Parlementaire vraag nr. 15649 van de heer Georges Gilkinet van 19.02.2013
Mondelinge parlementaire vraag nr. 15649 van de heer Georges Gilkinet dd. 19.02.2013
Kamer, Integraal verslag - Commissie voor de Financiën, 2012-2013, CRIV 53 COM 671 dd. 19.02.2013, blz. 16
Financiële tegemoetkoming aan onthaalouders
Aftrekbare beroepskosten
Forfaitaire beroepskosten
Werkelijke beroepskosten
VRAAG (van de heer Gilkinet)
Sinds 1989 voorziet een circulaire in een belastingvrijstelling voor zelfstandige onthaalouders. Die is forfaitair omdat de reële beroepskosten moeilijk in te schatten vallen. Ook kinderdagverblijven genieten die jaarlijkse forfaitaire belastingvrijstelling, die vorig jaar 16 euro per kind bedroeg. Naar verluidt wil de FOD eisen dat onthaalouders in 2013 hun reële kosten zouden bewijzen. Men zou het nu eens zijn geworden een gedeeltelijk forfait toe te passen voor de kosten die moeilijk te bewijzen zijn en dat forfait aan te vullen met de reële kosten. Waarom wil de FOD Financiën de belastingregeling voor onthaalouders herzien ? Welke beslissing werd er uiteindelijk genomen ? Hoeveel bedraagt de toegekende forfaitaire belastingvrijstelling ? Welke kosten zullen als reële kosten worden beschouwd ? Werd er in een overgangsperiode voorzien?
ANTWOORD (van de heer Vanackere, Vice-Eerste Minister en Minister van Financiën en Duurzame Ontwikkeling, belast met Ambtenarenzaken)
De administratie kan, in overleg met de betrokken beroepsorganisaties, de uitgaven of kosten die doorgaans niet met bewijsstukken kunnen worden gestaafd, op vaste bedragen taxeren. Het bedrag van het forfait voor het aanslagjaar 2013 wordt binnenkort in overleg met de beroepsfederaties vastgelegd. De administratie heeft aanvaard dat het forfait ook geldt voor zelfstandige medeonthaalouders indien ze hun activiteit uitoefenen onder dezelfde voorwaarden als zelfstandige onthaalouders. Dat forfait is niet van toepassing en is ook nooit van toepassing geweest op kinderdagverblijven. De administratie heeft de beroepsfederaties van de kinderdagverblijven eind december ontmoet. Er werd een nieuw akkoord gesloten. Naast het bestaande forfait zal er een nieuw forfait worden vastgesteld voor beroepskosten in verband met de kinderopvang die niet thuis wordt georganiseerd. Het zal om een beperkt forfait gaan, en voor de extra kosten zullen bewijsstukken moeten worden voorgelegd. Dat forfait zal van toepassing zijn op middelgrote kinderdagverblijven, met een maximale capaciteit tussen 24 en 28 kinderen. Dat akkoord zal worden toegepast met ingang van het aanslagjaar 2014, zodat er genoeg tijd is voor de nodige aanpassingen. Het bedrag van dat forfait zal in het voorjaar van 2014 worden vastgesteld. De betrokkenen zullen daarover worden geïnformeerd door hun beroepsfederatie.
CONCLUSIE (van de heer Gilkinet)
Het blijft vooralsnog onduidelijk of die oplossing wel zal voldoen: er is immers een voldoende hoog forfait noodzakelijk om het werk van de kinderdagverblijven mogelijk te maken. De betrokkenen moeten zo snel mogelijk worden geïnformeerd, om zich op de nieuwe regels te kunnen voorbereiden.
