Circulaire nr. 13/2012 d.d. 18.12.2012

(Circulaire AFZ nr. 11/2012)

Waals Gewest - W. Reg. W. - art. 53ter, 57bis, 131bis, 140 en 140bis

FEDERALE OVERHEIDSDIENST FINANCIEN

Administratie van Fiscale Zaken

4de dienst - 2de directie

PATRIMONIUMDOCUMENTATIE

Kadaster, Registratie en domeinen

bijlagen: 2

Registratierechten

1. Inleiding

In het Belgisch Staatsblad van 29 mei 2012 werd het Waals decreet van 10 mei houdende verscheidene fiscale bepalingen, bekendgemaakt.

De artikelen 7, 9, 10, 12 en 13 van voormeld decreet, waarvan een uittreksel in bijlage 1 gaat, wijzigen het Wetboek der registratie-, hypotheek- en griffierechten zoals dat in het Waals Gewest (W. Reg. W.) geldt. De geconsolideerde tekst van de gewijzigde artikelen gaat in bijlage 2.

Alle wijzigingen in zake registratierechten zijn in werking getreden op 1 januari 2012 (artikel 19 van het decreet).

2. Registratierecht op schenking

2.1. Verminderd tarief voor schenkingen aan VZW's, aan private stichtingen of aan publiekrechtelijke rechtspersonen

Artikel 7 van het decreet vervangt artikel 140 W. Reg. W.

Inhoudelijk werden vijf wijzigingen aan de vroegere tekst aangebracht.

2.1.1.

Het schenkingsrecht aan het tarief van 5,5 % (artikel 140, 1°, 1ste streepje W. Reg. W.) dat voorheen van toepassing was op een schenking aan een provincie, een gemeente, een intercommunale of een openbare instelling van een provincie of gemeente, op voorwaarde dat die rechtspersonen in het Waals Gewest gelokaliseerd waren, is voortaan van toepassing op alle gelijkaardige instellingen ongeacht hun lokalisatie in België, evenals op "vergelijkbare rechtspersonen opgericht in overeenstemming met en onderworpen aan de wetgeving van een andere lidstaat van de EURopese Economische Ruimte".

2.1.2.

In het verlengde van het vorige wordt het fiscaal regime bepaald in artikel 140, 1ste lid, 1°bis - waar dat vroeger alleen van toepassing was op schenkingen gedaan aan het Waals Gewest, de Franse Gemeenschap, de Duitstalige Gemeenschap of aan een instelling die door een decreet van het parlement van genoemd Gewest of van één van de genoemde Gemeenschappen werd opgericht - met ingang van 1 januari 2012 (1) van toepassing op schenkingen:

  • aan het Waalse Gewest, de Franse Gemeenschap en de Duitstalige Gemeenschap,

  • aan het Vlaams Gewest, de Vlaamse Gemeenschap het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, de Brusselse Agglomeratie, de Gemeenschappelijke, de Franse en de Vlaamse Gemeenschapscommissie;

  • aan de instellingen die vergelijkbaar zijn met vorenbedoelde instellingen, mits zij opgericht zijn in overeenstemming met en onderworpen zijn aan de wetgeving van een andere lidstaat van de EURopese Economische Ruimte;

  • aan een lidstaat (inclusief België) van de EURopese Economische Ruimte;

  • aan een rechtspersonen opgericht door vorenbedoelde instellingen.

----------

(1) Niettegenstaande het feit dat enerzijds in de gewone (wiskundige) betekenis "0%" geen verhouding uitdrukt en anderzijds het W. Reg. geen bepaling bevat die afwijkt van de gewone betekenis van de gebruikte termen, stelt de uitvoeringsadministratie zich op het standpunt dat een recht vastgesteld op "0%" een "evenredig" recht is, wat volgens haar toelaat in een dergelijk geval toepassing te maken van artikel 167 W. Reg.
Er wordt aan herinnerd dat de Gewesten en Gemeenschappen de kosteloosheid van de registratie reeds genieten op grond van artikel 161, 1°, W. Reg. omdat ze worden gelijkgesteld met de Staat voor de toepassing van het W. Reg. (aanschrijving nr. 7/1983; Cursus registratie-, hypotheek- en griffierechten, F.O.D. Financiën, ed. 1 oktober 2010, algemeen deel, nrs. 459 [schenkingen], 348 [huurcontracten], 364 [hypotheekvestigingen], …).

De uitbreiding van het toepassingsgebied van dit artikel is er gekomen na een arrest van het HvJ van 10 februari 2011 in zake successierechten (cf. art. 60 W. succ.; HvJ, 10 februari 2011, C-25/10; Missionswerk Werner Heukelbach eV tegen Belgische Staat), gevolgd door een gemotiveerd advies van de EURopese Commissie van 7 april 2011 zowel met betrekking tot de successierechten als met betrekking tot de registratierechten (z. Waals Parl., Doc 581 (2011-2012) - Nr. 1, blz. 4) .

De tekst van het voorontwerp van decreet werd vervolgens door de Waalse regering nog herzien teneinde rekening te houden met een opmerking van de Raad van State m.b.t. de voorgenomen wijziging van artikel 55 W. Succ. W. (Waals Parlement, Doc. 581 (2011-2012) - Nr. 1, blz. 13):

"3. Rekening gehouden met het onderwerp ervan moet de onderzochte bepaling noodzakelijkerwijze in verband gebracht worden met de rechtspraak van het grondwettelijk hof. Het Hof heeft in zijn arrest nr. 107/2005 van 22 juni 2005 gesteld:

"Uit het geheel van de teksten die het resultaat zijn van de grondwetsherzieningen van 1970, 1980 en 1988, en inzonderheid uit de bepalingen van artikel 6, § 1, VI, derde lid, van de bijzondere wet van 8 augustus 1980 (…) blijkt dat het Belgische staatsbestel berust op een economische en monetaire unie die gekenmerkt wordt door een geïntegreerde markt en door de eenheid van de munt" (6).

----------

(6) G.H., arrest nr. 107/205 van 22 juni 2005, B.8.1.; wat betreft het belang van de beginselen van een economische en monetaire unie, die de vrijheid van verkeer tussen de lidstaten meebrengen, zie het belangrijke arrest nr. 47 van 25 februari 1988 die de binnen een staat bestaande fiscale belemmeringen veroordeelt.

De gewestelijke wetgever moet bijgevolg bij de uitoefening van al zijn bevoegdheden rekening houden met de beginselen die in die artikelen vervat zijn (7).

