Circulaire nr. 5/2006 (AFZ 5/2006 - Dos. EE/L. 124) d.d. 26.01.2006

Vlaamse successierechten - Vrijstelling voor ongebouwde onroerende goederen in het VEN-gebied - Wijziging toepassingsvoorwaarden

In het Belgisch Staatsblad van 31 augustus 2005, tweede editie, werd het vlaams decreet van 15 juli 2005 "tot wijziging van artikel 55 ter van het Wetboek der Successierechten en artikel 260 bis van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 ", bekendgemaakt.

Bij dat decreet wordt in artikel 55 ter van het Wetboek der Successierechten een voorwaarde geschrapt voor het bekomen van de vrijstelling van successierechten voor in het VEN-gebied gelegen onbebouwde onroerende goederen.

Artikel 4 van het decreet bepaalt de inwerkingtreding ervan op 1 januari 2003.

Deze circulaire becommentarieert kort die wijziging van het Vlaams Wetboek der Successierechten. Bijlage I bevat de tekst van het decreet van 15 juli 2005. Bijlage II bevat de gecoördineerde tekst van artikel 55ter VL. W. Succ., zoals dat artikel luidt na de inwerkingtreding van dit dicreet.



COMMENTAAR
1. Ratio legis van de wijziging
Zoals vermeld in circulaire nr.4 /2006 was één van de vereisten om de vrijstelling bedoeld in artikel 55 ter VL. W. Succ. te kunnen inroepen, dat de in artikel 25 van het natuurdecreet bepaalde maatregelen effectief van toepassing moesten zijn op de bedoelde gronden. Er mocht dus door de voor het natuurbehoud bevoegde Vlaamse Administratie voor de betreffende gronden geen ontheffing van die maatregelen zijn verleend (1).

[(1) Circ. nr 4 / 2006, punt 2.a.1.c.]

Al vlug werd vastgesteld dat die voorwaarde in het licht van het globale opzet van de maatregel contraproduktief was. In de Commissie voor Algemeen Beleid, Financiën en Begroting (2) heeft de Vlaamse Minister van Financiën het contraproduktieve karakter van deze voorwaarde als volgt verduidelijkt:

[(2) Vlaams Parlement, Zitting 2004-2005, 21 juni 2005, Stuk 277 (2004-2005) -- Nr. 2., Ontwerp van decreet tot wijziging van artikel 55ter van het Wetboek der Successierechten en artikel 260bis van het Wetboek van inkomstenbelastingen 1992. VERSLAG namens de Commissie voor Algemeen Beleid, Financiën en begroting, uitgebracht door de heer Eric Matthijs.]

" Maar uit de praktijk blijkt dat dergelijke ontheffing overeenkomstig het decreet van 21 oktober 1997 betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu, slechts wordt verleend op voorwaarde dat er nooit schade wordt toegebracht aan de natuur. Soms wordt er een ontheffing gevraagd om méér natuur te creëren, bijvoorbeeld voor de natuur positieve ingrepen, zoals de aanleg van een poel of andere kleine landschapselementen, bosuitbreiding, heideherstel of de aanleg van een natuurvriendelijke oever, waarvoor men een ontheffing moet hebben van bijvoorbeeld het verbod op de wijziging van de vegetatie of van het reliëf (niet-limitatieve lijst). De huidige fiscale regeling bepaalt echter dat ingeval van zo'n ontheffing de vrijstelling van (…) successierechten wegvalt. De bepalingen van artikel 55ter van het Wetboek der Successierechten (…) bepalen namelijk dat iemand die een ontheffing van artikel 25 van het decreet Natuurbehoud heeft aangevraagd in het VEN, toch (…) successierechten moet betalen, ook de (…) erflater die voor de natuur positieve ingrepen wil doen. De ontheffing die men zou krijgen voor het uitvoeren van werken aan gronden gelegen in een VEN-gebied om zodoende méér natuur te bekomen, zou er dus onder de huidige regeling toe leiden dat men het fiscaal voordeel verliest.

Het voorliggend ontwerp van decreet wil deze anomalie wegwerken."

2. Praktische uitwerking en gevolgen
Praktisch werd dit gerealiseerd door in artikel 55 ter Vl. W. Succ. de volgende zinsnede weg te laten : "en waarop de maatregelen, zoals bedoeld in of in uitvoering van artikel 25 van hetzelfde decreet van toepassing zijn, zonder dat een ontheffing van deze maatregelen voor de betrokken goederen werd verleend door de administratie bevoegd voor het natuurbehoud".

Alleen de voorwaarde besproken onder punt 2.a.1.c. van de circulaire Nr. 4 / 2006 komt dus te vervallen (3). Alle overige voorwaarden voor toepassing van de vrijstelling van artikel 55 ter -- besproken onder de punten 2.a.1.a, 2.a.1.b en 2b van het commentaargedeelte van de circulaire Nr. 4 / 2006 -- blijven uiteraard onveranderd bestaan.

[(3) Uiteraard vervalt daarmee ook punt 3 van opmerking 1 op bladzijde 5 van de circulaire nr. 4 / 2006.]

3. Inwerkingtreding
Krachtens artikel 4 van het decreet heeft de wijziging van artikel 55 ter van het VL. W. Succ. uitwerking met ingang van 1 januari 2003.

Omtrent de terugwerkende kracht van de inwerkingtreding wordt in de memorie van toelichting bij het ontwerp van decreet (4) het volgende gezegd:

[(4) Vlaams Parlement, Zitting 2004-2005, 1 april 2005, Stuk 277 (2004-2005) -- Nr. 1., Ontwerp van decreet tot wijziging van artikel 55ter van het Wetboek der Successierechten en artikel 260bis van het Wetboek van inkomstenbelastingen 1992.]

