Parlementaire vraag nr. 565 van de heer Frédéric van 15.01.2001
VRAAG 01/565
Vraag nr. 565 van de heer Frédéric dd. 15.01.2001
Vr. en Antw., Kamer, 2001-2002, nr. 99, p. 11471-11472
Vergoedingen wegens abeidsongeval en beroepsziekten - Bezwaarschriften en rechtzettingen
VRAAG
In zijn arrest van 9 december 1998 stelt het Arbitragehof dat de heffing van inkomstenbelastingen op schadevergoedingen voor arbeidsongevallen of beroepsziekten in strijd is met de Grondwet. In een in het Belgisch Staatsblad van 1 januari 2000 gepubliceerd bericht zegt de AOIF zich bij het arrest aan te sluiten. De nieuwe richtlijnen treden onmiddellijk in werking, "en zulks in elk stadium van de procedure, met inbegrip van de hangende en de toekomstige geschillen".
Voor de aanslagjaren vóó r 1999 verklaarde u in de plenaire vergadering van de Kamer van volksvertegenwoordigers op 17 februari 2000 dat het wenselijk zou zijn dat mensen die vóó r januari 1999 een dergelijke schadevergoeding ontvangen hebben, een bezwaarschrift indienen bij de gewestelijke directeur van de belastingadministratie.
Aldus is geschied, en intussen hebben nagenoeg 400 000 belastingplichtigen een bezwaarschrift ingediend. Meer dan zes maanden na de indiening van hun bezwaar klagen sommige belastingplichtigen over het uitblijven van een beslissing over hun bezwaar; tot op heden ontvingen ze alleen maar een bericht van ontvangst.
1. Vanaf wanneer mogen de belastingplichtingen een antwoord van de administratie verwachten?
2. Heeft u uw administratie duidelijke instructies gegeven voor de afhandeling van die bezwaarschriften ?
ANTWOORD
1. Eind januari 2001 waren nog 76.931 bezwaarschriften in behandeling betreffende de vergoedingen ontvangen ingevolge een arbeidsongeval of een beroepsziekte.
De behandeling van die bezwaarschriften gaat samen met de ontvangst van ongeveer 375.000 attesten (fiches 281.14 met speciale bijkomende vermeldingen) die de uitbetalende instellingen op het einde van het jaar 2000 en in het begin van het jaar 2001 bij het belastingbestuur hebben ingediend met het oog op de toepassing van de bijzondere procedure van ambtshalve rechtzetting via het kohier zoals ingesteld door de wet van 19 juli 2000 tot wijziging van de artikelen 34, § 1, en 39, WIB 1992.
De ambtshalve rechtzettingen via het kohier zijn inmiddels aangevat. Wegens het groot aantal dossiers en de technische vereisten op het gebied van de opmaak van de berekeningsnota's, zullen deze rechtzettingen over het gehele jaar 2001 worden gespreid. Ter zake stip ik nog aan dat de eventuele terugbetaling van de te veel betaalde belastingen interesten oplevert voor zover het bedrag van die interesten minstens 200 frank per maand bedraagt. De ambtshalve rechtzettingen via het kohier worden eveneens uitgevoerd wanneer een bezwaarschrift werd ingediend, aangezien de belastingplichtige geacht wordt te hebben afgezien van zijn bezwaren wanneer hij de genoemde rechtzetting niet betwist binnen de bezwaartermijn van drie maanden.
Voor het overige zullen alle bezwaarschriften waaraan geen oplossing kon worden gegeven door een ambtshalve rechtzetting via het kohier, zo spoedig mogelijk worden behandeld, rekening houdend met de datum van hun indiening.
2. Alle taxatiediensten hebben geëigende richtlijnen gekregen voor de toepassing van de bijzondere verbeteringsprocedure.
Bron: FisconetPlus