----------

(7) Zie in die zin onder meer het advies 44.687/2/V, gegeven door de Raad van State op 24 juli 2008 betreffende een voorontwerp van Waals decreet dat het decreet van 22 april 2010 "houdende het statuut van de reisbureaus" is geworden.

Ten aanzien van het vrij verkeer van kapitaal tussen de verschillende entiteiten van de Belgische staatsstructuur, zoals dat volgt uit het al vermelde artikel 6, § 1, VI, derde lid, moet, rekening houdend met wat gezegd wordt in het gemotiveerd advies van de EURopese Commissie wat de juridische situaties aangaat die binnen het toepassingsgebied van het EURopees recht vallen, besloten worden dat er sprake is van belemmering van dat vrij verkeer binnen België (8) in de mate dat artikel 55 van het Wetboek der successierechten zoals dat geldt in het Waals Gewest, wel een vrijstelling bepaalt voor legaten gedaan aan het Waals Gewest, de Franse Gemeenschap en de Duitstalige Gemeenschap, maar dat niet doet voor legaten gedaan aan een andere vergelijkbare gefedereerde entiteit of aan de federale staat. Een legator wordt immers aldus ontraden een legaat te vermaken aan een dergelijke entiteit of aan de federale staat. (8).

----------

(8) Uit de rechtspraak van het Grondwettelijk Hof kan worden afgeleid dat het Hof aan de notie vrij verkeer van kapitaal in artikel 6, § 1, VI, derde lid van de bijzondere wet van 8 augustus 1980 eenzelfde draagwijdte geeft als die welke wordt gegeven aan de spiegelbepaling in het EURopees recht (G.H. arrest nr. 83/2010 van 8 juli 2010, meer bepaald overweging B.9.)

Daar komt nog bij dat de regel waarover het gaat een fiscale maatregel uitmaakt die, in overeenstemming met artikel 172 van de Grondwet, geen discriminatie mag inhouden. Gelet op het met artikel 55 van het Wetboek der successierechten nagestreefde doel, ziet de Raad van State geen gronden op basis waarvan men het wel toekennen van de vrijstelling voor legaten aan de in artikel 55 vermelde publiekrechtelijke instellingen en het niet toekennen ervan voor legaten aan andere vergelijkbare publiekrechtelijke instellingen kan rechtvaardigen (9).

----------

(9) Zie in die zin- mutatis mutandis - het arrest nr. 128/98 van 9 december 1998 van het Grondwettelijk Hof dat voor recht zegt dat een verminderd belastingtarief ten voordele van instellingen van openbaar nut "van het Vlaams Gewest" een schending uitmaakt van het principe van de gelijkheid voor de belastingwet (zie in het bijzonder overweging B.1.6.6.).

Het past bijgevolg eveneens een vrijstelling van de successierechten te bepalen voor legaten vermaakt aan de federale staat of aan een vergelijkbare gefedereerde entiteit, evenals aan de publiekrechtelijke rechtspersonen die ervan afhangen (10) (11).

----------

(10) Zo niet zou de paradoxale situatie ontstaan waarbij een legaat vermaakt door een in het Waalse gewest gedomicilieerde legator ten voordele van een gefedereerde entiteit van een Lid-staat van de EURopese Economische ruimte maar andere dan België, vrij wordt gesteld van successierechten terwijl op eenzelfde legaat maar vermaakt aan een gefedereerde autoriteit van het Koninkrijk België wel successierechten zouden moeten worden betaald.

(11) Bij artikel 89 van het Vlaams decreet van 18 december 2009 houdende diverse maatregelen tot begeleiding van de begroting 2010" werd artikel 55 van het Vlaams Wetboek der successierechten aangevuld met een lid dat hetzelfde resultaat oplevert als dat wat beoogd werd met de invoeging van een nieuw lid in artikel 55 van het Wetboek der successierechten door het voorontwerp van decreet dat het onderwerp is van deze circulaire. In het advies 47.354/1-3 van 29 oktober 2009 heeft de afdeling wetgeving van de Raad van State zich niet uitgesproken over de bepaling die artikel 89 van voornoemd Vlaams decreet is geworden, omdat de Raad wat dat artikel aanging van oordeel was dat de adviesvraag niet ontvankelijk was, doordat ter zake van dit artikel het ingeroepen hoogdringend karakter van de adviesvraag niet was aangetoond."

2.1.3.

De derde wijziging aan artikel 140 vervangt in het tweede lid ervan de term " EURopese Unie" door " EURopese Economische Ruimte".

2.1.4.

In het tweede lid van artikel 140 is het tweede lid van littera b weggelaten.

2.1.5.

Tenslotte werd ook nog het derde lid van artikel 140 weggelaten. Het spreekt echter vanzelf dat, bij toepassing van het algemeen beginsel dat iemand die een vermindering inroept moet kunnen aantonen dat hij ervoor in aanmerking komt, de administratie het recht heeft te eisen dat haar de daartoe benodigde documenten worden voorgelegd.

2.2. Verbetering van de tekst van artikel 131bis W. Reg. W. (roerende schenkingen die een voordeeltarief genieten)

Artikel 9 van het decreet wijzigt artikel 131bis, § 2, 1° W. Reg. W., door erin de woorden "een lidstaat van de EURopese Unie" te vervangen door de woorden "een lidstaat van de EURopese Economische Ruimte".

2.3. Verbetering van de tekst van artikel 140bis

W. Reg. W. (schenking van ondernemingen)

Artikel 10 van het decreet wijzigt artikel 140bis W. Reg. W.

Enerzijds worden in § 1, 2°, a) de woorden "een lidstaat van de EURopese Unie" vervangen door de woorden "een lidstaat van de EURopese Economische Ruimte".

Anderzijds worden in § 1, 1°, laatste lid, laatste volzin de woorden "landbouwbedrijf van de begiftigde, effectieve uitbater van de landbouwactiviteit die op die gronden uitgeoefend wordt" vervangen door de woorden "landbouwbedrijf van de effectieve uitbater van de landbouwactiviteit die op die gronden uitgeoefend wordt". Deze wijziging bevestigt het standpunt van het Waals Gewest volgens hetwelk het vroeger al niet vereist was dat minstens één van de begiftigden noodzakelijkerwijze (mede-)uitbater van de op de geschonken gronden uitgeoefende landbouwactiviteit moest zijn (zie circ. Nr. 6/2010, punt 3.2.2.1.2., tweede alinea).

