Circulaire nr. AFZ/98/354 dd. 14.10.1998
CIRC 14.10.98/1
Circulaire nr. AFZ/98/354 dd. 14.10.1998
Bull. nr. 787, pag. 2457
DUBBELBELASTINGVERDRAG
Administratieve regeling.
Gelijktijdige belastingcontrole.
Italië.
Uitwisseling van inlichtingen.
Wederzijdse bijstand.
CONTROLEMAATREGEL
Internationale samenwerking.
Aan alle ambtenaren van de niveaus 1 en 2+
1. De Belgische en Italiaanse administraties zijn het op 9 april 1997 en 11 juli 1997 eens geworden inzake twee administratieve regelingen op het gebied van belastingen naar het inkomen:
Deze regelingen zijn in werking getreden op 1 januari 1998. Zij werden gepubliceerd in het BS op 13.3.1998.
1. Administratieve regeling betreffende het uitwisselen van inlichtingen
2. De inlichtingen die automatisch zullen worden uitgewisseld, worden opgesomd in punt I van de regeling.
3. De regeling voorziet eveneens dat de bevoegde autoriteiten spontaan, d.w.z. zonder gebruik te maken van een specifiek verzoek, de inlichtingen zullen verstrekken die werden verkregen tijdens een belastingcontrole en die betrekking hebben op de inwoners van de andere Staat, met het oog op de juiste belastingheffing naar het inkomen van deze inwoners.
4. Ofschoon het akkoord slechts de automatische en spontane uitwisseling beoogt, is het duidelijk dat de uitwisseling van inlichtingen op verzoek zal blijven doorgaan zoals in het verleden.
5. Voor wat betreft de voorwaarden, de beperkingen, de praktische toepassingsmodaliteiten inzake het uitwisselen van inlichtingen en de geheimhouding verbonden aan de uitgewisselde inlichtingen, wordt verwezen naar de instr. van 27.11.1996, Ci.R9.Div/460.792.
2. Regeling inzake gelijktijdige belastingcontroles
6. Deze regeling staat beide belastingadministraties toe om, ieder op het eigen grondgebied, over te gaan tot een gelijktijdige en onafhankelijke controle van belastingplichtigen die een gemeenschappelijk of aanvullend fiscaal belang vertegenwoordigen voor deze administraties. De inlichtingen die aldus werden bekomen door beide administraties worden vervolgens op verzoek of op spontane wijze uitgewisseld.
7. De doelstellingen van deze gelijktijdige controles kunnen als volgt worden samengevat:
1. het juiste bedrag bepalen van de door een belastingplichtige verschuldigde belasting indien het belastingdossier de mogelijkheid biedt bepaalde bijzonderheden of mechanismen te identificeren zoals:
2. het vergemakkelijken van het uitwisselen van inlichtingen betreffende:
Voor meer bijzonderheden betreffende deze doelstellingen, zie bijlage 2, "II. Doelstellingen".
8. Een zeer belangrijk aspect van de gelijktijdige belastingcontrole is natuurlijk de selectie van de dossiers die het voorwerp uitmaken van een dergelijke controle. Verscheidene selectiecriteria werden onderzocht en worden opgesomd in punt IV van de regeling, in het bijzonder worden hier vermeld:
De volledige lijst van selectiecriteria staat vermeld in bijlage 2: "IV. Selectiecriteria van de dossiers".
9. Overigens dient elk geselecteerd dossier voor een gelijktijdige fiscale controle te handelen over één of meerdere belastingplichtigen die in de twee deelnemende Staten activiteiten uitoefenen, hetzij met behulp van verbonden ondernemingen, hetzij met behulp van vaste inrichtingen.
10. De bevoegde autoriteit van elke Staat identificeert op onafhankelijke wijze de belastingplichtigen die zij zou willen voorstellen om een gelijktijdige controle op uit te voeren. De bevoegde Belgische autoriteit is de Adjunct-administrateur-generaal van de belastingen (AAGB). Aangezien in België de dossiers die mogelijk het voorwerp zullen uitmaken van een gelijktijdige fiscale controle, behandeld worden door twee verschillende administraties (de AOIF en de BBI), zal de AAGB, in overleg met de Directeurs-generaal van deze administraties, de dossiers selecteren die zullen worden voorgesteld aan de bevoegde Italiaanse autoriteit. Evenzo zal de AAGB, in overleg met de Directeur-generaal van de administratie die bevoegd is voor het onderzoek van de betrokken belastingplichtige(n), zich uitspreken over de verzoeken die uitgaan van de Italiaanse administratie.
11. Wanneer een dossier door de bevoegde autoriteiten van beide Staten wordt aanvaard, zal een vertegenwoordiger worden aangeduid om de functionele verantwoordelijkheid van de gelijktijdige controle op zich te nemen (leiding en coördinatie).
12. De gelijktijdige controles zullen afzonderlijk worden uitgevoerd door de Belgische en Italiaanse belastingadministraties (AOIF of BBI in België - Italiaanse belastingadministraties of "Corpo della Guardia di Financia" in Italië) in het kader van de nationale wetten en gebruiken.
13. De praktische toepassingsmodaliteiten zullen in overleg met de verantwoordelijke van de administraties van de AOIF en de BBI op punt gesteld worden en zullen later worden medegedeeld.
De Adjunct-administrateur-generaal der Belastingen,
BIJLAGE 1
MINISTERIE VAN FINANCIEN
11 JULI 1997. - Administratieve regeling tussen de Belgische en de Italiaanse Ministers van Financiën inzake uitwisseling van inlichtingen op het gebied van directe belastingen. - Bericht.
