Circulaire nr. Ci.RH.243/556.956 (AOIF 16/2003) dd. 23.06.2003

CIRC 23.06.03/1

Circulaire nr. Ci.RH.243/556.956 (AOIF 16/2003) dd. 23.06.2003


BEROEPSKOSTEN
Werkgeversbijdrage voor een pensioenfonds
Werkgeversbijdrage voor groepsverzekering

GROEPSVERZEKERING
Werkgeversbijdrage voor groepsverzekering

PENSIOENFONDS
Werkgeversbijdrage voor een pensioenfonds


Belastingstelsel van de bijdragen voor aanvullende verzekering tegen ouderdom en vroegtijdige dood en van sommige pensioenen en renten of als zodanig geldende kapitalen :
- vaststelling van het wettelijk rustpensioen waarmee rekening gehouden moet worden voor de berekening van de beperking van de totale maximumtoekenning bij leven die gevestigd kan worden d.m.v. bijdragen die aftrekbaar zijn als beroepskosten;
- indexering van de lopende renten.
Bedragen van toepassing voor het jaar 2002.
Aan alle ambtenaren van de niveaus 1, B en C.

INLEIDING
1. Deze circulaire geeft, voor het jaar 2002, de bedragen die van toepassing zijn inzake de beperking van de toekenningen bij leven die kunnen verzekerd worden door middel van bijdragen welke overeenkomstig art. 59, WIB 92 als beroepskosten aftrekbaar zijn.

GRENS VAN DE BRUTOBEZOLDIGINGEN - WETTELIJK RUSTPENSIOEN
A. Werknemers
2. De in nr. 59/40 en 59/Bijlage/1, Com.IB 92, beoogde grens van de brutobezoldigingen die in aanmerking komen voor de vaststelling van het wettelijk rustpensioen, bedraagt voor het jaar 2002 39.367,70 EUR.

B. Bedrijfsleiders die aan het sociaal statuut van de zelfstandigen onderworpen zijn
3. De in nr. 195/12, Com.IB 92, vermelde grens van de brutobezoldigingen die in aanmerking komen voor de vaststelling van het wettelijk rustpensioen, bedraagt voor het jaar 2002 49.993,26 EUR.

Het wettelijk minimumpensioen, waarvan sprake is in datzelfde nr., bedraagt voor het jaar 2002 6.912,83 EUR.

INDEXERING VAN DE LOPENDE RENTEN
4. Met betrekking tot in de in nr. 59/Bijlage/2, Com.IB 92, uiteengezette berekening van het maximumbedrag van de indexering, gelden voor het jaar 2002 de volgende bedragen (zie ook de nrs. 59/67 en 68, Com.IB 92) :

1° beperking van het aanvangsbedrag van de lopende jaarrente : 59.456,64 EUR voor renten die in 2002 ingegaan zijn;

2° indexeringscoëfficiënten met betrekking tot de voor het jaar 2002 verschuldigde renten :

Renten ingegaan inIndexeringscoëfficiënt
1985 of vroeger

1986, 1987 of 1988

1989

1990

1991

1992

1993

1994

1995 of 1996

1997

1998 of 1999

2000

2001

2002
0,4002

0,3459

0,3195

0,2936

0,2434

0,1951

0,1717

0,1487

0,1262

0,1041

0,0824

0,0612

0,0404

0,02

3° toe te voegen bedrag (m.b.t. vóór 1992 ingegane renten) : 2.932,16 EUR, voor renten betaald in 2002.

NAMENS DE MINISTER :
Voor de Administrateur-generaal
van de Belastingen en de Invordering :
De Auditeur-generaal van financiën,

G. DELSOIR.