3. Registratierecht op de overdrachten ten bezwarende titel - Stelsel van de bescheiden woningen - Aanpassing van het registratierecht aan de hervorming van de zones met hoge en met zeer hoge vatgoeddruk.

Artikel 12 van het decreet wijzigt artikel 53ter, § 1, W. Reg. W.

De wijziging stemt de tekst af op die van het Besluit van het Waas Gewest (BWG) naar hetwelk artikel 53ter al verwees (BWG van 25 februari 1999 betreffende de hypothecaire leningen en de huurtussenkomst door het Fonds du Logement des Familles nombreuses de Wallonie) (2).

----------

(2) Er wordt aan herinnerd (z. circ. Nr. 6/2010, punt 2.2., in fine, het NB) dat het Besluit van de Waalse Regering (BWR) naar hetwelk het voorheen ingevoegde artikel 53ter verwees, gewijzigd werd alvorens genoemd artikel 53ter in werking was getreden, zonder dat tijdens het wetgevingsproces dat geleid heeft tot artikel 53ter al rekening werd gehouden met deze wijziging, niettegenstaande de inwerkingtreding ervan in de tijd was gespreid. Dat BWR had inderdaad de zones met hoge en met zeer hoge vastgoeddruk samengebracht in één zone "met vastgoeddruk". Deze wijziging die in werking is getreden op 1 augustus 2010 heeft nochtans vóór 2012 geen effectieve uitwerking kunnen krijgen op het vlak van de registratierechten omdat de referentiedatum voor de bepaling van de zones met (hoge) vastgoeddruk 1 juli 2010 was.

Artikel 53ter heeft het dus voortaan over zones "met vastgoeddruk" en aligneert daarbij de minst belaste schijf met het laagste plafond van de voorheen bestaande categorieën.

Om dezelfde reden past artikel 13 van het decreet mutatis mutandis artikel 57bis, § 1, W. Reg. W. aan.

Voortaan zijn er dus slechts twee soorten zones: de zones met vastgoeddruk en daarnaast de andere zones. In de eerste soort zones is het plafond voor de toepassing van het voordeeltarief - vóór indexatie en vóór enige andere verhoging waartoe de Waalse Regering mocht besluiten - 200.000 EUR, in de tweede soort zones is het niet-geïndexeerde plafond 191.000 EUR.

In het Belgisch Staatsblad van 3 augustus 2012 heeft het Waalse Gewest een bericht laten opnemen waarin de geïndexeerde plafonds voor 2012 en 2013 worden vermeld evenals de lijst van de gemeenten die tijdens die twee jaar gelegen zijn in zones met vastgoeddruk

Niet geïndexeerde bedragen

Geïndexeerde bedragen van toepassing in 2012

Geïndexeerde bedragen van toepassing in 2013

191.000 EUR

202.885,90 EUR (3)

207.461,37 EUR

200.000 EUR

212.445,97 EUR

217.237,03 EUR

----------

(3) Dit geeft een verschil van 0,01 EUR ten opzichte van het bedrag dat door de Administratie werd geheven in afwachting van de juiste publicatie. De heffingen zullen vanzelfsprekend niet worden herzien.

Gemeenten gelegen in zones met vastgoeddruk - Lijst geldig in 2012

Arlon, Assesse, Attert, Aubel, Beauvechain, Braine-l'Alleud, Braine-le-Château, Chastre, Chaumont-Gistoux, Court-Saint-Etienne, Dalhem, Erezée, Fernelmont, Grez-Doiceau, Hélécine, Incourt, Ittre, Jalhay, Jodoigne, La Bruyère, La Hulpe, Lasne, Messancy, Mont-Saint-Guibert, Namur, Nivelles, Orp-Jauche, Ottignies-Louvain-la-Neuve, Profondville, Raeren, Ramillies, Rixensart, Silly, Tinlot, Villers-la-Ville, Walhain, Wasseiges, Waterloo en Wavre.

N.B.

  1. Deze lijst verschilt van deze die voordien werd gepubliceerd.

  2. De heffingen vóór de publicatie van deze circulaire gedaan, zullen niet van ambtswege worden herzien.

  3. Voor de lijst van toepassing op de verkopen vanaf 1 januari 2013 wordt verwezen naar het Belgisch Staatsblad onder voorbehoud van een mogelijke wijziging in tussentijd.

4. Inwerkingtreding

Zoals al vermeld hebben de bepalingen van het decreet die de registratierechten betreffen, uitwerking gekregen op 1 januari 2012 (art. 19 van het decreet).

Bijlage 1

Uittreksel uit het Belgisch Staatsblad van 29 mei 2012

Decreet van 10 mei 2012 houdende verscheidene fiscale bepalingen

(...)

HOOFDSTUK III. - Verminderd tarief voor de schenkings- en successierechten voor de VZW's, de privéstichtingen en de publiekrechtelijke rechtspersonen

(...)

Art. 7. Artikel 140 van het Wetboek van de registratie- hypotheek en griffierechten wordt vervangen door volgende bepaling:

"Art. 140. De dienovereenkomstig vastgestelde rechten bedoeld in de artikelen 131 of 131bis worden verminderd:

1° tot 5,5 % voor de schenkingen:

- aan de provincies, de gemeenten, de provinciale en gemeentelijke openbare instellingen, de intercommunales, de autonome gemeentebedrijven, gelegen in België, evenals aan de met deze vergelijkbare rechtspersonen opgericht overeenkomstig en onderworpen aan de wetgeving van een andere lidstaat van de EURopese Economische Ruimte;

- aan de maatschappijen erkend door de "Société wallonne du Logement";

- aan het "Fonds du Logement des Familles nombreuses de Wallonie";

- aan de instellingen met een maatschappelijk doel bedoeld in artikel 191 van de Waalse Huisvestingscode, erkend door de Waalse Regering als sociaal vastgoedagentschap, buurtregie of vereniging ter bevordering van de huisvesting;

bis tot 0 % voor de schenkingen:

a) aan het Waalse Gewest;

b) de Franse Gemeenschap, het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, de Brusselse Agglomeratie, de Gemeenschappelijke, de Franse en de Vlaamse Gemeenschapscommissie, de Duitstalige Gemeenschap, het Vlaams Gewest en de Vlaamse Gemeenschap;

c) de instellingen die vergelijkbaar zijn met die bedoeld onder a) en b), opgericht overeenkomstig en onderworpen aan de wetgeving van een andere lidstaat van de EURopese Economische Ruimte;

d) de federale Staat en een lidstaat van de EURopese Economische Ruimte;

e) de rechtspersonen opgericht door de instellingen bedoeld onder a) tot en met d)";

