Parlementaire vraag nr. 3-2666 van mevrouw Van dermeersch van 06.05.2005
VRAAG 05/3-2666
Vr. en Antw., Senaat, 2005-2006, nr. 3-52, blz. 4530
Keuzedividenden - Roerende voorheffing - Buitenland
VRAAG
Sommige beursgenoteerde bedrijven stellen hun aandeelhouders keuzedividenden voor.
De belegger kan dan kiezen voor een dividend in contanten of voor de uitbetaling in nieuwe aandelen.
Wanneer bijvoorbeeld een Nederlands bedrijf deze keuze aanbiedt, dan doet de Belgische belegger er best aan te kiezen voor de nieuwe aandelen. Hierop is immers geen Nederlandse bronheffing verschuldigd en op een cashdividend wel.
Op het keuzedividend is in principe wel Belgische roerende voorheffing verschuldigd, maar de wetgeving hieromtrent is zeer onduidelijk.
De situatie is momenteel dan ook verschillend van bank tot bank en dit komt de rechtszekerheid van de belegger absoluut niet ten goede.
1. Welke concrete wettekst dient in deze situatie van keuzedividenden toegepast te worden?
2. Hoe moeten de banken de Belgische roerende voorheffing hierop berekenen?
ANTWOORD (vice-eerste minister en minister van Financiën)
Overeenkomstig artikel 18, 1e lid, 1°, van het Wetboek van de Inkomstenbelastingen 1992 (WIB 92) omvatten dividenden alle voordelen toegekend door een vennootschap aan aandelen en winstbewijzen hoe ook genaamd, uit welken hoofde en op welke wijze ook verkregen.
Daarnaast wordt, overeenkomstig artikel 267, 1e en 3e lid, WIB 92, het uitreiken, ter vertegenwoordiging van inkomsten, van nieuwe aandelen, ten belope van de waarde van die aandelen, met betaalbaarstelling gelijkgesteld.
Voor de berekening van de roerende voorheffing bepaalt hetzelfde artikel 267, 3e lid, WIB 92, dat de in aanmerking te nemen waarde.van de aandelen niet lager mag zijn dan die welke zou bepaald zijn bij de laatste prijscourant door de Belgische regering gepubliceerd vóór de datum van toekenning of betaalbaarstelling; zijn de effecten in bedoelde prijscourant niet genoteerd, dan wordt de roerende voorheffing berekend op de verkoopwaarde van de effecten.
In geval van toekenning van dividenden van buitenlandse oorsprong, onder de vorm van effecten is het in aanmerking te nemen bedrag voor de berekening van de in te houden roerende voorheffing de waarde van het uitgekeerde effect op het ogenblik van de betaalbaarstelling van het inkomen, dit wil zeggen op de dag van de terbeschikkingstelling ervan aan de verkrijger.
Bron: FisconetPlus
