16.11.2015 - Omzendbrief D.I. 537.02 - D.D. 011.471
Federale Overheidsdienst FINANCIEN
Algemene Administratie van de Douane en Accijnzen
Dienst Operationele Expertise Ondersteuning (OEO) Expertise Wet- Regelgeving
Afdeling Douanewetgeving
|
UITVOER VAN GOEDEREN BEVOEGDHEID VAN DE KANTOREN | D.I. 537.02 |
D.D. 012.066 |
Bijlagen : 7 Brussel, 16 november 2015.
SUPPLEMENT 1
- De omzendbrief nr. D.D. 011.471 van 22 mei 2015 betreffende uitvoer van goederen – bevoegdheid van de kantoren (D.I. 537.02) moet worden gewijzigd omdat het vanaf 1 decem- ber 2015 niet langer mogelijk zal zijn om in het ambtsgebied van het hulpkantoor Vilvoorde uitvoeraangiften geldig te maken in de normale procedure. Enkel de domiciliëringsprocedure zal er toege- past worden.
- Tevens worden in een nieuwe bijlage codes voorzien voor de vermelding op de uitvoeraangifte van de uitzonderingen op het algemene principe voor het indienen van uitvoeraangiften op het principieel bevoegde hulpkantoor, zoals opgenomen in artikel 161,
§ 5 van het Communautair douanewetboek Bon O.S.D. nr. A/I 106/15
- Bijgevolg dient de voormelde omzendbrief als volgt te worden bijgewerkt :
- de bladen 5 t/m 10, de bijlage 1 (blz. 5/6) en de bijlage 2 vervangen door de bijgaande bladen;
- de nieuwe bijlage 4 invoegen.
Voor de Administrateur-generaal van de Douane en Accijnzen, Joëlle DELVAUX
Adviseur-generaal dd
SUPPLEMENTEN
UITVOER VAN GOEDEREN BEVOEGDHEID VAN DE KANTOREN | D.I. 537.02 |
D.D. 011.471 |
Bijlage: 1 omzendbrief Brussel, 22 mei 2015.
- Met het Besluit van de Voorzitter van het Directiecomité van 16 oktober 2014 tot oprichting van de nieuwe diensten van de Algemene Administratie van de Douane en Accijnzen (gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad van 11 december 2014) werden nieuwe ambtsgebieden gecreëerd die van toepassing zijn vanaf 1 januari 2015 terwijl de gewestelijke directies opgehouden hebben te bestaan op 31 december 2014. Er bestaan vandaag 7 ambtsgebieden, die regio’s worden genoemd: Antwerpen, Brussel, Gent, Hasselt, Leuven, Luik en Bergen.
Het Besluit van de Voorzitter van het Directiecomité van 27 januari 2015 tot vaststelling van de ambtsgebieden van de hulpkantoren van de Administratie Enig Kantoor - Geïntegreerde Verwerking van de Algemene Administratie van de Douane en Accijnzen, en tot wijziging van het besluit van de Voorzitter van het
Bon O.S.D. nr. A/I 105/15
Directiecomité tot oprichting van de nieuwe diensten van de Algemene Administratie van de Douane en Accijnzen (gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad van 30 januari 2015) bepaalt per regio en per administratieve standplaats de diensten van de Administratie Enig kantoor - Geïntegreerde Verwerking en bepaalt de ambtsgebieden van de verschillende hulpkantoren van het Enig kantoor (zie de bijlagen 1 en 2 van de in bijlage gevoegde omzendbrief).
- De afwijkingen op het algemene principe voor het indienen van uitvoeraangiften op het principieel bevoegde hulpkantoor worden uitvoerig uitgelegd en tevens wordt nader ingegaan op de bepalingen van het Douanewetboek van de Unie (zie de §§ 12 en 13 van de in bijlage gevoegde omzendbrief).
- Er werd rekening gehouden met het feit dat de Verordening (EG) nr. 800/1999 van de Commissie van 15 april 1999 werd vervangen door Verordening (EG) nr. 612/2009 van de Commissie van 7 juli 2009 houdende gemeenschappelijke uitvoeringsbepalingen van het stelsel van restituties bij uitvoer voor landbouwproducten (PBEU van 17 juli 2009, nr. L 186).