2° tot 7 % voor de stichtingen, met inbegrip van de inbreng om niet, gedaan aan verenigingen zonder winstoogmerk, aan de ziekenkassen of nationale unies van ziekenkassen, aan de beroepsunies en aan de internationale verenigingen zonder winstoogmerk, aan de privéstichtingen en aan de stichtingen van openbaar nut;

3° tot 100 EURo voor de stichtingen, met inbegrip van de inbreng om niet, gedaan aan de stichtingen of rechtspersonen bedoeld onder 2° wanneer de schenker zelf één van die stichtingen of rechtspersonen is;

4° tot 1,10 % voor de stichtingen, met inbegrip met de inbreng om niet, gedaan door de gemeenten aan de pensioenfondsen door henzelf opgericht onder de vorm van verenigingen zonder winstoogmerk ter uitvoering van een financieel saneringsplan goedgekeurd door de toezichthoudende overheid.

De verminderingen opgenomen in lid 1, 2°, 3° en 4°, gelden enkel voor de stichtingen gedaan aan de rechtspersonen en de stichtingen bedoeld in lid 1, 2°,

die aan volgende voorwaarden voldoen:

a. de rechtspersoon of de stichting moet een bedrijfszetel hebben in de EURopese Economische Ruimte;

b. de rechtspersoon of de stichting moet in die zetel hoofdzakelijk en belangeloos milieubeschermende, filantropische, filosofische, godsdienstige, artistieke, pedagogische, culturele, sportieve, politieke, syndicale, professionele, humanitaire, vaderlandslievende of op burgerzin, verzorging van personen of dieren, maatschappelijke bijstand of begeleiding van personen toegespitste doelstellingen op het ogenblik van de schenking;

c. de rechtspersoon of de stichting moet zijn statutaire zetel, zijn hoofdbestuur of zijn hoofdinrichting hebben op het grondgebied van de EURopese Economische Ruimte."

(...)

HOOFDSTUK V. - Aanpassingen van het registratierecht op de schenkingen en van het successie- en overgangsrecht bij overlijden

Art. 9. In artikel 131bis, § 2, 1°, van het Wetboek der registratie-, hypotheek- en griffierechten worden de woorden "een lidstaat van de EURopese Unie" vervangen door de woorden "een lidstaat van de EURopese Economische Ruimte".

Art. 10. In artikel 140bis van het Wetboek van de registratie-, hypotheek- en griffierechten worden volgende wijzigingen ingevoerd:

1° in § 1, 1°, laatste lid, laatste volzin, worden de woorden "landbouwbedrijf van de begiftigde, effectieve uitbater van de landbouwactiviteit die op die gronden uitgeoefend wordt" vervangen door de woorden "landbouwbedrijf van de effectieve uitbater van de landbouwactiviteit die op die gronden uitgeoefend wordt";

2° in § 1, 2°, a), worden de woorden "een lidstaat van de EURopese Unie" vervangen door de woorden "een lidstaat van de EURopese Economische Ruimte".

(...)

HOOFDSTUK VI. - Aanpassing van het registratierecht op de grondtransacties op de hervorming van gebieden met een hoge vastgoeddruk en zeer hoge vastgoeddruk, in werking getreden op 1 augustus 2010

Art. 12. In artikel 53ter, § 1, van het Wetboek der registratie-, hypotheek- en griffierechten worden volgende wijzigingen ingevoerd:

1° in lid 1 worden de woorden "met een zeer hoge vastgoeddruk (1) of in een gebied met een hoge vastgoeddruk (1), respectievelijk bedoeld in artikel 1, 13°, en in artikel 1, 12°, van het besluit van de Waalse Regering van 25 februari 1999 met betrekking tot de hypotheekleningen en de huurtegemoetkoming van het "Fonds du Logement des Familles nombreuses de Wallonie", vervangen door de woorden "met een vastgoeddruk bedoeld in artikel 1, 12°, van het besluit van de Waalse Regering van 25 februari 1999 betreffende de hypotheekleningen en de huurtegemoetkoming van het "Fonds du Logement des Familles nombreuses de Wallonie"";

2° in lid 1 vervallen de woorden "210.000 EUR";

3° in lid 3 worden de woorden "met een zeer hoge vastgoeddruk of in een gebied met een hoge vastgoeddruk (1), respectievelijk bedoeld in artikel 1, 13°, en in artikel 1, 12°, van het besluit van de Waalse Regering van 25 februari 1999 met betrekking tot de hypotheekleningen en de huurtegemoetkoming van het "Fonds du Logement des Familles nombreuses de Wallonie" vervangen door de woorden "met een vastgoeddruk bedoeld in artikel 1, 12°, van het besluit van de Waalse Regering van 25 februari 1999 betreffende de hypotheekleningen en de huurtegemoetkoming van het "Fonds du Logement des Familles nombreuses de Wallonie"".

Art. 13. In artikel 57bis, § 1, van hetzelfde Wetboek worden volgende wijzigingen ingevoerd:

1° in lid 1 worden de woorden "met een zeer hoge vastgoeddruk of in een gebied met een hoge vastgoeddruk, respectievelijk bedoeld in artikel 1, 13°, en in artikel 1, 12°, van het besluit van de Waalse Regering van 25 februari 1999 met betrekking tot de hypotheekleningen en de huurtegemoetkoming van het "Fonds du Logement des Familles nombreuses de Wallonie", " vervangen door de woorden "met een vastgoeddruk bedoeld in artikel 1, 12°, van het besluit van de Waalse Regering van 25 februari 1999 betreffende de hypotheekleningen en de huurtegemoetkoming van het "Fonds du Logement des Familles nombreuses de Wallonie"";

2° in lid 1 vervallen de woorden "210.000 EUR";

3° in lid 3 worden de woorden "met een zeer hoge vastgoeddruk of in een gebied met een hoge vastgoeddruk, respectievelijk bedoeld in artikel 1, 13°, en in artikel 1, 12°, van het besluit van de Waalse Regering van 25 februari 1999 met betrekking tot de hypotheekleningen en de huurtegemoetkoming van het "Fonds du Logement des Familles nombreuses de Wallonie", " vervangen door de woorden "met een vastgoeddruk bedoeld in artikel 1, 12°, van het besluit van de Waalse Regering van 25 februari 1999 betreffende de hypotheekleningen en de huurtegemoetkoming van het "Fonds du Logement des Familles nombreuses de Wallonie"".