In het kader van de artikelen 3 en 4 van de Richtlijn 77/799/EEG van 19 december 1977, gewijzigd door de Richtlijn 79/1070/EEG van 6 december 1979, betreffende de wederzijdse bijstand van de bevoegde Autoriteiten van de Lid-Staten op het gebied van de directe belastingen en van artikel 26 van de Overeenkomst tussen België en Italië tot het vermijden van dubbele belasting en tot het voorkomen van het ontduiken en het ontgaan van belastingen op het gebied van belastingen naar het inkomen, ondertekend op 29 april 1983 (hierna, de Overeenkomst), zijn de Belgische Minister van Financiën vertegenwoordigd doro de heer J.-M. Delporte, Adjunct-administrateur-generaal van de belastingen, en de Italiaanse Minister van Financiën vertegenwoordigd door de heer G.M. Longo, Directeur van het Bureau voor Studies van Vergelijkend Fiscaal Recht en inzake Internationale Betrekkingen, overeengekomen tussen de Belgische en de Italiaanse Fiscale Administratie een uitwisseling van inlichtingen volgens de volgende modaliteiten in te stellen:
I. Automatische uitwisseling
De bevoegde autoriteiten van de beide Staten laten elkaar alle inlichtingen waarover zij beschikken in het kader van hun normale administratieve praktijk en die nodig zijn bij de belastingheffing van hun respectievelijke belastingplichtigen regelmatig geworden, in de mate dat deze inlichtingen betrekking hebben op de inkomsten die behoren tot de volgende categorieën:
a) inkomsten van onroerende goederen zoals bedoeld in artikel 6 van de Overeenkomst;
b) ondernemingswinst zoals bedoeld in artikel 7 van de Overeenkomst;
c) dividenden zoals bedoeld in artikel 10 van de Overeenkomst;
d) interest zoals bedoeld in artikel 11 van de Overeenkomst;
e) royalty's zoals bedoeld in artikel 12 van de Overeenkomst;
f) vermogenswinst zoals bedoeld in atikel 13 van de Overeenkomst;
g) de erelonen, commissies, restorno's, gages en andere beloningen betaald aan natuurlijke personen, niet-loontrekkers of aan rechtspersonen;
h) de inkomsten, bestaande uit lonen, wedden en andere soortgelijke beloningen zoals bedoeld in de artikelen 15 en 19, § 1 van de Overeenkomst;
i) beloningen van bestuurders van vennootschappen en andere soortgelijke mandatarissen;
j) inkomsten van kunstenaars en sportbeoefenaars zoals bedoeld in artikel 17 van de Overeenkomst;
k) overheids- of privé-pensioenen;
l) de vervangingsinkomsten d.w.z. de vergoedingen, renten of diverse uitkeringen, bestemd om een verlies aan beroepsinkomsten te compenseren als gevolg van werkloosheid, ziekte, werkongeval of een andere soortgelijke omstandigheid;
m) lijfrenten en onderhoudsuitkeringen.
II. Spontane uitwisseling
De bevoegde autoriteit van elk van de beide Staten geeft, zonder gebruik te maken van een specifiek verzoek, aan de bevoegde autoriteit van de andere overeenkomstsluitende Staat, de inlichtingen die werden verkregen tijdens de verificaties of de controles uitgevoerd bij zijn belastingplichtigen en die betrekking hebben op de inwoners van de andere Staat en die de juiste belastingheffing naar het inkomen van de bedoelde inwoners betreffen.
III. Diversen
De bevoegde autoriteiten komen overeen dat de wederkerigheid een fundamenteel aspect is van de wederzijdse bijstand en verbinden zich om een sfeer van samenwerking te behouden bij het uitwisselen van de inlichtingen die het voorwerp zijn van de bepalingen van de Overeenkomst en de Richtlijn, teneinde een conforme toepassing ervan te verzekeren inzake het principe van de wederkerigheid.
De bevoegde autoriteiten komen ook overeen dat men de inlichtingen die het voorwerp zijn van een spontane uitwisseling, slechts mag gebruiken binnen de grenzen en onder de voorwaarden voorzien in artikel 26 van de Overeenkomst tussen België en Italië, alsook onder de voorwaarden van de artikelen 7 en 8 van de genoemde richtlijn. Teneinde de niet toegestane verspreiding ervan te vermijden, zullen de bevoegde autoriteiten bij elke verzending van inlichtingen moeten aanduiden dat het gebruik en de verspreiding moet overeenstemmen met de bepalingen van de Overeenkomst en van de betrokken Richtlijn.
De adressen van de diensten waaraan inlichtingen worden meegedeeld, zijn:
IV. Inwerkingtreding
Deze Regeling zal in werking treden op 1 januari 1998.
Deze Regeling zal in onderlinge overeenstemming tussen de bevoegde autoriteiten kunnen worden gewijzigd.
Iedere partij kan deze Regeling opzeggen door een schriftelijke kennisgeving aan de andere partij te richten. Deze opzegging zal uitwerking hebben vanaf de eerste dag van het jaar dat volgt op de datum van ontvangst van de kennisgeving.
Deze Regeling zal worden gepubliceerd in het publicatieblad van beide Staten.
Gedaan in tweevoud te Rome, op 9 april 1997 en te Brussel, op 11 juli 1997, in de Franse taal.
BIJLAGE 2
MINISTERIE VAN FINANCIEN
11 JULI 1997. - Administratieve regeling tussen de Belgische en de Italiaanse Ministers van Financiën tot het gelijktijdig uitvoeren van belastingcontroles, overeenkomstig artikel 26 betreffende het uitwisselen van inlichtingen van de overeenkomst tussen Italië en België tot het vermijden van dubbele belasting en tot het voorkomen van het ontduiken en het ontgaan van belasting op het gebied van belastingen naar het inkomen, ondertekend te Rome, op 29 april 1983 en de richtlijn 77/799 EEG, van 19 december 1977. - Bericht.
