de overdracht «cliënteel » dat al dan niet door de betrokken vennootschap zelf tot stand is gebracht.
Wat het zesde onderdeel van uw vraag betreft wens ik evenwel te verwijzen naar het laatste lid van antwoord dat is verstrekt op de parlementaire vraag nr. 298 van 22 augustus 1997, gesteld door senator Daras (Vragen en Antwoorden, Senaat, 1997-1998, nr. 1-61, blz. 3132).
Wanneer het geachte lid evenwel een concreet geval beoogt, ben ik bereid een onderzoek te laten instellen indien mij de naam en het adres van de betrokken belastingplichtigen, alsmede de nodige beoordelingselementen die vervat zijn in de tussen die partijen gesloten akten of overeenkomsten, worden meegedeeld.
Bron: FisconetPlus
