Parlementaire vraag nr. 184 van de heer Hostekint van 24.01.1997

VRAAG 97/184
Vr. en Antw., Senaat, nr. 1-40, 1996-1997, blz. 1970-1971
Investeringsaftrek - Verhuur van paardenstallen.
Ingevolge artikel 75, WIB 1992 is de investeringsaftrek niet van toepassing op vaste activa, waarvan het gebruik is overgedragen aan derden.
In antwoord op diverse parlementaire vragen (vragen van 24 april 1990 van de heer Van Hooland en van 15 januari 1991 van de heer Peeters; Com.IB nr. 68.23) wordt gesteld dat er geen sprake is van gebruik door derden, als bedoeld in artikel 75, § 3, WIB 1992 (voormalig artikel 42ter, § 6, 2e lid, oud WIB) voor hotels, rusthuizen, enz. De redenering is hier dat, naast het verschaffen van onderdak door hoteliers, ook zeer kortstondige en arbeidsintensieve diensten worden verstrekt. Als voorbeeld wordt hier gewezen op het onderhoud en schoonmaken van de kamer, verschaffen en onderhoud van linnen en dekens, gebruik van telefoon, radio, TV, zwembad, sauna, enz.
De achterliggende redenering is dus dat door de diversiteit van de dienstverleningen die gepaard gaan met het gebruik van het goed, het onderscheid ten aanzien van een normale toepassing van artikel 75, § 3, WIB 1992 (artikel 42ter, § 6, 2e lid, oud WIB) gewettigd is.
Ook het verhuren van paardenstallen vereist een zeer uitgebreide dienstverlening. Deze bestaat uit de dagelijkse verzorging van de paarden, het toedienen van de vereiste geneeskundige verzorgingen en behandelingen, het verstrekken van voedsel aan de paarden, het gebruik van de weide en manège door zowel paard als eigenaar, het schoonmaken van de stallen, enz.
Mijns inziens dient hier naar analogie eveneens te worden gesteld dat het gaat om een terbeschikkingstelling enerzijds van een stal, die anderzijds eveneens gepaard gaat met zeer arbeidsintensieve diensten. De redenering die derhalve wordt aangevoerd in voormelde parlementaire vragen voor hotels en rusthuizen, kan mijns inziens worden doorgevoerd ten aanzien van het ter beschikking stellen van paardenboxen.
In deze context had ik aan de geachte minister willen vragen :
1. Kunt u bevestigen of er in casu van het verhuren van paardenstallen inderdaad een investeringsaftrek mogelijk is ?
2. Kunt u bevestigen of de terminologie "gebruik afgestaan aan derden" zoals bedoeld in artikel 75, § 3, WIB 1992 dezelfde is als deze die wordt gebruikt in artikel 43 koninklijk besluit WIB 1992 ter uitvoering van artikel 64, WIB 1992, waarin wordt gesteld dat het keuzestelsel van degressieve afschrijving niet van toepassing is op de vaste activa waarvan "het gebruik aan derden" is afgestaan door de belastingplichtige die de vaste activa afschrijft ?
ANTWOORD
Het geachte lid gelieve hierna het antwoord op de gestelde vragen te vinden.
1. Gelet op de uitdrukkelijke bepalingen van artikel 75, 3°, van het Wetboek van de Inkomstenbelastingen 1992, luidt het antwoord ontkennend wat de aan particulieren verhuurde stallen betreft.
2. Aangaande de draagwijdte van het begrip "afstand van gebruik aan derden" voor de toepassing, enerzijds, van het voornoemde artikel 75, 3°, en, anderzijds, van artikel 43, 2°, van het koninklijk besluit tot uitvoering van het Wetboek van de Inkomstenbelastingen 1992, ben ik zo vrij hem te verwijzen naar het bepaalde in de nummers 68/23 en 61/164 tot 168 van de administratieve commentaar, op het voormelde wetboek.