De Belgische Minister van Financiën vertegenwoordigd door de heer J.-M. Delporte, Adjunct-administrateur-generaal van de belastingen en de Italiaanse Minister van Financiën, vertegenwoordigd door de heer G.M. Longo, Directeur van het Bureau voor Studies van Vergelijkend Fiscaal Recht en inzake Internationale Betrekkingen, hebben besloten een Regeling te treffen tot het uitvoeren van gelijktijdige belastingcontroles en zijn het volgende overeengekomen:
I. Definitie en juridische grond:
Voor de toepassing van deze Regeling verstaat men onder gelijktijdige belastingcontrole, een controle uitgevoerd krachtens een regeling volgens dewelke de twee deelnemende Staten overeenkomen gelijktijdig en op onafhankelijke wijze, elk op zijn grondgebied, een controle uit te voeren naar de belastingtoestand van één (of meerdere) belastingplichtige(n) die een gemeenschappelijk of aanvullend belang vertegenwoordigt en met als doel het uitwisselen van de aldus bekomen inlichtingen.
De gelijktijdige belastingcontrole zal overeenkomstig artikel 26 van de Overeenkomst tussen Italië en België tot het vermijden van dubbele belasting van 29 april 1983 en de Richtlijn 77/799 EG van 19 december 1977, voor wat betreft de belastingen bedoeld in artikel 1, derde en vierde lid van deze Richtlijn, worden uitgevoerd.
De uitwisseling van inlichtingen krachtens deze Regeling zal gedaan worden binnen de grenzen en onder de voorwaarden voorzien in artikel 26 van de genoemde Overeenkomst evenals in de artikelen 7 en 8 van deze Richtlijn.
Elke uitwisseling van inlichtingen die voortkomt uit een dergelijke gelijktijdige controle vindt plaats door bemiddeling van de bevoegde autoriteiten, hetzij op verzoek of spontaan.
II. Doelstellingen:
De doelstellingen van de gelijktijdige belastingcontroles zijn hoofdzakelijk:
1. Het juiste bedrag van de door een belastingplichtige verschuldigde belasting te bepalen indien:
2. Het vergemakkelijken van het uitwisselen van inlichtingen betreffende:
De gelijktijdige belastingcontrole vervangt op geen enkele wijze de procedure van onderling overleg voorzien in artikel 25 van de genoemde Overeenkomst.
III. Selectie van de dossiers en controleprocedure:
1. De bevoegde autoriteit van elke Staat identificeert op onafhankelijke wijze de belastingplichtigen die zij zou willen voorstellen om een gelijktijdige controle op uit te voeren.
2. De bevoegde autoriteit van elke Staat informeert de overeenstemmende autoriteit van de andere Staat over de keuze van de dossiers die het voorwerp kunnen uitmaken van gelijktijdige belastingcontroles, waartoe zij is overgegaan door de selectiecriteria te gebruiken die hieronder beschreven zijn.
Zij zal haar keuze motiveren, in de mate van het mogelijke, door de inlichtingen te geven die hebben geleid tot deze keuze, evenals iedere andere gepaste inlichting en zij zal de regels inzake verjaring die van toepassing zijn op de dossiers die voor een gelijktijdige controle in aanmerking komen, aanduiden.
3. Elke Staat zal vervolgens beslissen of het wenst deel te nemen aan een bepaalde gelijktijdige controle.
4. De bevoegde autoriteit waaraan een gelijktijdige controle werd voorgesteld zal de ontvangen inlichtingen samen met haar eigen inlichtingen in overweging nemen en zal schriftelijk haar aanvaarding of haar weigering om de controle uit te voeren (met de vermelding van de belastingplichtigen, de belastingen en de betrokken aanslagjaren) aan de overeenstemmende autoriteit bevestigen.
Alvorens de bevestiging ervan te geven, zal de bevoegde autoriteit, hetzij krachtens het intern recht, hetzij krachtens de bepalingen, vevat in zowel artikel 26 van het dubbelbelastingverdrag als in de Richtlijn 77/799 EEG, elke inlichting trachten te bekomen die nodig is om tot een beslissing te komen.
Zij zal een vertegenwoordiger aanduiden, die zij heeft aangesteld om gelast te worden met de functionele verantwoordelijkheid tot het leiden en coördineren van de controle.
De bevoegde autoriteit die de controle heeft voorgesteld zal eveneens schriftelijk een vertegenwoordiger aanduiden die zij heeft aangesteld.
De bevoegde autoriteiten kunnen vervolgens wederzijds verzoeken om uitwisseling van inlichtingen voorleggen of spontaan inlichtingen meedelen krachtens en in overeenstemming met de Overeenkomst en de Richtlijn die de huidige Regeling beheersen.
5. De door de bevoegde autoriteiten aangestelde vertegenwoordigers, waken over het praktische aspect van de gelijktijdige controle (datum van aanvang, kalender, modaliteiten en de te verifiëren periodes).
6. De voorafgaande voorwaarde en bijgevolg essentieel voor de keuze van de dossiers is dat de aanslagjaren aanleiding kunnen geven tot een controle in de beide Staten die geïnteresseerd zijn in een gelijktijdige controle.
IV. Selectiecriteria van de dossiers:
Elk geselecteerd dossier voor een gelijktijdige fiscale controle, moet in het algemeen gaan over één of meerdere belastingplichtigen die in de twee deelnemende Staten activiteiten uitoefenen, hetzij met behulp van verbonden vennootschappen, hetzij met behulp van vaste inrichtingen. De factoren, waarmee rekening moet gehouden worden voor de selectie van een gelijktijdige controle zijn voornamelijk maar niet uitsluitend:
V. Personeel:
1. De controles zullen door de ambtenaren van de Belastingadministratie van elke Staat afzonderlijk uitgevoerd worden in het kader van de nationale wetten en praktijken door de bepalingen toe te passen die van kracht zijn aangaande het uitwisselen van inlichtingen.
2. Er is overeengekomen dat de uitdrukking "vertegenwoordigers van de Belastingadministratie", gebruikt in deze Regeling, eveneens omvat, voor wat betreft Italië, de personen die deel uitmaken van het "Corpo della Guardia di Finanza" en, voor wat betreft België, de ambtenaren van de Administratie van de Bijzondere Belastinginspectie.
