Parlementaire vraag nr. 164 van de heer De Croo van 23.11.1995
VRAAG 95/164
Bull. nr. 760, pag. 921
Belastingvermindering - Pensioenen - Vervangingsinkomsten - Gehuwden - Samenwonenden - Discriminatie
De artikelen 146 tot 154 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 voorzien in een belastingvermindering voor pensioenen en vervangingsinkomsten. Op het stuk van de toekenning van die belastingvermindering worden gehuwden en samenwonenden met twee vervangingsinkomens echter ongelijk behandeld. De belastingvermindering wordt immers slechts eenmaal toegekend aan gehuwden met twee vervangingsinkomens, terwijl samenwonenden die elk een vervangingsinkomen genieten, tweemaal de belastingvermindering kunnen genieten.
De oorzaak van de ongelijkheid is te vinden in de belastinghervorming van 1988, die het gezin voort als belastingentiteit beschouwde. Tijdens een verkiezingsdebat in mei jongstleden deelde de eerste minister mee dat hij de problematiek zou onderzoeken en een oplossing zou uitwerken voor dit probleem.
| 1. | Heeft u op dat stuk al enig onderzoek verricht ? |
2. Welke oplossing stelt u voor om tot een gelijke behandeling te komen van gehuwden en samenwonenden op het stuk van de toekenning van de belastingvermindering voor vervangingsinkomsten ?
ANTWOORD
Met betrekking tot het gestelde probleem, wens ik in de eerste plaats eraan te herinneren dat:
1° dank zij de belastinghervorming van 1988 gepensioneerden zoals de andere belastingplichtigen voortaan genieten van de decumul van hun beroepsinkomsten;
2° vóór de belastinghervorming de bijzondere belastingvermindering voor vervangingsinkomsten slechts éénmaal per gezin werd toegekend; het door het geacht lid opgeworpen probleem is dus niet te wijten aan de belastinghervorming van 1988;
3° ofschoon de bijzondere belastingvermindering slechts éénmaal voor de beide echtgenoten wordt toegekend, is voortaan het bedrag van de vermindering voor echtgenoten hoger dan voor een alleenstaande. Inderdaad, de maximumbelastingvermindering voor echtgenoten bedraagt 63.332 frank (te indexeren), terwijl die voor een alleenstaande 54.240 frank (te indexeren) bedraagt.
Een volledige "decumul" van de belastingverminderingen voor pensioenen en andere vervangingsinkomsten voor echtgenoten lijkt nog niet aangewezen omwille van de hoge budgettaire kostprijs van een dergelijke maatregel (cf. parlementaire vraag nr. 121 van senator De Roo van 4 augustus 1992 - Vragen en Antwoorden, Senaat, nr. 23 van 22 september 1992, blz. 985).
Bron: FisconetPlus