" De vrijstelling van artikel 55ter van het Wetboek der Successierechten trad in werking op 1 januari 2003. Het is aangewezen om bovenstaande noodzakelijke correctie op de oorspronkelijke vrijstelling ook op die datum in werking te laten treden. Wat betreft de vraag van de Raad van State of er niet in een overgangsregeling dient voorzien te worden, kan gemeld worden dat minister Van Mechelen aan de federale administratie een brief zal richten met de vraag om de erfgenamen een "regularisatietermijn" te gunnen van twee jaar vanaf de publicatie van het uitvoeringsbesluit in het Belgisch Staatsblad. Uit navraag bij de afdeling Natuur blijkt bovendien dat het aantal ontheffingen zeer beperkt is èn van heel recente datum. Bijgevolg zal de retro-activiteit geen problemen opleveren.".

In realiteit (5) kon de vrijstelling van artikel 55ter in zijn oorspronkelijke versie ten vroegste toepassing vinden in het kader van vanaf 31 oktober 2003 opengevallen nalatenschappen. Dit brengt mee dat artikel 55ter-nieuwe versie eveneens ten vroegste toepassing kan vinden in het kader van vanaf diezelfde datum opengevallen nalatenschappen.

[(5) Zie punt 7.5. a) van circulaire nr. 4 / 2006.]

4. Regularisatiemogelijkheid
Voor de gevallen waarin ontheffing van artikel 25 van het natuurdecreet werd verleend zodat de erfgenamen voor de in de periode van 31 oktober 2003 (6) tot 31 augustus 2005 (7) opengevallen nalatenschappen, de vrijstelling niet hebben gevraagd in een vóór 1 september 2005 ingediende aangifte van nalatenschap of die deze vrijstelling, hoewel in een vóór die datum ingediende aangifte van nalatenschap gevraagd, niet hebben kunnen bekomen, biedt de Administratie van de Patrimoniumdocumentatie -- op verzoek en in overleg met het Vlaams Gewest -- de betrokkenen een mogelijkheid tot "regularisatie".

[(6)Zie voetnoot nr. 5.
(7) Datum bekendmaking van het in deze circulaire besproken decreet van 15 juli 2005.]

Voor die nalatenschappen kan de toepassing van artikel 55ter VL. W. Succ. alsnog bekomen worden, indien de aangifteplichtigen uiterlijk 1 september 2007 daartoe een bijvoeglijke aangifte indienen, die vergezeld gaat van het vereiste attest.

NAMENS DE MINISTER :
De adjunct-administrateur-generaal,

Paul NECKEBROECK.



BIJLAGE 1
Uittreksel uit het Belgisch Staatsblad van 31 augustus 2005, Ed. 2

15 juli 2005. - Decreet tot wijziging van artikel 55ter van het Wetboek der Successierechten en artikel 260bis van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992.
Het Vlaams Parlement heeft aangenomen en Wij, Regering, bekrachtigen hetgeen volgt :

Decreet tot wijziging van artikel 55 ter van het Wetboek der Successierechten en artikel 260 bis van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992.

Artikel 1. Dit decreet regelt een gewestaangelegenheid.

Art. 2. In artikel 55 ter, eerste lid, van het Wetboek der Successierechten worden de woorden "en waarop de maatregelen, zoals bedoeld in of in uitvoering van artikel 25 van hetzelfde decreet van toepassing zijn, zonder dat een ontheffing van deze maatregelen voor de betrokken goederen werd verleend door de administratie bevoegd voor het natuurbehoud" geschrapt.

Art. 3. In artikel 260bis, eerste lid, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 worden de woorden "en waarop de maatregelen zoals bedoeld in artikel 25 of in uitvoering van artikel 25 van hetzelfde decreet van toepassing zijn, zonder dat een ontheffing van deze maatregelen werd verleend door de administratie bevoegd voor het natuurbehoud" geschrapt.

Art. 4. De bepalingen van dit decreet hebben uitwerking met ingang van 1 januari 2003.

Kondigen dit decreet af, bevelen dat het in het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt.

Brussel, 15 juli 2005.

De minister-president van de Vlaamse Regering,
Y. LETERME

De Vlaamse minister van Bestuurszaken, Buitenlands Beleid, Media en Toerisme,
G. BOURGEOIS



BIJLAGE 2
Gecoördineerde tekst van artikel 55ter van het Vlaams Wetboek der Successierechten
Van het recht van successie en van het recht van overgang bij overlijden wordt vrijgesteld de waarde van de onbebouwde onroerende goederen gelegen in het Vlaams Ecologisch Netwerk, zoals bedoeld in het decreet van 21 oktober 1997 betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu.

Deze vrijstelling geldt vanaf de inwerkingtreding van het definitief vastgesteld plan, zoals bedoeld in artikel 21, § 9, van hetzelfde decreet of van het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan, zoals bedoeld in artikel 43 van het decreet van 18 mei 1999 houdende de organisatie van de ruimtelijke ordening.

Deze vrijstelling wordt slechts toegepast op voorwaarde dat in de aangifte van nalatenschap uitdrukkelijk om de toepassing van artikel 55ter wordt verzocht. Tevens moet bij de aangifte van nalatenschap een attest gevoegd worden, waaruit blijkt dat is voldaan aan de voorwaarden vermeld in het eerste lid. De Vlaamse regering legt de nadere regels met betrekking tot dit attest vast.