3. De door de twee administraties aangeduide vertegenwoordigers zullen zich slechts met elkaar in verbinding stellen door bemiddeling van de bevoegde autoriteiten.
4. De bevoegde autoriteiten kunnen beslissen dat de vertegenwoordigers gemachtigd zijn om te handelen als afgevaardigde van de bevoegde autoriteit van hun land. Deze machtiging zal hen de mogelijkheid bieden, zowel per telefoon (per fax of electronische post) als in rechtstreeks overleg met elkaar in verbinding te treden. De schriftelijke mededelingen zullen evenwel altijd worden verricht door bemiddeling van de bevoegde autoriteiten.
5. De vertegenwoordigers van de Belastingadministratie van een deelnemende Staat kunnen niet deelnemen aan een fiscale controle, uitgevoerd door de Belastingadministratie van de andere deelnemende Staat.
VI. Programmatie van de gelijktijdige belastingcontrole:
Alvorens de belastingcontrole te beginnen, zullen de belastingambtenaren gelast met de zaak samen met de overeenstemmende ambtenaren van de andere Staat, de controleprogramma's van iedere Staat, de aspecten die vatbaar zijn voor verder onderzoek en de te respecteren kalender onderzoeken. Men zal de coördinatievergaderingen kunnen organiseren die geschikt zullen zijn om van nabij het verloop van de gelijktijdige belastingcontrole te programmeren en te volgen.
Tussen de beide Staten is echter geen enkele uitwisseling van officiële programma's van belastingcontrole toegestaan.
De bevoegde autoriteiten van de deelnemende Staten kunnen zich rechtstreeks met elkander in verbinding stellen voor de toepassing van deze Regeling.
VII. Verloop van de gelijktijdige belastingcontrole:
De gelijktijdige belastingcontrole vereist de samenwerking van de ambtenaren in functie van de Belastingadministratie van elke Staat die gelijktijdig, maar op onafhankelijke wijze, de situatie van de belastingplichtige(n) die afhangen van hun jurisdictie zullen controleren. Zij trachten in de mate van het mogelijke hun werkprogramma gelijktijdig te laten verlopen.
VIII. Onderbreking van de gelijktijdige belastingcontrole:
Wanneer één van beide Staten besluit dat het voor haar niet meer nuttig is de gelijktijdige controle van een dossier verder te zetten, kan hij van de controle afzien door zijn beslissing aan de andere Staat te notificeren.
IX. Einde van de gelijktijdige belastingcontrole:
Een gelijktijdige belastingcontrole zal worden beëindigd na coördinatie en overleg tussen de bevoegde autoriteiten van beide Staten. De gevallen van dubbele belasting die tijdens de controle aan het licht zijn gebracht, worden voorbehouden voor de procedure inzake onderling overleg.
X. Inwerkingtreding:
Deze administratieve Regeling zal in werking treden op 1 januari 1998.
Deze administratieve Regeling kan in onderlinge overeenstemming tussen de bevoegde Autoriteiten worden gewijzigd.
Iedere partij kan deze administratieve Regeling opzeggen door een schriftelijke kennisgeving aan de ander partij te richten. Deze opzegging zal uitwerking hebben vanaf de eerst dat van het jaar dat volgt op de datum van ontvangst van kennisgeving.
Deze administratieve Regeling zal worden gepubliceerd in het Publicatieblad van beide Staten.
Gedaan in tweevoud te Rome, op 9 april 1997, en te Brussel op 11 juli 1997, in de Franse taal.
Circulaire nr. AFZ/98/354 dd. 14.10.1998
Bull. nr. 787, pag. 2457
DUBBELBELASTINGVERDRAG
Administratieve regeling.
Gelijktijdige belastingcontrole.
Italië.
Uitwisseling van inlichtingen.
Wederzijdse bijstand.
CONTROLEMAATREGEL
Internationale samenwerking.
Aan alle ambtenaren van de niveaus 1 en 2+
1. De Belgische en Italiaanse administraties zijn het op 9 april 1997 en 11 juli 1997 eens geworden inzake twee administratieve regelingen op het gebied van belastingen naar het inkomen:
- een regeling betreffende het uitwisselen van inlichtingen (cf. bijlage 1);
- een regeling betreffende de gelijktijdige belastingcontroles (cf. bijlage 2).
Deze regelingen zijn in werking getreden op 1 januari 1998. Zij werden gepubliceerd in het BS op 13.3.1998.
1. Administratieve regeling betreffende het uitwisselen van inlichtingen
2. De inlichtingen die automatisch zullen worden uitgewisseld, worden opgesomd in punt I van de regeling.
3. De regeling voorziet eveneens dat de bevoegde autoriteiten spontaan, d.w.z. zonder gebruik te maken van een specifiek verzoek, de inlichtingen zullen verstrekken die werden verkregen tijdens een belastingcontrole en die betrekking hebben op de inwoners van de andere Staat, met het oog op de juiste belastingheffing naar het inkomen van deze inwoners.
4. Ofschoon het akkoord slechts de automatische en spontane uitwisseling beoogt, is het duidelijk dat de uitwisseling van inlichtingen op verzoek zal blijven doorgaan zoals in het verleden.
5. Voor wat betreft de voorwaarden, de beperkingen, de praktische toepassingsmodaliteiten inzake het uitwisselen van inlichtingen en de geheimhouding verbonden aan de uitgewisselde inlichtingen, wordt verwezen naar de instr. van 27.11.1996, Ci.R9.Div/460.792.
2. Regeling inzake gelijktijdige belastingcontroles
6. Deze regeling staat beide belastingadministraties toe om, ieder op het eigen grondgebied, over te gaan tot een gelijktijdige en onafhankelijke controle van belastingplichtigen die een gemeenschappelijk of aanvullend fiscaal belang vertegenwoordigen voor deze administraties. De inlichtingen die aldus werden bekomen door beide administraties worden vervolgens op verzoek of op spontane wijze uitgewisseld.
