Parlementaire vraag nr. 55002917C van de heer Ahmed Laaouej van 04.02.2020

Kamer, Integraal Verslag – Commissie voor de Financiën, 2019-2020, CRIV 55 COM 100 d.d. 04.02.2020, blz. 58

De vrijstelling van doorstorting van de bedrijfsvoorheffing

VRAAG (van de heer Laaouej)

Er werd een nieuw stelsel van gedeeltelijke vrijstelling van doorstorting van de bedrijfsvoorheffing voor ploegenarbeid ingevoerd. Volgens een brief van de voorzitter van het directiecomité van de FOD Financiën zal die maatregel zowel op de privé- als op de overheidssector van toepassing zijn.

Betekent dit dat het woord 'onderneming' als 'werkgever' geïnterpreteerd moet worden? Welke werkgevers zouden er anders van het voordeel van die maatregel uitgesloten worden, ook al zou er aan alle door de wet gestelde voorwaarden voldaan zijn?

ANTWOORD (van de minister)

Het begrip 'onderneming' wordt in die vrijstellingsregeling niet gedefinieerd. Elke werkgever kan als schuldenaar van de bedrijfsvoorheffing aanspraak maken op de toepassing van die maatregel.