Parlementaire vraag nr. 73 van mevrouw Nawal Farih van 23.10.2019

Kamer, Vragen en Antwoorden, 2019-2020, QRVA 55/005, d.d. 12.11.2019, blz. 104

De gevolgen bij een fusie van EKM's (MV 772C)

VRAAG

Erkende kredietmaatschappijen (EKM) zijn handelsvennootschappen die door de Vlaamse overheid worden erkend om woonkredieten met gewestwaarborg toe te kennen. De erkenningsvoorwaarden daartoe zijn vastgelegd in het besluit van de Vlaamse regering van 2 april 2004.

Deze EKM's voeren hun activiteiten uit in functie van mensen die wel een bescheiden woning kunnen kopen/behouden of renoveren, maar daarvoor moeilijk een voordelig woonkrediet in de markt kunnen bekomen. Vandaag zijn er nog zo'n 15 EKM's in Vlaanderen en dit ten gevolge van een jarenlange concentratiebeweging, die in feite nog steeds aan de gang is.

Fiscaal gezien worden EKM's wegens hun bijzonder statuut slechts onderworpen aan een vennootschapsbelasting van 5 %. Echter, EKM's worden wel onderworpen aan een afzonderlijke aanslag van 28 % bij ontbinding of verlies van erkenning of op het uitgekeerd dividend.

In de praktijk worden EKM's door het door de Vlaamse overheid opgelegde concentratiebeleid geconfronteerd met bovenstaande afzonderlijke aanslagen en dit terwijl fusies volgens de filosofie van de Europese fusierichtlijn in principe belastingneutraal moeten zijn.

1. a) Kunt u verduidelijken waarom een fusie tussen twee EKM's wordt gelijkgesteld met een ontbinding, waardoor er een aanslag wordt gevestigd op basis van artikel 219bis, §2 WIB 92?

b) Is zo'n zienswijze bestaanbaar met de fusierichtlijn?

2. a) Kunt u verklaren waarom een fusie door opslorping van dochter door de moeder wordt gezien als een dividenduitkering van de dochter naar de moeder toe, waardoor er een aanslag wordt gevestigd op basis van artikel 219bis, §3 WIB 92?

b) Is zo'n zienswijze bestaanbaar met de fusierichtlijn?

3. Is het tarief van 28 % bij die afzonderlijke aanslagen nog wel verantwoord in het licht van de hervorming van de vennootschapsbelasting? Zo ja, waarom? Zo neen, moet dit volgens u dan aangepast worden?

ANTWOORD

Deze kwestie wordt momenteel onderzocht door mijn administratie. Een wetgevend ingrijpen in dit kader zal echter aan een volgende regering in volle bevoegdheid toebehoren, aangezien dit de strikte grenzen van de lopende zaken te buiten gaat.