(...)

Art. 19. Dit decreet heeft uitwerking op 1 januari 2012, uitgezonderd artikel 3 dat uitwerking heeft op 1 januari 2008 en artikel 18 dat uitwerking heeft op 31 december 2011.

Bijlage 2

Geconsolideerde tekst van de gewijzigde artikelen van het Wetboek der registratie-, hypotheek en griffierechten

Artikel 53ter

§ 1. Al naar gelang het aangeworven onroerend goed op 1 juli van het jaar dat voorafgaat aan dat van de verkoopovereenkomst gelegen is in een gebied met een vastgoeddruk (1) bedoeld in artikel 1, 12°, van het besluit van de Waalse Regering van 25 februari 1999 betreffende de hypotheekleningen en de huurtegemoetkoming van het "Fonds du Logement des Familles nombreuses de Wallonie", of buiten die gebieden, wordt de in artikel 53 bedoelde maximumwaarde, waarop het bij hetzelfde artikel berekend verminderd percentage van toepassing is, vastgelegd op respectievelijk 200.000 EUR en 191.000 EUR.

Voornoemde maximumwaarden worden vanaf het jaar 2011 jaarlijks aan de evolutie van de index van de consumptieprijzen aangepast d.m.v. volgende formule: bedrag voor het lopende jaar vermenigvuldigd met de index van de maand juni van een jaar en gedeeld door de index van de maand juni van het voorafgaande jaar.

De bedragen die van 1 januari tot 31 december van het volgend jaar toepasselijk zijn worden vanaf het jaar 2010 jaarlijks in het Belgisch Staatsblad bekendgemaakt door het Operationeel directoraat-generaal Fiscaliteit van de Waalse Overheidsdienst. Ook de lijst van de gemeenten gelegen in een gebied met een vastgoeddruk bedoeld in artikel 1, 12°, van het besluit van de Waalse Regering van 25 februari 1999 betreffende de hypotheekleningen en de huurtegemoetkoming van het ″Fonds du Logement des Familles nombreuses de Wallonie″ wordt door hetzelfde directoraat-generaal jaarlijks op 1 juli in het Belgisch Staatsblad bekendgemaakt.

De Waalse regering kan de bedragen van het eerste lid verhogen. Ze legt een ontwerp van decreet tot bekrachtiging van de aldus genomen besluiten aan het Waals Parlement over, onmiddellijk indien het vergadert, zo niet bij de opening van de eerstkomende zitting.

In voorkomend geval wordt het maximumbedrag bedoeld in het eerste lid verminderd naar rato van de verkochte quotiteit.

§ 2. Wanneer het te koop aangeboden onroerend goed al het voorwerp is geweest van een in dit artikel bedoelde andere verkoop tussen dezelfde partijen en wanneer die verkoop bij overeenkomst is geannuleerd, vernietigd, ontbonden, herroepen of opgezegd binnen twaalf maanden voor bedoelde verkoop, zijn de in § 4 bedoelde maximumwaarde en het statuut van het gebied waar bedoeld gebied gelegen is, toepasselijk op die laatste verkoop, die welke voor bedoelde gemeente van kracht zijn in de loop van het jaar van de voorheen geannuleerde, vernietigde, ontbonden, herroepen of opgezegde verkoop.

Artikel 57bis

§ 1. Al naar gelang het gebouwde goed op 1 juli van het jaar dat voorafgaat aan dat van de verkoopovereenkomst van het terrein gelegen is in een gebied met een vastgoeddruk (1) bedoeld in artikel 1, 12°, van het besluit van de Waalse Regering van 25 februari 1999 betreffende de hypotheekleningen en de huurtegemoetkoming van het ″Fonds du Logement des Familles nombreuses de Wallonie″, of buiten die gebieden, wordt de in artikel 57, eerste lid, 1°, bedoelde verkoopwaarde van het geheel van het gebouwde goed vastgelegd op respectievelijk 200.000 EUR en 191.000 EUR.

Voornoemde maximale verkoopwaarden worden vanaf het jaar 2011 jaarlijks aan de evolutie van de consumptieprijzenindex aangepast d.m.v. volgende formule: bedrag voor het lopende jaar vermenigvuldigd met de index van de maand juni van een jaar en gedeeld door de index van de maand juni van het voorafgaande jaar.

De bedragen die van 1 januari tot 31 december van het volgend jaar toepasselijk zijn worden vanaf het jaar 2010 jaarlijks in het Belgisch Staatsblad bekendgemaakt door het Operationeel directoraat-generaal Fiscaliteit van de Waalse Overheidsdienst. Ook de lijst van de gemeenten gelegen in een gebied met een vastgoeddruk bedoeld in artikel 1, 12°, van het besluit van de Waalse Regering van 25 februari 1999 betreffende de hypotheekleningen en de huurtegemoetkoming van het ″Fonds du Logement des Familles nombreuses de Wallonie″ wordt door hetzelfde directoraat-generaal op 1 juli van een jaar in het Belgisch Staatsblad bekendgemaakt.

De Waalse Regering kan de in het eerste lid bedoelde bedragen verhogen. Ze legt een ontwerp van decreet tot bekrachtiging van de aldus genomen besluiten aan het Waals Parlement over, onmiddellijk indien het vergadert, zo niet bij de opening van de eerstkomende zitting.

§ 2. De in § 1 bedoelde maximumwaarde die op het gebouwde goed toepasselijk is, is de waarde die voor bedoelde gemeente van kracht is in de loop van het jaar van de verkoop van het terrein.

Wanneer het te koop aangeboden onroerend goed al het voorwerp is geweest van een in dit artikel bedoelde andere verkoop tussen dezelfde partijen en wanneer die verkoop bij overeenkomst is geannuleerd, vernietigd, ontbonden, herroepen of opgezegd binnen twaalf maanden voor bedoelde verkoop, zijn de maximumwaarde van § 1 en het statuut van bedoelde gemeente, toepasselijk op het gebouwde goed, die welke voor bedoelde gemeente van kracht zijn in de loop van het jaar van de voorheen geannuleerde, vernietigde, ontbonden, herroepen of opgezegde verkoop van het terrein.