- De omzendbrief van 18 januari 2001, nr. D.D. 224.574 (D.I. 537.02) wordt ingetrokken en vervangen door deze omzendbrief.
De omzendbrief “Uitvoer van goederen – Bondige herinnering van de voorschriften” van 16 februari 2006, nr.
D.D. 268.228 (D.I. 537.02) wordt eveneens ingetrokken.
Voor de Administrateur-generaal van de Douane en Accijnzen, De Adviseur - diensthoofd,
J. DELVAUX
UITVOER VAN GOEDEREN BEVOEGDHEID VAN DE KANTOREN | D.I. 537.02 |
D.D. 011.471 |
Bijlagen: 3 Brussel, 22 mei 2015.
I. ALGEMEEN
- Overeenkomstig het bepaalde in artikel 161, lid 5, van het Communautair Douanewetboek (hierna afgekort tot “CDW”) dienen de uitvoeraangiften in principe te worden ingediend bij het douanekantoor (*) dat bevoegd is voor het toezicht op de plaats waar de exporteur is gevestigd of waar de goederen zijn verpakt of met het oog op de uitvoer in of op het vervoermiddel zijn geladen.
Evenwel gelden bij de uitvoer van landbouwproducten waarvoor aanspraak wordt gemaakt op restituties bijzondere bepalingen die afwijken
van
het
algemeen
principe
van
artikel 161, lid 5 van het
CDW.
(*) De term "douanekantoor" wordt enkel vermeld bij de bespreking van communautaire bepalingen. In de andere gevallen wordt de term "hulpkantoor" gehanteerd.
De bevoegdheid omtrent het toezicht op de plaatsen waarvan sprake in de eerste alinea van deze paragraaf wordt toegekend op basis van het ambtsgebied dat aan ieder hulpkantoor werd toegewezen door het Besluit van 27 januari 2015 van de Voorzitter van het Directiecomité tot vaststelling van de ambtsgebieden van de hulpkantoren van de Administratie Enig Kantoor – Geïntegreerde Verwerking van de Algemene Administratie van de Douane en Accijnzen, en tot wijziging van het besluit van de Voorzitter van het Directiecomité tot oprichting van de nieuwe diensten van de Algemene Administratie van de Douane en Accijnzen (zie bijlage 1 van onderhavige omzendbrief).
- De artikelen 789 t/m 791 en 794 van de toepassings- bepalingen van het Communautair douanewetboek (hierna afgekort tot “CTW”) voorzien dat om diverse redenen van het algemene principe van artikel 161, lid 5 van het CDW kan worden afgeweken (zie § 11 hierna).
- Om een optimale controle te waarborgen en te voldoen aan de eisen van de Europese Commissie, dienen vanaf de datum van inwerkingtreding van onderhavige omzendbrief de hierna volgende regels te worden in acht genomen.
- De aandacht wordt erop gevestigd dat de bepalingen geen invloed hebben op de vergunningen “vereenvoudigde procedures – domiciliëringsprocedure uitvoer/wederuitvoer”. Indien bepaalde firma's praktische moeilijkheden ondervinden met de toepassing van de hierna volgende bepalingen, dient door de douanediensten te worden gewezen op de voordelen van vergunningen waarbij de uitvoerformaliteiten en de eventuele fysieke verificatie worden verricht in de instellingen van de vergunninghoudende firma’s (zie de omzendbrief “Voorwaarden voor het verlenen van vergunningen inzake vereenvoudigde procedures” van 15 juli 2010, nr.
D.D. 297.407 – D.I. 521.103 en de omzendbrief “PLDA” van 12 juli 2007, nr. D.D. 273.416 – D.I. 530.11) en dienen zij de wijze van het bekomen van dergelijke vergunningen uit te leggen.
