Circulaire nr. Ci.RH.244/294.315 dd. 05.10.1981
CIRC 05.10.81/2
Circulaire nr. Ci.RH.244/294.315 dd. 05.10.1981
RIJKSPERSONEEL
TERUGVORDERING VAN TEN ONRECHTE AAN HET RIJKSPERSONEEL UITBETAAL-DE BEZOLDIGINGEN EN ANDERE BELASTBARE SOMMEN
Nieuwe richtlijnen die van toepassing zijn op belastbare sommen tijdens de jaren 1981 en volgende aan het rijkspersoneel ten onrechte betaald of vervangen door andere sommen met een verschillend belastingstelsel.
Bij circulaire van 6 mei 1980, zelfde nummer als hierboven, heeft de Administratie der directe belastingen, eensdeels het belastingstelsel medegedeeld dat van toepassing is op de wachtgelden toegekend aan het rijkspersoneel in disponibiliteit wegens ziekte of gebrekkigheid (artikelen 14 en 15 van het koninklijk besluit van 13 november 1967) en, anderdeels, de richtlijnen voor de toepassing van dat stelsel in het stadium van de inning van de bedrijfsvoorheffing en het opstellen van de bezoldigingsfiches.
De meeste diensten belast met het opmaken van die fiches zijn, om diverse, inzonderheid mechanografische redenen, niet bij machte verbeterende fiches 281.10 op te stellen, overeenkomstig de sub A en B van de in voormelde circulaire voorziene richtlijnen wanneer activiteitswedden, toegekend tijdens één of meer voorafgaande jaren en vermeld op fiches 281.10, later geheel of gedeeltelijk worden vervangen door één van de twee bedoelde wachtgelden.
Er werd derhalve beslist de voormelde richtlijnen op te heffen en de toepassing van de richtlijnen van de circulaire van 13 januari 1976, nr. Ci.RH.241/268.529, inzake de bedrijfsvoorheffing, de fiches 281, de samenvattende opgaven 325 en de attesten in verband met de door overheidsdiensten ten onrechte betaalde bezoldigingen en anciënniteitspensioenen, uit te breiden tot de wachtgelden.
Om de taxatiediensten toe te laten de belastingtoestand te regulariseren van de personeelsleden in activiteit, in disponibiliteit of met pensioen, van wie tijdens de jaren 1981 en volgende, voor die of voor voorafgaande jaren ten onrechte betaalde belastbare sommen (activiteitswedde, wachtgeld bij disponibiliteit, renten wegens een arbeidsongeval, pensioenen, enz.), worden teruggevorderd of geheel of gedeeltelijk worden vervangen door sommen die aan een verschillend belastingstelsel zijn onderworpen (b.v. wachtgeld in plaats van een wedde), worden de bevoegde diensten uitgenodigd zich strikt te houden aan de voormelde regels die hierna opnieuw worden uiteengezet wegens lichte wijzigingen die moesten worden aangebracht.
1. BEDRIJFSVOORHEFFING
De door de ambtenaar terug te betalen sommen - ongeacht of zij ten onrechte werden betaald of de sommen die zij vervangen overtreffen - moeten worden teruggevorderd voor het nettobedrag of het belastbaar brutobedrag (bedrag vóór aftrek van de eventuele bedrijfsvoorheffing) naargelang de aanmaning tot terugvordering werd verzonden (of de spontane terugbetaling door de ambtenaar werd gedaan) tijdens het jaar van de betaling van de bedoelde sommen of tijdens een jaar volgend op dat van de betaling.
De (eventuele) bedrijfsvoorheffing met betrekking tot de sommen die voor hun nettobedrag worden teruggevorderd (of spontaan door de ambtenaar netto worden terugbetaald) wordt rechtgezet door het bedrag ervan in mindering te brengen van de nog in de Schatkist te storten voorheffing die verschuldigd is op de andere belastbare sommen die tijdens het jaar van de aanmaning tot terugbetaling (of van de spontane terugbetaling) aan het betrokken personeelslid worden betaald.