Artikel 131bis

§ 1. In afwijking van artikel 131 wordt voor de schenkingen onder levenden van onroerende (*) goederen op het bruto-aandeel van elk der begiftigden een evenredig recht geheven van:

1° 3,3 % voor de schenkingen in de rechte lijn, tussen echtgenoten en wettelijk samenwonenden;

2° 5,5 % voor de schenkingen tussen broers en zusters, tussen ooms of tantes en neven of nichten;

3° 7,7 % voor de schenkingen aan andere personen.

----------

(*) Lees "roerende" (onjuiste vertaling in het B.S.).

§ 2. Indien de schenking betrekking heeft op financiële instrumenten, in de zin van artikel 2, 1° en 2°, van de wet van 2 augustus 2002 betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten of effecten van een vennootschap in de zin van artikel 140bis, § 3, geldt het verlaagd tarief van § 1 enkel in geval van:

1° financiële instrumenten of effecten van een vennootschap, betreffende een vennootschap waarvan de effectieve directiezetel gevestigd is in een lidstaat van de EURopese Economische Ruimte en die zelf of zelf en haar dochtervennootschappen in hoofdberoep een industriële, handels-, ambachts-, landbouw- of bosbouwonderneming uitbaat of een vrij beroep, een ambt of een post uitoefent op geconsolideerde basis voor de vennootschap en de dochtervennootschappen voor het lopende boekjaar van de vennootschap en voor elk van beide laatste op het ogenblik van de akte afgesloten boekjaren van de vennootschap;

in dit geval moet de begiftigde in de akte zelf of onderaan op de akte verklaren dat de voorwaarden van vorig lid verenigd zijn;

de begiftigden die erom verzoeken dat die bepaling wordt toegepast, zijn ertoe verplicht om ter plaatse op elke vordering van de personeelsleden van het bevoegde bestuur het maatschappelijk doel van de vennootschap of haar dochtervennootschappen mede te delen, al naargelang het geval, evenals de opsplitsing van de omzet van de vennootschap of haar dochtervennootschappen, al naar gelang het geval, tussen industriële, handels-, ambachts-, landbouw- of bosbouwbedrijvigheid, vrij beroep, ambt of post en haar andere activiteiten, voor het lopende boekjaar en voor elk van beide laatste op het ogenblik van de akte afgesloten boekjaren;

indien de aangifte onjuist is, is het tarief tegen het normale percentage van artikel 131 verminderd met het reeds betaalde recht, opeisbaar;

2° financiële instrumenten of effecten van een vennootschap die toegelaten zijn tot de verhandeling op een Belgische of buitenlandse gereglementeerde markt in de zin van artikel 2, 5° en 6°, van dezelfde wet van 2 augustus 2002, of op een geldmarkt die georganiseerd is door een marktonderneming erkend door de staat waar die markt gevestigd is, ofwel als een markt die gereglementeerd is door een andere lidstaat van de EURopese Economische Ruimte dan België overeenkomstig artikel 1, 13., van Richtlijn 93/22/E.E.G. van de Raad van de EURopese Gemeenschappen van 10 mei 1993 betreffende het verrichten van diensten op het gebied van beleggingen in effecten, ofwel als een met een dergelijke markt vergelijkbare markt, gereglementeerd door een staat die niet lidstaat is van de EURopese Economische Ruimte;

3° financiële instrumenten of effecten van een vennootschap:

- ofwel uitgegeven door een instelling voor collectieve belegging bedoeld in artikel 4 van de wet van 20 juli 2004 betreffende bepaalde vormen van collectief beheer van beleggingsportefeuilles of door een instelling voor collectieve belegging in effecten bedoeld in Richtlijn 85/611/EEG tot coördinatie van de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen betreffende bepaalde instellingen voor collectieve belegging in effecten - (ICBE'S);

- ofwel die het voorwerp hebben uitgemaakt of uitmaken van een openbaar bod ofwel in de zin van artikel 3 van de wet van 16 juni 2006 op de openbare aanbieding van beleggingsinstrumenten en de toelating van beleggingsinstrumenten tot de verhandeling op een gereglementeerde markt wanneer het bod op het Belgische grondgebied gebeurt, ofwel in een aan de wet van 16 juni 2006 gelijksoortige zin wanneer het bod op het grondgebied van een andere Staat, die al dan niet lid is van de EURopese Unie, gebeurt.

§ 3. Het tarief van § 1 geldt niet:

1° voor de schenkingen onder levenden van een blote eigendom of een vruchtgebruik op andere roerende goederen dan die bedoeld bij § 2, 1°, 2° of 3°;

2° voor de schenkingen onder levenden van roerende goederen waarop een andere opschortende voorwaarde dan die bedoeld in artikel 17 berust, die ingevolge het overlijden van de schenker wordt vervuld, tenzij:

- ofwel die voorwaarde vervuld is op het ogenblik dat ze ter registratie aangeboden wordt;

- ofwel de schenking betrekking heeft op de schenking van de begunstiging van de prestatie van een levensverzekeringsovereenkomst, door de aanwijzing van de begiftigde als begunstigde van die levensverzekeringsovereenkomst in geval van vooroverlijden van de verzekerde van die overeenkomst, zoals bedoeld in de artikelen 106 tot 111 van de wet van 25 juni 1992 op de landverzekeringsovereenkomst; in dat geval wordt het kapitaal, zoals het op de dag van de schenking bestaat en dat krachtens de overeenkomst gestort moet worden aan de begunstigde in geval vooroverlijden van de verzekerde, geacht het gegeven roerend goed te constitueren dat aan het bij dit artikel bepaalde recht onderworpen is; in afwijking van artikel 16 is het in dit artikel bedoelde recht op dat kapitaal verschuldigd vanaf de in artikel 19, eerste lid, 1°, bedoelde notarisakte die de schenking bevat, of zodra de schenking ter registratie aangeboden wordt, al naar gelang van het geval, en wordt elke latere verhoging van het kapitaal dat in geval van vooroverlijden van de verzekerde werkelijk betaald is aan de begunstigde, ten opzichte van het kapitaal waarop het schenkingsrecht is betaald, geacht niet onderworpen te zijn aan het schenkingsrecht voor de toepassing van het successierecht;

- ofwel de schenking de rechtstreekse schenking van een recht van vruchtgebruik of van elk ander tijdelijk recht of lijfrenterecht betreft, onder de voorwaarde van het vooroverlijden van de schenker;

- ofwel de schenking de aanwas of de terugvalling van een recht van vruchtgebruik of van elk ander tijdelijk recht of lijfrenterecht betreft, voortvloeiend uit een beding van voorbehoud van dat recht ten gunste van een persoon en, op diens overlijden, ten gunste van een aannemende derde, wanneer dat beding vermeld staat in een hoofdovereenkomst met als voorwerp de verkoop of de schenking van goederen waarop het recht van vruchtgebruik of het tijdelijk recht of lijfrenterecht slaat en tenzij dat beding onder de opschortende voorwaarde dat de begunstigde van de aanwas of de terugbetaling de schenker en, in voorkomend geval, andere bepaalde begunstigden overleeft.