De hierna volgende bepalingen hebben evenmin invloed op de vergunningen “Laad- en losplaatsen” of “Laadplaatsen” (zie de omzendbrief “Laad- en losplaatsen (LLP) – Laadplaatsen (LP) van 27 april 2009, nr. D.D. 288.572 – D.I. 530.11) die onder meer de machtigingen “verlegging van verificatie” hebben vervangen.
- Er wordt eveneens op gewezen dat een douane-expediteur enkel voor rekening van firma’s die gevestigd zijn in hetzelfde ambtsgebied van het hulpkantoor als zijn exploitatiezetel, douaneformaliteiten kan vervullen in het kader van zijn vergunning “vereenvoudigde procedures – domiciliëringsprocedure uit- voer/wederuitvoer”. De uitzonderingen opgenomen in de §§ 10 en 11 hierna blijven evenwel van toepassing.
- Indien de exporteur voor het vervullen van de uitvoer- formaliteiten kiest voor de plaats van verpakking van de goederen of de plaats van lading kan een douane-expediteur enkel die formaliteiten verrichten in het kader van zijn vergunning “vereenvoudigde procedures – domiciliëringsprocedure uit- voer/wederuitvoer” voor zover de plaats van verpakking of lading in hetzelfde ambtsgebied van het kantoor is gelegen als zijn exploitatiezetel. De uitzonderingen opgenomen in de §§ 10 en 11 hierna blijven evenwel van toepassing.
- Wat de in hoofdstuk III bedoelde goederen betreft, is enkel het bepaalde in § 6 van toepassing. In dit geval wordt enkel rekening gehouden met de plaats van lading.
- Twee voorbeelden illustreren de bepalingen van de §§ 5
t/m 7 :
Voorbeeld 1 :
Voor een volle lading van goederen bedoeld bij hoofdstuk II afkomstig van een in Namen gevestigde firma kan een douane- expediteur, wiens exploitatiezetel in Hasselt is gelegen, in principe geen uitvoerformaliteiten vervullen in het kader van zijn vergunning “vereenvoudigde procedures – domiciliëringsprocedure uitvoer / wederuitvoer”.
Voorbeeld 2:
Een douane-expediteur met zijn exploitatiezetel te Hasselt mag enkel zijn vergunning “vereenvoudigde procedures – domiciliëringsprocedure uitvoer/wederuitvoer” gebruiken voor het vervullen van uitvoerformaliteiten voor goederen bedoeld bij hoofdstuk III waarvoor de plaats van lading in het ambtsgebied van het hulpkantoor Bilzen is gelegen.
II. GOEDEREN DIE NIET IN AANMERKING KOMEN VOOR RESTITUTIES BIJ UITVOER OF DIE IN AANMERKING KOMEN VOOR RESTITUTIES
BIJ UITVOER MAAR WAARVOOR OP HET OGENBLIK VAN DE UITVOER GEEN AANSPRAAK WORDT GEMAAKT OP DIE RESTITUTIES
a) Principieel bevoegd douanekantoor inzake het indienen van de uitvoeraangifte
- Behoudens het bepaalde in § 11 moet de uitvoeraangifte worden ingediend bij het overeenkomstig artikel 161, lid 5 van het CDW principieel bevoegde douanekantoor (hierna “principieel bevoegd hulpkantoor” genoemd) dat, volgens het toegewezen ambtsgebied, bevoegd is voor het toezicht op de PLAATS waar :
- de exporteur is gevestigd, of
- de goederen met het oog op de uitvoer in een container worden geladen, of
- de goederen met het oog op de uitvoer in of op een vervoermiddel zijn geladen.
De plaats van lading dient dusdanig te worden geïnterpreteerd dat het uitsluitend kan gaan om de eerste plaats van lading op een vervoermiddel, zelfs indien dit niet het vervoermiddel is waarmede de goederen het douanegebied van de Europese Unie zullen verlaten. Bepalend is het moment waarop de goederen de bestemming "uitvoer" krijgen.