2. INDIVIDUELE FICHES 281.10 EN 281.12 EN ATTESTEN
a) Beginsel
1. Wanneer de ten onrechte betaalde sommen tijdens het jaar van hun betaling hetzij teruggevorderd (of spontaan door de ambtenaar terugbetaald), hetzij vervangen worden door andere sommen die aan een verschillend belastingstelsel onderworpen zijn, dan moet de dienst die de ten onrechte betaalde sommen uitkeerde voor datzelfde jaar :
De attesten 281.25 en de samenvattende opgave 325.25 (cf. de toegevoegde modellen) vervangen de modellen gevoegd bij de voormelde circulaire van 13 januari 1976. Zij moeten dus voor alle ten onrechte betaalde belastbare sommen worden gebruikt - ongeacht of zij al dan niet worden vervangen door andere sommen met een verschillend belastingstelsel, wanneer de ten onrechte betaalde sommen worden teruggevorderd, terugbetaald of vervangen tijdens een jaar volgend op dat van de betaling.
Die attesten, die zodanig zijn opgevat dat zij met de hand, met de schrijfmachine of mechanografisch kunnen worden ingevuld, dienen aangevraagd te worden bij het Documentatiecentrum-Bedrijfsvoorheffing te Brussel, Denderleeuw of Bergen naargelang de dienst die er gebruik moet van maken gevestigd is in de Brusselse agglomeratie, in het Vlaamse of in het Waalse landsgedeelte.
De attesten 281.25 moeten in duplo ingevuld worden. De originelen, samen met een tussenblad 325.25 (Tuss.) en een titelblad 325.25, en de afschriften moeten respectievelijk aan de voormelde bevoegde dienst en aan de betrokken ambtenaren worden toegezonden uiterlijk op 1 februari van het jaar volgend op dat waarin de aanmaning tot terugbetaling van de ten onrechte betaalde sommen werd verzonden, de sommen werden terugbetaald of vervangen door andere met een verschillend belastingstelsel, en, indien mogelijk, samen met de individuele fiches betreffende die andere sommen.
3. OPMERKINGEN :
*
* *
Wanneer blijkt dat aan ambtenaren in overheidsdienst of van instellingen van openbaar nut tijdens de jaren 1981 en volgende belastbare sommen ten onrechte werden betaald of dat ten hunne name belastbare sommen geheel of gedeeltelijk moeten vervangen worden door andere belastbare sommen met een verschillend belastingstelsel, dient hun belastingtoestand van ambtswege te worden herzien overeenkomstig de als volgt gewijzigde richtlijnen van de circ. van 19.9.1975 en 13.1.1976, Ci.RH.241/268.529, en van de circ. van 6.5.1980, Ci.RH.244/294.315 :
Verder wordt de aandacht nog gevestigd op de volgende punten :
NAMENS DE MINISTER :
Voor de Directeur-generaal :
De Inspecteur-generaal,
R. TAVERNIERS
Bijlage 1
Bijlage 2
Circulaire nr. Ci.RH.244/294.315 dd. 05.10.1981
RIJKSPERSONEEL
TERUGVORDERING VAN TEN ONRECHTE AAN HET RIJKSPERSONEEL UITBETAAL-DE BEZOLDIGINGEN EN ANDERE BELASTBARE SOMMEN
Nieuwe richtlijnen die van toepassing zijn op belastbare sommen tijdens de jaren 1981 en volgende aan het rijkspersoneel ten onrechte betaald of vervangen door andere sommen met een verschillend belastingstelsel.
Bij circulaire van 6 mei 1980, zelfde nummer als hierboven, heeft de Administratie der directe belastingen, eensdeels het belastingstelsel medegedeeld dat van toepassing is op de wachtgelden toegekend aan het rijkspersoneel in disponibiliteit wegens ziekte of gebrekkigheid (artikelen 14 en 15 van het koninklijk besluit van 13 november 1967) en, anderdeels, de richtlijnen voor de toepassing van dat stelsel in het stadium van de inning van de bedrijfsvoorheffing en het opstellen van de bezoldigingsfiches.
