Parlementaire vraag nr. 231 van de heer de Clippele van 22.09.1992
VRAAG 92/231
Bull. nr. 724, blz. 339
Belasting van niet-inwoners - Tehuis in België
VRAAG
Sedert het van kracht worden van de wet van 22 december 1989 worden de aan de belasting van de niet-inwoners onderworpen natuurlijke personen op een verschillende wijze belast al naargelang zij gedurende het aanslagjaar al dan niet in België een tehuis hebben behouden.
In het aangifteformulier voor het aanslagjaar 1992 is een vraag opgenomen over de effectieve woonplaats in België maar wordt er niets gevraagd over het behoud van een tehuis in België.
Aangezien de niet-inwoner degene is wiens "domus" zich werkelijk in het buitenland bevindt, lijkt de gestelde vraag ongeschikt.
De vraag had moeten luiden : "Heeft u gedurende het aanslagjaar in België een tehuis behouden" ?
Voor het aanslagjaar 1991 werden de niet-inwoners die in België een tehuis hebben behouden, belast alsof zij dit niet hadden gedaan. Zij werden dus zwaar belast en hebben hiertegen bezwaar aangetekend. De belastingadministratie wist niet dat die personen in België een tehuis hadden behouden, aangezien zij dat niet had gevraagd.
Wat is uw mening hierover ?
ANTWOORD
De artikelen 235, 1°, 242, eerste lid en 244, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, maken een onderscheid tussen de aan de belasting van niet-inwoners onderworpen natuurlijke personen naargelang zij al dan niet gedurende het volledige belastbare tijdperk een tehuis in België hebben behouden.
De uitdrukking "tehuis in België" houdt in dat een niet-rijksinwoner zich - in voorkomend geval met zijn gezin - in België heeft gevestigd in omstandigheden waaruit blijkt dat hij zijn woonplaats of zetel van zijn fortuin niet naar België heeft overgebracht. Het moet met andere woorden gaan om een werkelijke (gezins)vestiging in België, met name de plaats in België waar de betrokkene normaal en permanent - met zijn gezin - verblijft, met dien verstande dat de vestiging zodanig is dat het verblijf in België van tijdelijke en niet van duurzame aard is, maar toch bepaalde kosten meebrengt die op het belastbare inkomen drukken.
Het loutere feit dat een niet-rijksinwoner in België over een woning beschikt, is derhalve op zichzelf onvoldoende om te beschouwen dat de betrokkene er een tehuis heeft behouden, zodat op de suggestie van het geacht lid niet kan worden ingegaan.
Bron: FisconetPlus