7. De doelstellingen van deze gelijktijdige controles kunnen als volgt worden samengevat:
1. het juiste bedrag bepalen van de door een belastingplichtige verschuldigde belasting indien het belastingdossier de mogelijkheid biedt bepaalde bijzonderheden of mechanismen te identificeren zoals:
- de verdeling van de lasten of de winst tussen Belgische en Italiaanse belastingplichtigen en, meer algemeen, problemen inzake verrekenprijzen;
- duidelijke technieken van belastingontwijking en -ontduiking, technieken van rechtsmisbruik, prijsmanipulaties, enz.;
- niet aangegeven inkomsten, fiscale aspecten inzake het witwassen van geld, corruptiepraktijken, ongeoorloofde betalingen van smeergeld;
- verrichtingen met fiscale paradijzen.
2. het vergemakkelijken van het uitwisselen van inlichtingen betreffende:
- de handelspraktijken van multinationale ondernemingen, de ingewikkelde transacties, de problemen van belastingcontrole en het niet respecteren van de belastingverplichtingen eigen aan een industrie;
- akkoorden inzake kostenverdeling;
- de herverdelingsmethoden van de winst in specifieke gevallen.
Voor meer bijzonderheden betreffende deze doelstellingen, zie bijlage 2, "II. Doelstellingen".
8. Een zeer belangrijk aspect van de gelijktijdige belastingcontrole is natuurlijk de selectie van de dossiers die het voorwerp uitmaken van een dergelijke controle. Verscheidene selectiecriteria werden onderzocht en worden opgesomd in punt IV van de regeling, in het bijzonder worden hier vermeld:
- het belang van de verrichtingen op wereldschaal;
- de omvang van de verrichtingen binnen de groep;
- het bestaan van aanwijzingen van belastingontwijking en fraude;
- het bestaan van aanwijzingen van een wezenlijke overtreding van de fiscale wetgeving;
- de aanwijzing van een manipulatie van de verrekenprijzen;
- abnormaal lage economische resultaten;
- het bestaan van verrichtingen met belastingparadijzen.
De volledige lijst van selectiecriteria staat vermeld in bijlage 2: "IV. Selectiecriteria van de dossiers".
9. Overigens dient elk geselecteerd dossier voor een gelijktijdige fiscale controle te handelen over één of meerdere belastingplichtigen die in de twee deelnemende Staten activiteiten uitoefenen, hetzij met behulp van verbonden ondernemingen, hetzij met behulp van vaste inrichtingen.
10. De bevoegde autoriteit van elke Staat identificeert op onafhankelijke wijze de belastingplichtigen die zij zou willen voorstellen om een gelijktijdige controle op uit te voeren. De bevoegde Belgische autoriteit is de Adjunct-administrateur-generaal van de belastingen (AAGB). Aangezien in België de dossiers die mogelijk het voorwerp zullen uitmaken van een gelijktijdige fiscale controle, behandeld worden door twee verschillende administraties (de AOIF en de BBI), zal de AAGB, in overleg met de Directeurs-generaal van deze administraties, de dossiers selecteren die zullen worden voorgesteld aan de bevoegde Italiaanse autoriteit. Evenzo zal de AAGB, in overleg met de Directeur-generaal van de administratie die bevoegd is voor het onderzoek van de betrokken belastingplichtige(n), zich uitspreken over de verzoeken die uitgaan van de Italiaanse administratie.
11. Wanneer een dossier door de bevoegde autoriteiten van beide Staten wordt aanvaard, zal een vertegenwoordiger worden aangeduid om de functionele verantwoordelijkheid van de gelijktijdige controle op zich te nemen (leiding en coördinatie).
12. De gelijktijdige controles zullen afzonderlijk worden uitgevoerd door de Belgische en Italiaanse belastingadministraties (AOIF of BBI in België - Italiaanse belastingadministraties of "Corpo della Guardia di Financia" in Italië) in het kader van de nationale wetten en gebruiken.
13. De praktische toepassingsmodaliteiten zullen in overleg met de verantwoordelijke van de administraties van de AOIF en de BBI op punt gesteld worden en zullen later worden medegedeeld.
De Adjunct-administrateur-generaal der Belastingen,
J.-M. DELPORTE
BIJLAGE 1
MINISTERIE VAN FINANCIEN
11 JULI 1997. - Administratieve regeling tussen de Belgische en de Italiaanse Ministers van Financiën inzake uitwisseling van inlichtingen op het gebied van directe belastingen. - Bericht.
In het kader van de artikelen 3 en 4 van de Richtlijn 77/799/EEG van 19 december 1977, gewijzigd door de Richtlijn 79/1070/EEG van 6 december 1979, betreffende de wederzijdse bijstand van de bevoegde Autoriteiten van de Lid-Staten op het gebied van de directe belastingen en van artikel 26 van de Overeenkomst tussen België en Italië tot het vermijden van dubbele belasting en tot het voorkomen van het ontduiken en het ontgaan van belastingen op het gebied van belastingen naar het inkomen, ondertekend op 29 april 1983 (hierna, de Overeenkomst), zijn de Belgische Minister van Financiën vertegenwoordigd doro de heer J.-M. Delporte, Adjunct-administrateur-generaal van de belastingen, en de Italiaanse Minister van Financiën vertegenwoordigd door de heer G.M. Longo, Directeur van het Bureau voor Studies van Vergelijkend Fiscaal Recht en inzake Internationale Betrekkingen, overeengekomen tussen de Belgische en de Italiaanse Fiscale Administratie een uitwisseling van inlichtingen volgens de volgende modaliteiten in te stellen:
I. Automatische uitwisseling
De bevoegde autoriteiten van de beide Staten laten elkaar alle inlichtingen waarover zij beschikken in het kader van hun normale administratieve praktijk en die nodig zijn bij de belastingheffing van hun respectievelijke belastingplichtigen regelmatig geworden, in de mate dat deze inlichtingen betrekking hebben op de inkomsten die behoren tot de volgende categorieën:
a) inkomsten van onroerende goederen zoals bedoeld in artikel 6 van de Overeenkomst;
b) ondernemingswinst zoals bedoeld in artikel 7 van de Overeenkomst;
c) dividenden zoals bedoeld in artikel 10 van de Overeenkomst;
d) interest zoals bedoeld in artikel 11 van de Overeenkomst;
e) royalty's zoals bedoeld in artikel 12 van de Overeenkomst;
f) vermogenswinst zoals bedoeld in atikel 13 van de Overeenkomst;
g) de erelonen, commissies, restorno's, gages en andere beloningen betaald aan natuurlijke personen, niet-loontrekkers of aan rechtspersonen;
h) de inkomsten, bestaande uit lonen, wedden en andere soortgelijke beloningen zoals bedoeld in de artikelen 15 en 19, § 1 van de Overeenkomst;
i) beloningen van bestuurders van vennootschappen en andere soortgelijke mandatarissen;
j) inkomsten van kunstenaars en sportbeoefenaars zoals bedoeld in artikel 17 van de Overeenkomst;
k) overheids- of privé-pensioenen;
l) de vervangingsinkomsten d.w.z. de vergoedingen, renten of diverse uitkeringen, bestemd om een verlies aan beroepsinkomsten te compenseren als gevolg van werkloosheid, ziekte, werkongeval of een andere soortgelijke omstandigheid;
m) lijfrenten en onderhoudsuitkeringen.