De meeste diensten belast met het opmaken van die fiches zijn, om diverse, inzonderheid mechanografische redenen, niet bij machte verbeterende fiches 281.10 op te stellen, overeenkomstig de sub A en B van de in voormelde circulaire voorziene richtlijnen wanneer activiteitswedden, toegekend tijdens één of meer voorafgaande jaren en vermeld op fiches 281.10, later geheel of gedeeltelijk worden vervangen door één van de twee bedoelde wachtgelden.
Er werd derhalve beslist de voormelde richtlijnen op te heffen en de toepassing van de richtlijnen van de circulaire van 13 januari 1976, nr. Ci.RH.241/268.529, inzake de bedrijfsvoorheffing, de fiches 281, de samenvattende opgaven 325 en de attesten in verband met de door overheidsdiensten ten onrechte betaalde bezoldigingen en anciënniteitspensioenen, uit te breiden tot de wachtgelden.
Om de taxatiediensten toe te laten de belastingtoestand te regulariseren van de personeelsleden in activiteit, in disponibiliteit of met pensioen, van wie tijdens de jaren 1981 en volgende, voor die of voor voorafgaande jaren ten onrechte betaalde belastbare sommen (activiteitswedde, wachtgeld bij disponibiliteit, renten wegens een arbeidsongeval, pensioenen, enz.), worden teruggevorderd of geheel of gedeeltelijk worden vervangen door sommen die aan een verschillend belastingstelsel zijn onderworpen (b.v. wachtgeld in plaats van een wedde), worden de bevoegde diensten uitgenodigd zich strikt te houden aan de voormelde regels die hierna opnieuw worden uiteengezet wegens lichte wijzigingen die moesten worden aangebracht.
1. BEDRIJFSVOORHEFFING
De door de ambtenaar terug te betalen sommen - ongeacht of zij ten onrechte werden betaald of de sommen die zij vervangen overtreffen - moeten worden teruggevorderd voor het nettobedrag of het belastbaar brutobedrag (bedrag vóór aftrek van de eventuele bedrijfsvoorheffing) naargelang de aanmaning tot terugvordering werd verzonden (of de spontane terugbetaling door de ambtenaar werd gedaan) tijdens het jaar van de betaling van de bedoelde sommen of tijdens een jaar volgend op dat van de betaling.
De (eventuele) bedrijfsvoorheffing met betrekking tot de sommen die voor hun nettobedrag worden teruggevorderd (of spontaan door de ambtenaar netto worden terugbetaald) wordt rechtgezet door het bedrag ervan in mindering te brengen van de nog in de Schatkist te storten voorheffing die verschuldigd is op de andere belastbare sommen die tijdens het jaar van de aanmaning tot terugbetaling (of van de spontane terugbetaling) aan het betrokken personeelslid worden betaald.
2. INDIVIDUELE FICHES 281.10 EN 281.12 EN ATTESTEN
a) Beginsel
1. Wanneer de ten onrechte betaalde sommen tijdens het jaar van hun betaling hetzij teruggevorderd (of spontaan door de ambtenaar terugbetaald), hetzij vervangen worden door andere sommen die aan een verschillend belastingstelsel onderworpen zijn, dan moet de dienst die de ten onrechte betaalde sommen uitkeerde voor datzelfde jaar :
- de individuele fiche ad hoc opstellen met vermelding, enerzijds van het verschil tussen het bruto belastbaar bedrag van de tijdens dat jaar betaalde sommen en dat van de sommen die, gedurende hetzelfde jaar werden teruggevorderd (of spontaan door de ambtenaar werden terugbetaald) of werden vervangen door andere vorenbedoelde sommen, indien dat verschil positief is en, anderzijds, de (eventuele) bedrijfsvoorheffing met betrekking tot dat verschil;
- de individuele fiche ad hoc opstellen voor de sommen met een verschillend belastingstelsel die eventueel de ten onrechte betaalde sommen hebben vervangen en er het bruto belastbaar bedrag van de sommen en de eventuele bedrijfsvoorheffing op vermelden.