Dit principe doet echter geen afbreuk aan het bepaalde in de dienstbrief van 1 januari 1996, nr. D.C.F. 49.232, gericht aan de gewestelijk directeur van Antwerpen en Gent, toegevoegd als bijlage II bij de omzendbrief van 30 juni 1999, nr. D.T. 209.736 van 30 juni 1999 (D.I. 684.0 – Gemeenschappelijk landbouwbeleid – nieuwe restitutieverordening) inzake de uitvoer over zee van bulkgoederen en massapartijen.
De douane van het betrokken hulpkantoor van uitvoer kan zich alle nodig geachte bewijsmiddelen laten voorleggen, om te kunnen nagaan of de uitvoeraangifte, volgens de bepalingen van onderhavige omzendbrief, op het bevoegde hulpkantoor wordt ingediend.
Indien de uitvoeraangifte bij een hulpkantoor van uitvoer wordt ingediend dat niet bevoegd is, dient die aangifte derhalve te worden geweigerd en zal de zending naar het bevoegde hulpkantoor worden teruggewezen.
De hulpkantoren bevoegd voor het indienen van uitvoeraangiften zijn opgenomen in bijlage 1 van onderhavige omzendbrief.
Bijzondere bepalingen en afwijkingen zijn respectievelijk voorzien in de §§ 10 en 11.
b) Bijzondere gevallen inzake het indienen van de uitvoeraangifte
- Om rekening te houden met specifieke handels- en vervoersgebruiken bestaat een inschikkelijkheid voor de volgende bijzondere gevallen :
a) Groepagezendingen: indien goederen op een verzamelpunt worden bijeengebracht om vervolgens met het oog op de uitvoer gezamenlijk in een vervoermiddel te worden geladen, mag de uitvoeraangifte (eventueel door tussenkomst van een douane- expediteur) worden ingediend bij het hulpkantoor dat bevoegd is voor het toezicht op de plaats waar het betrokken verzamelpunt zich bevindt;
b) lading op diverse plaatsen: indien goederen met het oog op de uitvoer op diverse plaatsen worden geladen, mag de uitvoeraangifte (eventueel door tussenkomst van een douane- expediteur) worden ingediend bij het hulpkantoor dat bevoegd is voor het toezicht op de plaats waar de laatste lading wordt verricht (plaats waar de volledige lading voor het eerst kan worden aangeboden).
De keuze voor één van de twee vorengenoemde bijzondere gevallen moet duidelijk blijken uit het aanbrengen van de toepas- selijke code in vak 44 van de uitvoeraangifte (zie bijlage 4 van onderhavige omzendbrief).
c) Afwijkingen van de in de §§ 9 en 10 opgenomen bepalingen
- Overeenkomstig § 2 kan worden afgeweken van de bepalingen van de §§ 9 en 10, omwille van verschillende redenen die hieronder uiteengezet worden en die hun toepassing vinden in communautaire bepalingen.
Onderaanneming
Ingeval van onderaanneming kan de aangifte ten uitvoer overeenkomstig artikel 789 van het CTW eveneens worden ingediend bij het douanekantoor dat bevoegd is voor de plaats waar de onderaannemer is gevestigd.
Administratieve organisatie
De afwijkingen van het CTW die verband houden met de administratieve organisatie behoren tot de bevoegdheid van de betrokken lidstaat.
Overeenkomstig artikel 60 van het CDW, dat vorengenoemde bevoegdheid instelt, stellen de lidstaten de bevoegdheid van de diverse op hun grondgebied gelegen douanekantoren vast, in voorkomend geval rekening houdend met de aard van de goederen of met de douaneregeling waaronder de goederen moeten worden geplaatst.
Suppl. 1
Artikel 790 van het CTW bepaalt dat indien, om redenen die verband houden met de administratieve organisatie, artikel 161, lid 5, eerste zin, van het CDW niet kan worden toegepast, de aangifte mag worden ingediend bij elk voor de desbetreffende verrichting bevoegd douanekantoor in de betrokken lidstaat.