II. Spontane uitwisseling
De bevoegde autoriteit van elk van de beide Staten geeft, zonder gebruik te maken van een specifiek verzoek, aan de bevoegde autoriteit van de andere overeenkomstsluitende Staat, de inlichtingen die werden verkregen tijdens de verificaties of de controles uitgevoerd bij zijn belastingplichtigen en die betrekking hebben op de inwoners van de andere Staat en die de juiste belastingheffing naar het inkomen van de bedoelde inwoners betreffen.
III. Diversen
De bevoegde autoriteiten komen overeen dat de wederkerigheid een fundamenteel aspect is van de wederzijdse bijstand en verbinden zich om een sfeer van samenwerking te behouden bij het uitwisselen van de inlichtingen die het voorwerp zijn van de bepalingen van de Overeenkomst en de Richtlijn, teneinde een conforme toepassing ervan te verzekeren inzake het principe van de wederkerigheid.
De bevoegde autoriteiten komen ook overeen dat men de inlichtingen die het voorwerp zijn van een spontane uitwisseling, slechts mag gebruiken binnen de grenzen en onder de voorwaarden voorzien in artikel 26 van de Overeenkomst tussen België en Italië, alsook onder de voorwaarden van de artikelen 7 en 8 van de genoemde richtlijn. Teneinde de niet toegestane verspreiding ervan te vermijden, zullen de bevoegde autoriteiten bij elke verzending van inlichtingen moeten aanduiden dat het gebruik en de verspreiding moet overeenstemmen met de bepalingen van de Overeenkomst en van de betrokken Richtlijn.
De adressen van de diensten waaraan inlichtingen worden meegedeeld, zijn:
- voor België, het Hoofdbestuur der Directe Belastingen I/3-Financietoren, Rijksadministratief Centrum (R.A.C.)-Kruidtuinlaan 50, bus 32, 1010 Burssel, België;
- voor Italië, Ministero della Finanze, Segretariato Generale, Ufficio per gli Studi di Diritto Tributario Comparato e per le Relazioni Internazionali, viale dell'Aeronautica 122-00144 Roma, Italia.
IV. Inwerkingtreding
Deze Regeling zal in werking treden op 1 januari 1998.
Deze Regeling zal in onderlinge overeenstemming tussen de bevoegde autoriteiten kunnen worden gewijzigd.
Iedere partij kan deze Regeling opzeggen door een schriftelijke kennisgeving aan de andere partij te richten. Deze opzegging zal uitwerking hebben vanaf de eerste dag van het jaar dat volgt op de datum van ontvangst van de kennisgeving.
Deze Regeling zal worden gepubliceerd in het publicatieblad van beide Staten.
Gedaan in tweevoud te Rome, op 9 april 1997 en te Brussel, op 11 juli 1997, in de Franse taal.
Voor de Belgische Minister van Financiën:
J.-M. DELPORTE
Voor de Italiaanse Minister van Financiën:
G.M. LONGO
BIJLAGE 2
MINISTERIE VAN FINANCIEN
11 JULI 1997. - Administratieve regeling tussen de Belgische en de Italiaanse Ministers van Financiën tot het gelijktijdig uitvoeren van belastingcontroles, overeenkomstig artikel 26 betreffende het uitwisselen van inlichtingen van de overeenkomst tussen Italië en België tot het vermijden van dubbele belasting en tot het voorkomen van het ontduiken en het ontgaan van belasting op het gebied van belastingen naar het inkomen, ondertekend te Rome, op 29 april 1983 en de richtlijn 77/799 EEG, van 19 december 1977. - Bericht.
De Belgische Minister van Financiën vertegenwoordigd door de heer J.-M. Delporte, Adjunct-administrateur-generaal van de belastingen en de Italiaanse Minister van Financiën, vertegenwoordigd door de heer G.M. Longo, Directeur van het Bureau voor Studies van Vergelijkend Fiscaal Recht en inzake Internationale Betrekkingen, hebben besloten een Regeling te treffen tot het uitvoeren van gelijktijdige belastingcontroles en zijn het volgende overeengekomen:
I. Definitie en juridische grond:
Voor de toepassing van deze Regeling verstaat men onder gelijktijdige belastingcontrole, een controle uitgevoerd krachtens een regeling volgens dewelke de twee deelnemende Staten overeenkomen gelijktijdig en op onafhankelijke wijze, elk op zijn grondgebied, een controle uit te voeren naar de belastingtoestand van één (of meerdere) belastingplichtige(n) die een gemeenschappelijk of aanvullend belang vertegenwoordigt en met als doel het uitwisselen van de aldus bekomen inlichtingen.