- voor elk jaar waarvoor zij werden betaald een attest nr. 281.25 opstellen met vermelding van het bruto belastbaar bedrag (met inbegrip van de eventuele bedrijfsvoorheffing) tegenover dezelfde identificatieletter als die waartegenover deze sommen werden vermeld op het individuele fiche dat voor het jaar van hun betaling werd opgesteld;
- voor ieder van de jaren tijdens hetwelk de aanmaning tot terugbetaling van de ten onrechte betaalde sommen wordt verzonden, tijdens hetwelk zij worden terugbetaald of vervangen door sommen met een verschillend belastingstelsel, een individuele fiche ad hoc opstellen met vermelding eensdeels van het bruto belastbaar bedrag van de sommen betaald tijdens elk van die jaren, vóór aftrek van de teruggevorderde, terugbetaalde of vervangen sommen en, anderdeels, de op dat bedrag verschuldigde bedrijfsvoorheffing;
- voor het jaar tijdens hetwelk ten onrechte betaalde sommen worden vervangen door sommen met een verschillend belastingstelsel, de individuele fiche ad hoc opstellen en het bruto belastbaar bedrag van deze laatste sommen vermelden als afzonderlijk belastbare achterstallen, met dien verstande dat de rubriek "Bedrijfsvoorheffing" slechts moet worden ingevuld wanneer de vervanging voor de ambtenaar aanleiding was tot een effectieve inning van sommen onderworpen aan de voorheffing.
De attesten 281.25 en de samenvattende opgave 325.25 (cf. de toegevoegde modellen) vervangen de modellen gevoegd bij de voormelde circulaire van 13 januari 1976. Zij moeten dus voor alle ten onrechte betaalde belastbare sommen worden gebruikt - ongeacht of zij al dan niet worden vervangen door andere sommen met een verschillend belastingstelsel, wanneer de ten onrechte betaalde sommen worden teruggevorderd, terugbetaald of vervangen tijdens een jaar volgend op dat van de betaling.
Die attesten, die zodanig zijn opgevat dat zij met de hand, met de schrijfmachine of mechanografisch kunnen worden ingevuld, dienen aangevraagd te worden bij het Documentatiecentrum-Bedrijfsvoorheffing te Brussel, Denderleeuw of Bergen naargelang de dienst die er gebruik moet van maken gevestigd is in de Brusselse agglomeratie, in het Vlaamse of in het Waalse landsgedeelte.
De attesten 281.25 moeten in duplo ingevuld worden. De originelen, samen met een tussenblad 325.25 (Tuss.) en een titelblad 325.25, en de afschriften moeten respectievelijk aan de voormelde bevoegde dienst en aan de betrokken ambtenaren worden toegezonden uiterlijk op 1 februari van het jaar volgend op dat waarin de aanmaning tot terugbetaling van de ten onrechte betaalde sommen werd verzonden, de sommen werden terugbetaald of vervangen door andere met een verschillend belastingstelsel, en, indien mogelijk, samen met de individuele fiches betreffende die andere sommen.