Artikel 140

De dienovereenkomstig vastgestelde rechten bedoeld in de artikelen 131 of 131bis worden verminderd:

1° tot 5,5 % voor de schenkingen:

- aan de provincies, de gemeenten, de provinciale en gemeentelijke openbare instellingen, de intercommunales, de autonome gemeentebedrijven, gelegen in België, evenals aan de met deze vergelijkbare rechtspersonen opgericht overeenkomstig en onderworpen aan de wetgeving van een andere lidstaat van de EURopese Economische Ruimte;

- aan de maatschappijen erkend door de ″Société wallonne du Logement″;

- aan het ″Fonds du Logement des Familles nombreuses de Wallonie″;

- aan de instellingen met een maatschappelijk doel bedoeld in artikel 191 van de Waalse Huisvestingscode, erkend door de Waalse Regering als sociaal vastgoedagentschap, buurtregie of vereniging ter bevordering van de huisvesting;

bis tot 0 % voor de schenkingen:

a) aan het Waalse Gewest;

b) de Franse Gemeenschap, het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, de Brusselse Agglomeratie, de Gemeenschappelijke, de Franse en de Vlaamse Gemeenschapscommissie, de Duitstalige Gemeenschap, het Vlaams Gewest en de Vlaamse Gemeenschap;

c) de instellingen die vergelijkbaar zijn met die bedoeld onder a) en b), opgericht overeenkomstig en onderworpen aan de wetgeving van een andere lidstaat van de EURopese Economische Ruimte;

d) de federale Staat en een lidstaat van de EURopese Economische Ruimte;

e) de rechtspersonen opgericht door de instellingen bedoeld onder a) tot en met d);

2° tot 7 % voor de stichtingen, met inbegrip van de inbreng om niet, gedaan aan verenigingen zonder winstoogmerk, aan de ziekenkassen of nationale unies van ziekenkassen, aan de beroepsunies en aan de internationale verenigingen zonder winstoogmerk, aan de privéstichtingen en aan de stichtingen van openbaar nut;

3° tot 100 EURo voor de stichtingen, met inbegrip van de inbreng om niet, gedaan aan de stichtingen of rechtspersonen bedoeld onder 2° wanneer de schenker zelf één van die stichtingen of rechtspersonen is;

4° tot 1,10 % voor de stichtingen, met inbegrip met de inbreng om niet, gedaan door de gemeenten aan de pensioenfondsen door henzelf opgericht onder de vorm van verenigingen zonder winstoogmerk ter uitvoering van een financieel saneringsplan goedgekeurd door de toezichthoudende overheid.

De verminderingen opgenomen in lid 1, 2°, 3° en 4°, gelden enkel voor de stichtingen gedaan aan de rechtspersonen en de stichtingen bedoeld in lid 1, 2°, die aan volgende voorwaarden voldoen:

a. de rechtspersoon of de stichting moet een bedrijfszetel hebben in de EURopese Economische Ruimte;

b. de rechtspersoon of de stichting moet in die zetel hoofdzakelijk en belangeloos milieubeschermende, filantropische, filosofische, godsdienstige, artistieke, pedagogische, culturele, sportieve, politieke, syndicale, professionele, humanitaire, vaderlandslievende of op burgerzin, verzorging van personen of dieren, maatschappelijke bijstand of begeleiding van personen toegespitste doelstellingen op het ogenblik van de schenking;

c. de rechtspersoon of de stichting moet zijn statutaire zetel, zijn hoofdbestuur of zijn hoofdinrichting hebben op het grondgebied van de EURopese Economische Ruimte.

Artikel 140bis

§ 1. In afwijking van de 131" book="CATCH_ALL">131bis wordt het schenkingsrecht verlaagd tot 0 % voor de schenkingen van ondernemingen indien die schenkingen, vastgesteld bij authentieke akte, als voorwerp hebben:

1° de overdracht om niet van een zakelijk recht op goederen die een universaliteit van goederen of een bedrijfstak of een handelsfonds uitmaken, waarmee de begiftigde alleen of samen met andere personen op de dag van de schenking een nijverheids-, handels-, ambachts-, landbouw- of bosbouwactiviteit, een vrij beroep of een ambt of post uitoefent.

Het in de artikelen 131 tot 140 vastgestelde recht blijft niettemin toepasselijk op de overdrachten van zakelijke rechten op onroerende goederen die geheel tot bewoning worden aangewend op het ogenblik van de authentieke akte van de schenking. Het in artikel 131 tot 140 vastgestelde recht blijft niettemin toepasselijk op de overdrachten van zakelijke rechten op onroerende goederen die gedeeltelijk tot bewoning worden aangewend op het ogenblik van de authentieke akte van de schenking, in de mate van de verkoopwaarde van het deel van het onroerend goed dat voor bewoning wordt aangewend in verhouding tot de totale verkoopwaarde van het onroerend goed;

In geval van overdracht van landbouwgronden aan de uitbater of medeuitbater van de landbouwactiviteit die er uitgeoefend wordt, alsook in rechtstreekse lijn, tussen echtgenoten en wettelijke samenwonenden, worden die gronden, afgezien van de overdracht van elke quotiteit van de landbouwactiviteit die er uitgeoefend wordt, desalniettemin beschouwd als goederen die een universaliteit van goederen, een bedrijfstak of een handelsfonds uitmaken, waarmee de schenker alleen of samen met andere personen op de dag van de schenking een landbouwactiviteit uitoefent op voorwaarde dat die gronden op de datum van de schenking het voorwerp van een pacht uitmaken overeenkomstig Afdeling 3 van Boek III, Titel VIII, Hoofdstuk II, van het Burgerlijk Wetboek. In dat geval is de onderneming, in de zin van de voorwaarden bedoeld in § 2, 1°, en in artikel 140quinquies, § 1, 1°, 2° en 3°, het landbouwbedrijf van de effectieve uitbater van de landbouwactiviteit die op die gronden uitgeoefend wordt, waarbij die onderneming beschouwd wordt in haar geheel en in haar toestand na overdracht van de gronden.