De gelijktijdige belastingcontrole zal overeenkomstig artikel 26 van de Overeenkomst tussen Italië en België tot het vermijden van dubbele belasting van 29 april 1983 en de Richtlijn 77/799 EG van 19 december 1977, voor wat betreft de belastingen bedoeld in artikel 1, derde en vierde lid van deze Richtlijn, worden uitgevoerd.
De uitwisseling van inlichtingen krachtens deze Regeling zal gedaan worden binnen de grenzen en onder de voorwaarden voorzien in artikel 26 van de genoemde Overeenkomst evenals in de artikelen 7 en 8 van deze Richtlijn.
Elke uitwisseling van inlichtingen die voortkomt uit een dergelijke gelijktijdige controle vindt plaats door bemiddeling van de bevoegde autoriteiten, hetzij op verzoek of spontaan.
II. Doelstellingen:
De doelstellingen van de gelijktijdige belastingcontroles zijn hoofdzakelijk:
1. Het juiste bedrag van de door een belastingplichtige verschuldigde belasting te bepalen indien:
- de lasten verdeeld of toegerekend zijn en de winst omgedeeld is tussen belastingplichtigen, die inwoner zijn van verschillende fiscale jurisdicties of, meer algemeen, problemen inzake verrekenprijzen zich stellen;
- duidelijke technieken van belastingontwijking en -ontduiking of regelingen die verrichtingen inhouden waarvan de wezenlijke inhoud verschillend is van de door belastingplichtige(n) voorgestelde juridische vorm, gecontroleerde financieringsverrichtingen, prijsmanipulaties, kostenverdelingen of fiscale schuilplaatsen worden vastgesteld;
- niet aangegeven inkomsten, fiscale aspecten inzake het witwassen van geld en corruptiepraktijken, ongeoorloofde betalingen van smeergeld of van andere onwettige betalingen, enz. worden vastgesteld;
- verrichtingen met fiscale paradijzen of technieken inzake belastingontwijking en -ontduiking met behulp van fiscale paradijzen, worden aangetoond.
2. Het vergemakkelijken van het uitwisselen van inlichtingen betreffende:
- de handelspraktijken van multinationale ondernemingen, de ingewikkelde transacties, de problemen van belastingcontrole en de trend tot het niet respecteren van de belastingverplichtingen die kunnen eigen zijn aan een industrie of een groep van industrieën;
- akkoorden inzake kostenverdeling;
- de herverdelingsmethoden van winst in specifieke gevallen zoals de wisselverrichtingen op wereldschaal en de nieuwe financiële instrumenten.
De gelijktijdige belastingcontrole vervangt op geen enkele wijze de procedure van onderling overleg voorzien in artikel 25 van de genoemde Overeenkomst.
III. Selectie van de dossiers en controleprocedure:
1. De bevoegde autoriteit van elke Staat identificeert op onafhankelijke wijze de belastingplichtigen die zij zou willen voorstellen om een gelijktijdige controle op uit te voeren.
2. De bevoegde autoriteit van elke Staat informeert de overeenstemmende autoriteit van de andere Staat over de keuze van de dossiers die het voorwerp kunnen uitmaken van gelijktijdige belastingcontroles, waartoe zij is overgegaan door de selectiecriteria te gebruiken die hieronder beschreven zijn.
Zij zal haar keuze motiveren, in de mate van het mogelijke, door de inlichtingen te geven die hebben geleid tot deze keuze, evenals iedere andere gepaste inlichting en zij zal de regels inzake verjaring die van toepassing zijn op de dossiers die voor een gelijktijdige controle in aanmerking komen, aanduiden.
3. Elke Staat zal vervolgens beslissen of het wenst deel te nemen aan een bepaalde gelijktijdige controle.
4. De bevoegde autoriteit waaraan een gelijktijdige controle werd voorgesteld zal de ontvangen inlichtingen samen met haar eigen inlichtingen in overweging nemen en zal schriftelijk haar aanvaarding of haar weigering om de controle uit te voeren (met de vermelding van de belastingplichtigen, de belastingen en de betrokken aanslagjaren) aan de overeenstemmende autoriteit bevestigen.
Alvorens de bevestiging ervan te geven, zal de bevoegde autoriteit, hetzij krachtens het intern recht, hetzij krachtens de bepalingen, vevat in zowel artikel 26 van het dubbelbelastingverdrag als in de Richtlijn 77/799 EEG, elke inlichting trachten te bekomen die nodig is om tot een beslissing te komen.
Zij zal een vertegenwoordiger aanduiden, die zij heeft aangesteld om gelast te worden met de functionele verantwoordelijkheid tot het leiden en coördineren van de controle.
De bevoegde autoriteit die de controle heeft voorgesteld zal eveneens schriftelijk een vertegenwoordiger aanduiden die zij heeft aangesteld.
De bevoegde autoriteiten kunnen vervolgens wederzijds verzoeken om uitwisseling van inlichtingen voorleggen of spontaan inlichtingen meedelen krachtens en in overeenstemming met de Overeenkomst en de Richtlijn die de huidige Regeling beheersen.
5. De door de bevoegde autoriteiten aangestelde vertegenwoordigers, waken over het praktische aspect van de gelijktijdige controle (datum van aanvang, kalender, modaliteiten en de te verifiëren periodes).
6. De voorafgaande voorwaarde en bijgevolg essentieel voor de keuze van de dossiers is dat de aanslagjaren aanleiding kunnen geven tot een controle in de beide Staten die geïnteresseerd zijn in een gelijktijdige controle.