3. OPMERKINGEN :
| a) | Op uitdrukkelijk verzoek van een staats ambtenaar of van een gewestelijke dienst der directe belastingen mogen de voormelde richtlijnen eveneens worden toegepast wanneer ten onrechte betaalde belastbare sommen vóór 1 januari 1981 werden teruggevorderd, terugbetaald of vervangen door andere sommen met een verschillend belastingstelsel; in afwachting dat de attesten 281.25 en de samenvattende opgaven 325.25 beschikbaar zijn, dienen niet-officiële modellen overeenstemmend met de bijgevoegde modellen te worden gebruikt. |
| b) | Wanneer ten onrechte betaalde belastbare sommen - al dan niet te vervangen door andere sommen met een verschillend belastingstelsel - reeds het voorwerp waren van een attest nr. 281.25 en eventueel het individuele fiches, nadien opnieuw het voorwerp zijn van een regularisatie, moeten het attest nr. 281.25 en de individuele fiches met betrekking tot deze laatste regularisatie slechts de eruit voortvloeiende elementen vermelden zodat het attest en de eventuele individuele fiches die eerder werden opgesteld niet moeten worden vernietigd. |
* *
Wanneer blijkt dat aan ambtenaren in overheidsdienst of van instellingen van openbaar nut tijdens de jaren 1981 en volgende belastbare sommen ten onrechte werden betaald of dat ten hunne name belastbare sommen geheel of gedeeltelijk moeten vervangen worden door andere belastbare sommen met een verschillend belastingstelsel, dient hun belastingtoestand van ambtswege te worden herzien overeenkomstig de als volgt gewijzigde richtlijnen van de circ. van 19.9.1975 en 13.1.1976, Ci.RH.241/268.529, en van de circ. van 6.5.1980, Ci.RH.244/294.315 :
| 1° | de belastbare sommen met een verschillend belastingstelsel die de tijdens een bepaald jaar ten onrechte toegekende belastbare sommen vervangen, moeten niet in aanmerking worden genomen voor de herziening van de fiscale toestand van dat jaar, maar moeten worden belast als afzonderlijk belastbare achterstallen voor het jaar tijdens hetwelk de dienst die de sommen betaalde overging tot de vervanging; |
| de aanslagvoet van toepassing op deze achterstallen is de gemiddelde aanslagvoet overeenstemmend met het geheel van de belastbare inkomsten van het vorige jaar dat het dichtst het jaartal benadert vermeld in vak 2 van de attesten 281.25 en dat als "referentiejaar" bedoeld in de nrs. 93/26, al. 2 tot 93/28 Com.IB mag beschouwd worden; | |
| 2° | die dienst vordert de ten onrechte betaalde belastbare sommen voor hun nettobedrag terug - ongeacht of zij al dan niet geheel of gedeeltelijk werden vervangen door andere belastbare sommen met een verschillend belastingstelsel, niet alleen wanneer zij tijdens het jaar van betaling werden terugbetaald maar ook wanneer de aanmaning tot terugbetaling nog tijdens dat jaar werd verzonden. |
| a) | de voorstellen tot ambtshalve ontheffing, op grond van art. 277, § 1, WIB, van de overbelastingen voortvloeiend uit de herziening van de fiscale toestand van de betrokken ambtenaren voor de jaren tijdens welke zij belastbare sommen genoten die dienen te worden vervangen door andere belastbare sommen met een verschillend belastingstelsel enerzijds, en de gegevensborderellen voor de berekening van de verschuldigde belasting met betrekking tot het jaar tijdens hetwelk die andere sommen als afzonderlijk belastbare achterstallen moeten worden belast (cf. sub 1°), anderzijds, zijn in de mate van het mogelijke, samen op te stellen; |
| b) | ter zake vangt de termijn van 3 jaar bedoeld in art. 277, § 1, WIB aan op 1 januari van het jaar tijdens hetwelk de aanslag werd gevestigd voor het jaar waarvan het jaartal vermeld is in vak 2 van de attesten 281.25; |
| c) | wanneer toepassing wordt gemaakt van nr. 277/10 Com.IB (cf. nr. 6, laatste alinea van de hogervermelde circ. van 19.9.1975) wordt de terugbetaling van de ten onrechte betaalde sommen of van die welke de sommen met verschillend belastingstelsel overtreffen, geacht te zijn gedaan tijdens het jaar vermeld in vak 2 van de attesten 281.25; |
| d) | de onderhavige circulaire geldt eveneens voor geschillen in het stadium van de taxatie, regelmatig bezwaarschrift of toepassing van art. 277, § 1, WIB inzake ten onrechte betaalde belastbare sommen die tijdens de jaren 1980 en vorige het voorwerp waren van een aanmaning tot terugbetaling of die werden vervangen door andere sommen met een verschillend belastingstelsel. |
Voor de Directeur-generaal :
De Inspecteur-generaal,
R. TAVERNIERS
Bijlage 1
Bijlage 2
Bron: FisconetPlus
