Parlementaire vraag nr. 116 van de heer Wouter Vermeersch van 05.12.2024
Kamer, Vragen en Antwoorden, 2024-2025, QRVA 56/006 d.d. 24.01.2025, blz. 98
Formulier 270 MLH bij vruchtgebruik van ondernemer volle eigenaar
VRAAG (van de heer Vermeersch)
Vanaf aanslagjaar 2024 moeten ondernemers en vennootschappen als huurder van een onroerend goed het nieuwe formulier 270 MLH als bijlage toevoegen aan hun aangifte in de inkomstenbelasting. Het invullen en indienen van dit formulier blijft vragen oproepen, vandaar een concreet geval: een bedrijfsleider, natuurlijk persoon, en zijn echtgenote zijn volle eigenaar van een kantoorgebouw op 1 januari 2024. Een bestaande vennootschap (boekhouding per kalenderjaar) kocht op 1 september 2024 het vruchtgebruik van het kantoorgebouw aan voor 300.000 euro van haar bedrijfsleider, natuurlijk persoon, en zijn echtgenote. In beroepskosten in te brengen in 2024 door de vennootschap: 300.000 x 1/20 x 122/366, de afschrijving op het vruchtgebruik.
1. Wie moet als verlener(s) van het zakelijk gebruiksrecht worden vermeld voor aanslagjaar 2025?
2. Welke bedragen moeten in de twee regels van het vak C ingevuld worden voor aanslagjaar 2025?
3. Is die afschrijving op het vruchtgebruik over aanslagjaar 2025 aftrekbaar als men bijlage 270 MLH niet opmaakt en niet indient?
ANTWOORD (Vice-eersteminister en minister van Financiën, belast met de Coördinatie van de fraudebestrijding en de Nationale loterij)
Voorafgaand wordt opgemerkt dat de antwoorden verstrekt op de voorliggende vragen enkel rekening houden met de feiten en omstandigheden geschetst in de vraag en dus enkel gelden voor zover andere feitelijke omstandigheden die zich in de praktijk kunnen voordoen, geen impact hebben op de geschetste situatie.
1. Voor aanslagjaar 2025 dienen de blote eigenaars vermeld te worden als verleners van het zakelijk gebruiksrecht, met name de bedrijfsleider, natuurlijk persoon, en zijn echtgenote.
2. Wanneer de vennootschap in 2024 aan de verleners van het zakelijk gebruiksrecht 300.000 euro betaalde, zal rubriek C van de bijlage nr. 270 MLH voor aanslagjaar 2025 als volgt moeten worden ingevuld: - betaald of toegekend bedrag: 300.000,00 euro; - als werkelijke beroepskost ingebracht bedrag: 0,00 euro. De afschrijvingen op een zakelijk gebruiksrecht kwalificeren niet als een eigenlijke vergoeding of een voordeel dat is toegekend of betaald aan de verlener van een zakelijk gebruiksrecht. Het bedrag van dergelijke afschrijvingen moet bijgevolg niet worden opgenomen in de rubriek C van de bijlage 270 MLH. Dit is ook zo uiteengezet in het bericht van 14 maart 2024.
3. Het aftrekverbod dat is voorzien in artikel 53, 33°, WIB 92 geldt voor de eigenlijke vergoedingen voor de vestiging of overdracht van een zakelijk gebruiksrecht op onroerende goederen en alle andere voordelen die uit hoofde ervan zijn toegekend aan de verlener ervan. De afschrijvingen op een zakelijk gebruiksrecht kwalificeren niet als een eigenlijke vergoeding voor het zakelijk gebruiksrecht of een voordeel dat is toegekend aan de verlener van het zakelijk gebruiksrecht. De fiscaal aanvaardbare afschrijvingen op het zakelijk gebruiksrecht vallen dus niet onder het aftrekverbod van artikel 53, 33°, WIB 92.
