Parlementaire vraag nr. 1072 van de heer Van der Maelen van 12.01.2006
Parlementaire vraag nr. 1072 van de heer Van der Maelen dd. 12.01.2006
Vragen en Antwoorden, Kamer, 2005-2006, nr. 109, blz. 20406-20407
Aangifte van buitenlandse onroerende inkomsten
VRAAG
In uw antwoord op een vraag die ik stelde in de commissie voor de Financiën van 22 februari 2005 deelde u mee dat in 2003 in totaal 12 447 Belgische belastingplichtigen onroerende inkomsten uit het buitenland hebben aangegeven.
1. Hoeveel Belgische belastingplichtigen hebben buitenlandse onroerende inkomsten op hun aangifte 2004 vermeld?
2. Kan u een opsplitsing van de aangiftes van buitenlandse onroerende inkomsten per land meedelen?
ANTWOORD (vice-eerste minister en minister van Financiën, 16.02.2006)
Met betrekking tot aanslagjaar 2004 (inkomsten 2003) is het aantal aangiftes in de personenbelasting waarin buitenlandse onroerende inkomsten werden opgenomen, gestegen tot 13 989 voor een globaal bedrag van 146 299 962,00 euro (situatie op 30 juni 2005). De volgende onderverdeling werd toegepast: Inkomsten afkomstig uit een land waarmee België geen overeenkomst tot het vermijden van dubbele belasting heeft gesloten (deze inkomsten gemeten een belastingvermindering van 50% in toepassing van artikel 156 van het Wetboek van de Inkomstenbelastingen 1992).
| Aantal aangiftes | Aangegeven bedragen (euro) | |
| Gebouwd ............... | 663 | 2 240 103,00 |
| Ongebouwd ........... | 97 | 155 345,00 |
| Erfpacht ................. | 22 | 53 500,00 |
| Totaal .................... | 782 | 2 448 948,00 |
Inkomsten afkomstig uit een land waarmee België een verdrag tot het vermijden van dubbele belasting heeft gesloten (deze inkomsten zijn in België vrij gesteld met progressievoorbehoud zoals voorzien in artikel 155 van het Wetboek van de Inkomstenbelastingen 1992).
| Aantal aangiftes | Aangegeven bedragen (euro) | |
| Gebouwd ............... | 12 027 | 138 927 223,00 |
| Ongebouwd ........... | 1 120 | 4 495 876,00 |
| Erfpacht ................. | 60 | 427 915,00 |
| Totaal .................... | 13 207 | 143 851 014,00 |
Het is belangrijk om te vermelden dat de cijfers waarvan sprake geenszins een correcte weergave zijn van het aantal onroerende goederen die Rijksinwoners in het buitenland bezitten. Een aangifte kan meerdere onroerende goederen omvatten. Omgekeerd kan een zelfde onroerend goed, bijvoorbeeld verworven in mede-eigendom, vermeld worden in meerdere aangiftes ten bedrage van het deel van elke mede-eigenaar.
In dezelfde optiek vestigde ik vroeger reeds de aandacht van het geachte lid (zie mijn antwoord op zijn mondelinge vraag nr. 7608 van 29 juni 2005, Integraal Verslag, Kamer, 2004-2005, commissie van Financiën, C665, blz. 1) op het feit dat de Belgische administratie van haar Franse tegenhanger, via elektronische drager, een lijst met in Frankrijk gelegen onroerend vermogen op naam van inwoners van België verkregen heeft. De 48 930 inschrijvingen op deze drager zijn echter niet representatief voor het aantal onroerende goederen in Frankrijk waarvan inwoners van België eigenaar zijn. Bijvoorbeeld, een onroerend goed in mede-eigendom kan onderhevig zijn aan meerdere inschrijvingen, waarvan elke inschrijving overeenkomt met het aandeel van één van de mede-eigenaars. Hetzelfde geldt eventueel voor een deel in mede-eigendom dat verdeeld wordt in naakte eigendom en vruchtgebruik, dewelke allebei aparte inschrijvingen inhouden, enzovoort.
Verder heb ik, in antwoord op zijn vraag nr. 1070 van 12 januari 2006, het geachte lid reeds ingelicht over het ontbreken van cijfergegevens wat betreft een uitsplitsing per land van de onroerende inkomsten van buitenlandse oorsprong die in de personenbelasting werden aangegeven (Vragen en Antwoorden, Kamer, 2005-2006, nr. 109, blz. 20405).
