Circulaire nr. Ci.RH.241/495.263 dd. 27.01.1998
CIRC 27.01.98/1
Circulaire nr. Ci.RH.241/495.263 dd. 27.01.1998
Bull. nr. 780, pag. 509
DUBBELBELASTINGVERDRAG
Heffingsbevoegdheid.
Nederland.
GRENSARBEIDER
Belgische grensarbeider in Nederland.
VERGOEDING
Herstel van een tijdelijke derving van bezoldiging.
Belastingstelsel van door een Nederlandse werkgever doorbetaalde lonen bij ziekte ingevolge de Wet uitbreiding loondoorbetalingsverplichting bij ziekte (WULBZ).
Aan al de ambtenaren van de niveaus 1, 2+ en 2.
1. De "lonen" die een Nederlandse werkgever ingevolge de Wet uitbreiding loondoorbetalingsverplichting bij ziekte (WULBZ) van 27.02.1996, bij ziekte van een werknemer verplicht is gedurende 52 weken ten belope van 70 % van het loon (maar ten minste het wettelijk minimumloon) door te betalen, moeten als vergoedingen verkregen tot volledig of gedeeltelijk herstel van een tijdelijke derving van bezoldigingen in de zin van art. 31, 2de lid, 4°, WIB 92, worden aangemerkt, waarop de belastingvermindering voor vervangingsinkomsten als omschreven in art. 146, 5°, WIB 92, van toepassing is.
2. Die lonen moeten derhalve in vak II, zowel in rubriek D, 1, tegenover de kenletter "E", code 269 (of 319 voor de gehuwde vrouw) als in rubriek M van de aangifte in de personenbelasting (aj. 1997, inkomsten van het jaar 1996) worden vermeld.
3. De heffingsbevoegdheid aangaande deze inkomsten dient te worden geregeld met inachtneming van het bepaalde in art. 15 van het op 19.10.1970 tussen België en Nederland gesloten dubbelbelastingverdrag.
Hieruit volgt dat deze inkomsten, ontvangen door een inwoner van België, belastbaar zijn:
Het is wel te verstaan dat in het geval dat de heffingsbevoegdheid aan Nederland toekomt de inkomsten in kwestie in België zijn vrijgesteld, maar in aanmerking worden genomen voor het bepalen van de aanslagvoet die op de andere inkomsten van toepassing is (art. 155, WIB 92).
4. De belastingplichtigen die de lonen niet op de hierbovenvermelde wijze hebben aangegeven, dienen hun aangifte ten spoedigste te wijzigen bij de belastingdienst waar ze hun aangifte hebben ingediend.
Wanneer er evenwel reeds een aanslag zou zijn gevestigd, is een eventuele herziening nog alleen mogelijk door middel van een bezwaarschrift.
Circulaire nr. Ci.RH.241/495.263 dd. 27.01.1998
Bull. nr. 780, pag. 509
DUBBELBELASTINGVERDRAG
Heffingsbevoegdheid.
Nederland.
GRENSARBEIDER
Belgische grensarbeider in Nederland.
VERGOEDING
Herstel van een tijdelijke derving van bezoldiging.
Belastingstelsel van door een Nederlandse werkgever doorbetaalde lonen bij ziekte ingevolge de Wet uitbreiding loondoorbetalingsverplichting bij ziekte (WULBZ).
Aan al de ambtenaren van de niveaus 1, 2+ en 2.
1. De "lonen" die een Nederlandse werkgever ingevolge de Wet uitbreiding loondoorbetalingsverplichting bij ziekte (WULBZ) van 27.02.1996, bij ziekte van een werknemer verplicht is gedurende 52 weken ten belope van 70 % van het loon (maar ten minste het wettelijk minimumloon) door te betalen, moeten als vergoedingen verkregen tot volledig of gedeeltelijk herstel van een tijdelijke derving van bezoldigingen in de zin van art. 31, 2de lid, 4°, WIB 92, worden aangemerkt, waarop de belastingvermindering voor vervangingsinkomsten als omschreven in art. 146, 5°, WIB 92, van toepassing is.
2. Die lonen moeten derhalve in vak II, zowel in rubriek D, 1, tegenover de kenletter "E", code 269 (of 319 voor de gehuwde vrouw) als in rubriek M van de aangifte in de personenbelasting (aj. 1997, inkomsten van het jaar 1996) worden vermeld.
3. De heffingsbevoegdheid aangaande deze inkomsten dient te worden geregeld met inachtneming van het bepaalde in art. 15 van het op 19.10.1970 tussen België en Nederland gesloten dubbelbelastingverdrag.
Hieruit volgt dat deze inkomsten, ontvangen door een inwoner van België, belastbaar zijn:
- in België, aan het volle tarief, wanneer de genieter, vóór zijn werkonderbreking wegens ziekte, gewoonlijk zijn werkzaamheden uitoefende ofwel in België of in een ander land dan Nederland, ofwel in Nederland in de hoedanigheid van grensarbeider;
- in Nederland, wanneer de genieter, vóór zijn werkonderbreking, gewoonlijk zijn werkzaamheden uitoefende in Nederland zonder de hoedanigheid van grensarbeider te bezitten.
Het is wel te verstaan dat in het geval dat de heffingsbevoegdheid aan Nederland toekomt de inkomsten in kwestie in België zijn vrijgesteld, maar in aanmerking worden genomen voor het bepalen van de aanslagvoet die op de andere inkomsten van toepassing is (art. 155, WIB 92).
4. De belastingplichtigen die de lonen niet op de hierbovenvermelde wijze hebben aangegeven, dienen hun aangifte ten spoedigste te wijzigen bij de belastingdienst waar ze hun aangifte hebben ingediend.
Wanneer er evenwel reeds een aanslag zou zijn gevestigd, is een eventuele herziening nog alleen mogelijk door middel van een bezwaarschrift.
Voor de Directeur-generaal:
De Auditeur-generaal van financiën,
J.E. VANDENBOSCH
Bron: FisconetPlus