IV. Selectiecriteria van de dossiers:
Elk geselecteerd dossier voor een gelijktijdige fiscale controle, moet in het algemeen gaan over één of meerdere belastingplichtigen die in de twee deelnemende Staten activiteiten uitoefenen, hetzij met behulp van verbonden vennootschappen, hetzij met behulp van vaste inrichtingen. De factoren, waarmee rekening moet gehouden worden voor de selectie van een gelijktijdige controle zijn voornamelijk maar niet uitsluitend:
- het belang van de verrichtingen op wereldschaal;
- de omvang van de verrichtingen binnen de groep;
- het bestaan van aanwijzingen van belastingontwijking en fraude;
- het bestaan van aanwijzingen van een wezenlijke overtreding van de fiscale wetgeving in de deelnemende landen;
- de aanwijzing van een manipulatie van de verrekenprijzen met een potentieel nadeel voor de deelnemende landen;
- de aanwijzing van andere vormen van internationale belastingplanning, die, indien zij met succes worden tegengegaan, bijkomende belastingontvangsten kunnen voortbrengen in de deelnemende Staten;
- de aanwijzing dat de economische resultaten van een belastingplichtige of van verwante belastingplichtigen over een bepaalde periode slechter zijn dan die welke konden worden verwacht, bijvoorbeeld:
- de economische resultaten weerspiegelen niet de juiste winst, indien men ze vergelijkt met de verkopen, de totale activa, enz.;
- het geval waarin de belastingplichtige voortdurend verliezen aangeeft en meer bepaald verliezen op lange termijn;
- het geval waarin de belastingplichtige, ondanks winst, weinig of geen belasting heeft betaald in de loop van de beschouwde periode;
- het bestaan van verrichtingen met belastingparadijzen;
- de situaties waarin de bevoegde autoriteiten oordelen dat een dergelijke controle van belang is voor de belastingadministraties teneinde het respect voor de fiscale verplichtingen op internationaal niveau te bevorderen.
V. Personeel:
1. De controles zullen door de ambtenaren van de Belastingadministratie van elke Staat afzonderlijk uitgevoerd worden in het kader van de nationale wetten en praktijken door de bepalingen toe te passen die van kracht zijn aangaande het uitwisselen van inlichtingen.
2. Er is overeengekomen dat de uitdrukking "vertegenwoordigers van de Belastingadministratie", gebruikt in deze Regeling, eveneens omvat, voor wat betreft Italië, de personen die deel uitmaken van het "Corpo della Guardia di Finanza" en, voor wat betreft België, de ambtenaren van de Administratie van de Bijzondere Belastinginspectie.
3. De door de twee administraties aangeduide vertegenwoordigers zullen zich slechts met elkaar in verbinding stellen door bemiddeling van de bevoegde autoriteiten.
4. De bevoegde autoriteiten kunnen beslissen dat de vertegenwoordigers gemachtigd zijn om te handelen als afgevaardigde van de bevoegde autoriteit van hun land. Deze machtiging zal hen de mogelijkheid bieden, zowel per telefoon (per fax of electronische post) als in rechtstreeks overleg met elkaar in verbinding te treden. De schriftelijke mededelingen zullen evenwel altijd worden verricht door bemiddeling van de bevoegde autoriteiten.
5. De vertegenwoordigers van de Belastingadministratie van een deelnemende Staat kunnen niet deelnemen aan een fiscale controle, uitgevoerd door de Belastingadministratie van de andere deelnemende Staat.
VI. Programmatie van de gelijktijdige belastingcontrole:
Alvorens de belastingcontrole te beginnen, zullen de belastingambtenaren gelast met de zaak samen met de overeenstemmende ambtenaren van de andere Staat, de controleprogramma's van iedere Staat, de aspecten die vatbaar zijn voor verder onderzoek en de te respecteren kalender onderzoeken. Men zal de coördinatievergaderingen kunnen organiseren die geschikt zullen zijn om van nabij het verloop van de gelijktijdige belastingcontrole te programmeren en te volgen.
Tussen de beide Staten is echter geen enkele uitwisseling van officiële programma's van belastingcontrole toegestaan.
De bevoegde autoriteiten van de deelnemende Staten kunnen zich rechtstreeks met elkander in verbinding stellen voor de toepassing van deze Regeling.
VII. Verloop van de gelijktijdige belastingcontrole:
De gelijktijdige belastingcontrole vereist de samenwerking van de ambtenaren in functie van de Belastingadministratie van elke Staat die gelijktijdig, maar op onafhankelijke wijze, de situatie van de belastingplichtige(n) die afhangen van hun jurisdictie zullen controleren. Zij trachten in de mate van het mogelijke hun werkprogramma gelijktijdig te laten verlopen.
VIII. Onderbreking van de gelijktijdige belastingcontrole:
Wanneer één van beide Staten besluit dat het voor haar niet meer nuttig is de gelijktijdige controle van een dossier verder te zetten, kan hij van de controle afzien door zijn beslissing aan de andere Staat te notificeren.
IX. Einde van de gelijktijdige belastingcontrole:
Een gelijktijdige belastingcontrole zal worden beëindigd na coördinatie en overleg tussen de bevoegde autoriteiten van beide Staten. De gevallen van dubbele belasting die tijdens de controle aan het licht zijn gebracht, worden voorbehouden voor de procedure inzake onderling overleg.
X. Inwerkingtreding:
Deze administratieve Regeling zal in werking treden op 1 januari 1998.
Deze administratieve Regeling kan in onderlinge overeenstemming tussen de bevoegde Autoriteiten worden gewijzigd.
Iedere partij kan deze administratieve Regeling opzeggen door een schriftelijke kennisgeving aan de ander partij te richten. Deze opzegging zal uitwerking hebben vanaf de eerst dat van het jaar dat volgt op de datum van ontvangst van kennisgeving.
Deze administratieve Regeling zal worden gepubliceerd in het Publicatieblad van beide Staten.
Gedaan in tweevoud te Rome, op 9 april 1997, en te Brussel op 11 juli 1997, in de Franse taal.
Voor de Belgische Minister van Financiën,
(Get.) J.-M. Delporte
Voor de Italiaanse Minister van Financiën,
(Get.) G.M. Longo.
Bron: FisconetPlus
