Circulaire nr. Ci.RH.421/456.043 dd. 28.04.1995

CIRC 28.04.95/1

Circulaire nr. Ci.RH.421/456.043 dd. 28.04.1995


Bull. nr. 750, pag. 1454

Zie ook addendum nr. Ci.RH.421/456.043 dd. 14.08.1996 (14.08.96/1)
AANSLAGVOET VEN.B
Vennootschap uitgesloten van de verminderde tarieven.


1. Art. 6, W 22.7.1993 houdende fiscale en financiële bepalingen (V 2253 - Bull. 731) heeft art. 215, 3de lid, WIB 92 - dat de vennootschappen opsomt die van de verminderde tarieven inzake Ven.B zijn uitgesloten - als volgt aangevuld :

"6° op vennootschappen waarvan het inkomen vóór aftrek van de beroepskosten, niet ten belope van ten minste 50 % wordt getrokken uit nijverheids-, handels- of landbouwactiviteiten, die winst opbrengen als vermeld in artikel 24."

Art. 23, §§ 1 en 7 van diezelfde W 22.7.1993 bepaalt anderzijds dat :

  • o.m. het voormelde art. 6 in werking trad met ingang van het aj. 1994;
  • elke wijziging die vanaf 8.4.1993 aan de datum van afsluiting van de jaarrekening wordt aangebracht zonder uitwerking was voor de toepassing van voormeld art. 6.


De circ. 31.8.1994, zelfde nummer, verstrekt commentaar op die uitsluiting.

2. Het arrest nr. 89/94 van 14.12.1994 van het Arbitragehof heeft de voormelde art. 6 en 23, §§ 1 en 7 (in zoverre die laatste bepalingen betrekking hebben op art. 6) vernietigd (BS 28.12.1994, blz. 32119).

In de huidige stand van de wetgeving mag de bedoelde uitsluiting van de verminderde tarieven dan ook niet meer worden toegepast en kunnen de aanslagen die ondertussen reeds, rekening houdend met het voormelde art. 6, W 22.7.1993, zouden gevestigd zijn, worden herzien.

3. De vennootschappen die reeds werden aangeslagen met toepassing van de thans vernietigde wetsbepalingen kunnen de herziening van hun aanslag vragen door middel van een bezwaarschrift, in te dienen in de vormen en termijnen beoogd in de artikelen 366 en 371 WIB 92.

4. Art. 18 van de bijzondere wet van 6.1.1989 (BS van 7.1.1989 - D.I. 122) op het Arbitragehof schrijft voor dat niettegenstaande de door de wetten bepaalde termijnen verstreken zijn, tegen de handelingen van de verschillende bestuursorganen, voor zover die gegrond zijn op een bepaling van een wet die vervolgens door het Arbitragehof is vernietigd, elk administratief of rechterlijk beroep dat daartegen open staat kan worden ingesteld binnen zes maanden na de bekendmaking van het arrest van het Arbitragehof in het Belgisch Staatsblad.

Daar het arrest nr. 89/94 van 14.12.1994 werd gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad van 28.12.1994, verstrijkt de bezwaartermijn voor de vennootschappen voor wie de normale bezwaartermijn zou verstrijken tussen 30.4.1995 en 28.6.1995, dus op deze laatste datum.

5. Er moet nochtans in elk geval worden onderzocht of er geen andere reden(en) bepaald in art. 215, 3e lid WIB 92 voorhanden is (zijn) die de toepassing van het verlaagd tarief in de weg staat (staan).

6. De overbelasting kan eveneens ambtshalve worden rechtgezet op grond van art. 379, § 1, WIB 92 vermits het arrest van het Arbitragehof als een "nieuw feit" in de zin van deze wetsbepaling kan worden beschouwd.

Het bepaalde in nr. 5 is hier in acht te nemen.

7. In de mate dat er voldoende RV en of VA aanwezig zijn, mag de ontheffing ook worden verleend op grond van art. 376, § 3, 1°, WIB 92.

Ook hier moet het bepaalde in nr. 5 in acht worden genomen.

8. Op grond van wat voorafgaat is in het Belgisch Staatsblad van 11.3.1995 een bericht gepubliceerd (zie bijlage) waarbij de betrokken vennootschappen werden uitgenodigd een herziening aan te vragen aan de aanslag die is gesteund op de thans vernietigde wetsbepalingen.

9. Op de wegens de ontheffing terug te betalen belasting wordt MI toegekend overeenkomstig art. 418, WIB 92.

NAMENS DE MINISTER :
Voor de Directeur-generaal :
De gedelegeerde Auditeur-generaal,


M. PORRE