Circulaire Ci.R9. USA/405.873 dd. 30.03.1989

Dubbelbelastingverdrag - Verenigde Staten van Amerika

30.03.1989 - Circ. nr. Ci.R9. USA405.873 - Onderrichtingen van onmiddellijk belang ingevolge het sluiten van het aanvullend Protocol van 31.12.1987, tot wijziging en aanvulling van de Overeenkomst van 09.07.1970 tussen België en de Verenigde Staten van Amerika tot het vermijden van dubbele belasting en van het ontgaan van belasting inzake belastingen naar het inkomen

Op 31.12.1987 is een aanvullend Protocol tussen België en de Verenigde Staten van Amerika ondertekend. Dat Protocol wijzigt en vervolledigt de Overeenkomst van 9.7.1970 tussen België en de Verenigde Staten van Amerika tot het vermijden van dubbele belasting en het ontgaan van belasting inzake belastingen naar het inkomen.

Momenteel is dit aanvullend Protocol nog niet in werking getreden aangezien de procedure van goedkeuring door de Wetgevende Kamers in België nog niet is beëindigd.

Wanneer het Protocol van 31.12.1987 in werking treedt, zal het met name de regeling wijzigen die van toepassing is op dividenden in de Staat waaruit zij afkomstig zijn. Het Protocol bepaalt inderdaad het tarief van de belasting die in de bronstaat mag worden geheven op 5 pct. van het brutobedrag van de dividenden die betrekking hebben op deelnemingen van ten minste 10 pct. van de stemgerechtigde aandelen in de vennootschap die de dividenden betaalt. In alle andere gevallen blijft het tarief van de belasting in de bronstaat mag worden geheven vastgesteld op 15 pct. tarief dat reeds ingevolge de Overeenkomst van 9.7.1970 van toepassing is.

Wanneer het aanvullende Protocol in werking treedt, zal het nieuwe tarief van 5 pct. met terugwerkende kracht worden toegepast op dividenden toegekend of betaalbaar gesteld vanaf 1.1.1988. Daaruit volgt dat, in het geval van dividenden uit bronnen in België die sedert die datum zijn betaald aan inwoners van de Verenigde Staten die een deelneming bezitten van ten minste 10 pct. van de stemgerechtigde aandelen van de Belgische vennootschap die de dividenden heeft betaald, de Belgische R.V. die in overeenstemming met de bepalingen van art. 10, §2, van de Overeenkomst van 9.7.1970-i.c., tegen een tarief van 15 pct. is geheven na de inwerkingtreding van het aanvullend Protocol zal moeten worden terugbetaald tot beloop van het verschil.

De teruggaaf zal worden verricht, hetzij in de vormen en binnen de termijnen die inzake bezwaar zijn bepaald (art. 267 en volgende, W.I.B.), hetzij in de vormen en binnen de termijnen die inzake ontheffing van ambtswege zijn bepaald (art. 277, § 1, W.I.B.).

a) Bezwaarprodecure

De uiteindelijk gerechtigde tot de dividenden die inwoner is van de Verenigde Staten in de zin van de Overeenkomst, of de wettelijke schuldenaar van de R.V., moet een bezwaar indienen tegen de voorheffing die tegen een tarief van 15 pct. is geheven, daarbij aanvoerend dat de uiteindelijk gerechtigde op de datum van betaling van de dividenden een vennootschap was die inwoner was van de Verenigde Staten in de zin van de Overeenkomst en die onmiddellijk ten minste 10 pct. bezat van de stemgerechtigde aandelen van de Belgische vennootschap die de dividenden heeft betaald.

Dit bezwaar moet schriftelijk worden gericht aan de Gewestelijke directeur te Brussel II-Vennootschappen, Louizalaan 245, B-1050 Brussel.

Voor de R.V. die in 1988 aan de Administratie werd afgedragen met betrekking tot in 1988 toegekende of betaalbaar gestelde dividenden, moeten de bezwaarschriften ten laatste op 30.4.1989 worden ingediend, zonder dat de bezwaartermijn minder mag bedragen dan zes maanden vanaf de datum van de inning van de voorheffing door de Administratie der directe belastingen, indien die voorheffing door de schuldenaar aan de Administratie is betaald binnen de in art. 303 W.I.B. bepaalde termijn, of vanaf de datum van het aanslagbiljet indien de voorheffing is ingekohierd omdat ze niet binnen die termijn door de schuldenaar was betaald.

Terugbetalingen van R.V. op grond van de hierboven beschreven procedure geven aanleiding tot het toekennen van moratoriuminterest zoals in art. 308 W.I.B is bepaald.

Tot beveiliging van hun aanspraak op moratoriuminterest mogen de genieters van dividenden of de schuldenaars van de R.V. vanaf heden worden geraden een bezwaarschrift in te dienen. De bevoegde ambtenaren houden de beslissing inzake deze bezwaarschriften in beraad tot de inwerkingtreding van het aanvullende Protocol, en behandelen ze daarna bij voorrang. In dat verband zullen de ambtenaren vermijden dat, ingeval een bezwaarschrift met betrekking tot hetzelfde voorwerp tegelijkertijd zou worden ingediend en door de schuldenaar van de R.V. en door de genieter van de dividenden, een teruggaaf van R.V. zowel aan de schuldenaar van de R.V. als aan de genieter van de dividenden zou worden verleend.

b) Procedure bij ontheffing van ambtswege

De uiteindelijk gerechtigde tot de dividenden die inwoner is van de Verenigde Staten, richt aan het Centraal Taxatiekantoor van Brussel "Buitenland", Sint-Lazaruslaan 10 te 1210 Brussel een verzoek om ontheffing, daarbij aanvoerend dat hij op de datum van de betaling van de dividenden een vennootschap was die inwoner was van de Verenigde Staten in de zin van de overeenkomst en die onmiddellijk ten minste 10 pct. bezat van de stemgerechtigde aandelen van de vennootschap die de genoemde dividenden heeft betaald.

Overeenkomstig art. 277 W.I.B. moet het verzoek bij de bovengenoemde dienst toekomen binnen 3 jaar vanaf 1 januari van het jaar waarin de R.V. door de Administratie is geïnd of bij gebreke van betaling is ingekohierd.

Voor de R.V. die in 1988 aan de Administratie is afgedragen met betrekking tot in 1988 toegekende of betaalbaar gestelde dividenden, moet het verzoek om ontheffing ten laatste op 31.12.1990 bij de bovengenoemde dienst toekomen.

De procedure van ontheffing van ambtswege geeft in principe geen aanleiding tot het toekennen van moratoriuminterest (cf. art. 309, 1ste lid, 3°, W.I.B.). In bijzondere gevallen waarbij ontheffing van ambtswege wordt verleend binnen de in art. 272 W.I.B. bepaalde termijnen, kan evenwel moratoriuminterest worden toegekend.