2° de overdracht om niet van een zakelijk recht op:

a) effecten van een vennootschap waarvan de effectieve directiezetel gevestigd is in een lidstaat van de EURopese Economische Ruimte en die zelf of samen met haar dochtervennootschappen in hoofdberoep een industriële, handels-, ambachts-, landbouw- of bosbouwonderneming uitbaat of een vrij beroep, een ambt of een post uitoefent op geconsolideerde basis voor de vennootschap en haar dochtervennootschappen, voor het lopende boekjaar van de vennootschap en voor elk van beide laatste boekjaren van de vennootschap, afgesloten op het ogenblik van de authentieke akte van de schenking;

b) schuldvorderingen op een in a) bedoelde vennootschap.

§ 2. De vermindering van het recht, vastgesteld bij § 1, wordt ondergeschikt gemaakt aan de naleving van gezamenlijke volgende voorwaarden:

1° het dient een onderneming te betreffen, ofwel in hoofde van de in § 1, 1° bedoelde onderneming, ofwel in hoofde van de vennootschap zelf of van de vennootschap en van haar dochtervennootschappen bedoeld in § 1, 2°, a):

- ofwel die op de datum van de authentieke schenkingsakte personeel aangeworven op grond van een arbeidscontract in de EURopese economische ruimte tewerkstelt;

- ofwel waarin de uitbater(s) en hun echtgenote, hun wettelijk samenwonende, hun bloed- en aanverwanten in de eerste graad de enige in EURopese Economische Ruimte tewerkgestelde werknemers van de onderneming zijn, aangesloten zijn bij een Sociale Verzekeringskas voor Zelfstandigen, op de datum van de authentieke schenkingsakte;

2° indien het gaat om effecten en schuldvorderingen bedoeld in § 1, 2°, moeten de volgende voorwaarden vervuld zijn:

- de authentieke schenkingsakte moet de overdracht bevatten van effecten die minstens 10 % van de stemrechten in de algemene vergadering vertegenwoordigen, op de datum van de authentieke schenkingsakte;

- als het geheel van de bij bedoelde authentieke akte overgedragen effecten minder bedraagt dan 50 % van de stemrechten in de algemene vergadering, moet bovendien voor minstens 50 % van de stemrechten in de algemene vergadering een aandeelhouderschapsovereenkomst gesloten worden voor een periode van minimum vijf jaar, te rekenen van de datum van de authentieke schenkingsakte. Door het sluiten van deze overeenkomst verplichten de partijen zich ertoe te voldoen aan de voorwaarden bedoeld in artikel 140quinquies, § 1.

Dit streepje is evenwel niet toepasselijk als het geheel van de stemrechten van de algemene vergadering in het bezit van de schenker, zijn echtgeno(o)t(e) of wettelijke samenwonende, door de bloedverwanten in de opgaande lijn of de afstammelingen van de schenker en zijn echtgeno(o)t(e) of wettelijke samenwonende, alsook hun echtgenoten of wettelijke samenwonenden, door broers en zusters van de schenker en zijn echtgeno(o)t(e) of wettelijke samenwonende, alsook hun echtgenoten of wettelijke samenwonenden, en door de afstammelingen van de broers en zusters van de schenker en zijn echtgeno(o)t(e) of wettelijke samenwonende, alsook hun echtgenoten of wettelijke samenwonenden, minstens 50 % bereikt op de dag van de schenking;

3° de begiftigde die om de toepassing van het verlaagde recht verzoekt, moet aan de bevoegde ontvanger een door de Waalse Regering afgeleverd attest overmaken waaruit blijkt dat de begiftigden die er in vermeld worden de gestelde voorwaarden vervullen. Wanneer het attest niet uiterlijk tegelijkertijd met de registratie van de akte aan de ontvanger overgemaakt wordt, worden de rechten berekend op basis van het tarief bedoeld in de artikelen 131 tot 140, onder voorbehoud van een teruggave onder de voorwaarden bedoeld in artikel 209, 7°; in dit geval zijn de artikelen 140bis tot 140octies toepasselijk op de goederen waarvoor het recht teruggegeven wordt.

Voor de toepassing van deze onderafdeling wordt de begiftigde die om de toepassing van het verlaagde recht verzoekt en houder van dat attest is "opvolger" genoemd.

De Waalse Regering bepaalt de modaliteiten voor de aanvraag en de afgifte van genoemd attest, alsook de stukken die erbij gevoegd moeten worden.

§ 3. Onder "effecten" wordt verstaan:

a. de aandelen, winstaandelen, intekeningsrechten en winstbewijzen van een vennootschap;

b. de certificaten m.b.t. de in a. bedoelde effecten:

- wanneer ze worden uitgegeven door rechtspersonen die gevestigd zijn in één van de lidstaten van de EURopese Economische Ruimte en die houder zijn van de effecten waarop de certificaten betrekking hebben;

- wanneer de uitgever van de certificaten alle rechten gebonden aan de effecten waarop ze betrekking hebben, met inbegrip van het stemrecht, uitoefent;

- wanneer dit certificaat bepaalt dat zijn titularis elk product of inkomen gebonden aan de effecten onderworpen aan de certificering van de uitgever van de effecten kan eisen.

§ 4. Onder "schuldvorderingen" wordt verstaan elke geldlening al dan niet in de vorm van effecten, gegeven door de schenker aan een vennootschap waarvan hij effecten bezit, wanneer deze lening rechtstreeks is gebonden aan de behoeften van de industriële, handels-, ambachts-, landbouw- of bosbouwactiviteit, van het vrij beroep of van het ambt of post uitgeoefend ofwel door de vennootschap ofwel door de vennootschap zelf en haar dochtervennootschappen.

De bovenvermelde schuldvorderingen worden evenwel uitgesloten voor zover het totale nominale bedrag van de schuldvorderingen hoger is dan het deel van het sociaal kapitaal dat werkelijk vrijgemaakt wordt en dat niet het voorwerp uitmaakt van een vermindering, noch van een terugbetaling in hoofde van de schenker op de datum van de authentieke akte van schenking. De andere winsten dan de verdeelde en als dusdanig belaste winsten die in het kapitaal worden ingelijfd, worden niet beschouwd als vrijgemaakt kapitaal.

Interne ref.: AFZ: Dossier nr. 474-2 / Kad., reg. en domeinen: L 226