Parlementaire vraag nr. 84 van de heer Verwilghen van 19.09.1995

VRAAG 95/084
Bull. nr. 759, pag. 656
Vennootschapsbelasting - Voordelen van alle aard - Akkoord - Wijziging
Na controle van de aangifte in de vennootschapsbelasting gebeurt het vaak dat er een akkoord tot stand komt tussen de belastingcontroleur en de belastingplichtige omtrent de bepaling van de voordelen van alle aard. Dergelijk akkoord wordt meestal opgesteld door de belastingadministratie maar éénzijdig ondertekend door de gevolmachtigde, de zaakvoerder of de bestuurder.
Er zijn mij heel wat gevallen bekend waarbij de administratie na het sluiten van dergelijk akkoord, hoewel het akkoord tot stand kwam op basis van concrete gegevens en hoewel de omstandigheden waarin de kosten werden gemaakt niet werden gewijzigd, terugkomt op dit akkoord door een nieuwe controle uit te lokken binnen de verjaringstermijn van drie jaar.
1. Heeft u weet van dergelijke praktijken, die ten zeerste het vertrouwen schenden van de belastingplichtige in zijn relatie met de fiscale administratie ?
Zou het niet wenselijk zijn om de verplichting in te voeren dergelijke akkoorden te doen ondertekenen door de administratie en de belastingplichtige en ze aldus bindend te maken voor belde partijen ? Een wijziging van het akkoord door de administratie zou dan nog uitsluitend mogelijk zijn indien vastgesteld wordt dat het akkoord op basis van valse of vrijwillig onjuiste gegevens tot stand kwam of als de omstandigheden waarin de kosten gemaakt werden, grondig werden gewijzigd.
ANTWOORD
Overeenkomstig artikel 333 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 (WIB 92) kan de Administratie der directe belastingen ten overstaan van elke belastingplichtige onderzoekingen verrichten en belastingen of aanvullende aanslagen eventueel vestigen zelfs wanneer de aangifte van de belastingplichtige reeds werd aangenomen en de desbetreffende belastingen reeds werden betaald.
Die onderzoekingen mogen zonder voorafgaande kennisgeving worden verricht gedurende het belastbaar tijdperk evenals in de termijn bedoeld in artikel 354, eerste lid, WIB 92.
Gelet op het jaarlijks karakter van de belastingen en aangezien de voordelen van alle aard per belastbaar tijdperk moeten worden vastgesteld en kunnen veranderen, zie ik niet in dat een onderzoek om het inkomen van de betrokken belastingplichtigen juist vast te stellen, het vertrouwen tussen de administratie en de belastingplichtigen zou kunnen schenden.
Er zijn dan ook geen redenen voorhanden om te handelen in de door het geachte lid vooropgestelde zin.