Op nationaal vlak voorziet artikel 5 van de van de Algemene Wet inzake Douane en Accijnzen (AWDA) dat de Minister van Financiën of zijn afgevaardigde:
1° beslist over het oprichten, het verplaatsen en het opheffen van de kantoren der douane of der accijnzen en hun hulpkantoren;
2° bepaalt de attributen van bedoelde kantoren en hulpkantoren, met dien verstande dat die attributen tot sommige goederen kunnen worden beperkt;
3° wijst de wegen aan waarlangs de goederen moeten binnenkomen of uitgaan, of welke de goederen onder douanevervoer doorheen de tolkring moeten volgen.
Rekening houdend met vorengenoemde wettelijke bepalingen inzake de administratieve organisatie wordt de inklaring bij uitvoer zowel toegelaten op het principieel bevoegde hulpkantoor als op een Belgisch kantoor van uitgang langs waar de goederen de Europese Unie verlaten, hetzij Antwerpen, Gent, Oostende, Zeebrugge, Zaventem, Grâce-Hollogne (Bierset) en Charleroi (Gosselies).
Voor de hulpkantoren Aarlen, Ottignies-Louvain-la-Neuve en Vilvoorde, waar enkel de domiciliëringsprocedure kan worden toegepast, moet de aanbieding van de goederen (zonder domiciliëring) gebeuren op een naburig hulpkantoor of op een kantoor van uitgang van de Unie zoals hiervoor verduidelijkt (zie daartoe de bijlage 2 van onderhavige omzendbrief)
Naar behoren gerechtvaardigde redenen
Overeenkomstig artikel 791 van het CTW kan ingeval van naar behoren gerechtvaardigde redenen een aangifte ten uitvoer worden aanvaard door:
Suppl. 1
- een ander dan het in artikel 161, lid 5, eerste zin, van het CDW bedoelde hulpkantoor,
of
- een ander dan het in artikel 790 van het CTW bedoelde hulpkantoor.
Indien om gerechtvaardigde redenen de uitvoerformaliteiten niet kunnen worden vervuld op het principieel bevoegde hulp- kantoor, moet de uitvoeraangifte worden ingediend op het eerst- volgende bevoegde hulpkantoor in de lijst van bevoegde hulp- kantoren, gelegen op of in de nabijheid van de normale reisweg voor het bereiken van de vooropgestelde bestemming, dat geopend is.
Indien bijvoorbeeld het voor de plaats van vestiging van de exporteur bevoegde hulpkantoor op een dusdanige afstand en in een dusdanige richting ten opzichte van deze plaats van vestiging is gelegen dat het economisch niet verantwoord zou zijn artikel 161, lid 5 van het CDW toe te passen, kan de aangifte worden aanvaard door het eerste hulpkantoor dat gelegen is op het traject vanaf de plaats van vestiging van de exporteur naar de plaats waar de goederen het douanegebied van de Unie verlaten.
Deze afwijking moet worden toegestaan door het plaatselijk hoofd van het hulpkantoor, waar de goederen worden aangeboden. De toestemming wordt verleend door het aanbrengen van de vermelding "Toepassing van § 11 van de omzendbrief nr.
D.D. 011.471" in vak 44 van de uitvoeraangifte, gewaarmerkt met de kantoorstempel en de handtekening van het plaatselijk hoofd.
De toegestane afwijking wordt ter kennis gebracht aan de Regiomanager over het gebied van het principieel bevoegde hulpkantoor. Die laatste gaat na of geen misbruik is gemaakt van de afwijking. Hij herinnert eventueel de principes van artikel 161, lid 5 van het CDW aan de exporteur en maant hem aan zich hieraan te houden, door middel van vereenvoudigde uitvoerprocedures.
Ter informatie is in bijlage 3 het document EG nr. XXI/1667/94 van 14 november 1995, ingelast waarin bepaalde criteria zijn opgenomen inzake naar behoren gerechtvaardigde redenen om de uitvoerformaliteiten te vervullen op een ander hulpkantoor dan het principieel bevoegd hulpkantoor.
Goederen met een bepaalde maximumwaarde en mondelinge aangiften
Overeenkomstig artikel 794 van het CTW kunnen:
- goederen waarop geen verboden of beperkingen van toepassing zijn en waarvan de waarde per zending en per aangever niet meer dan 3 000 EUR bedraagt, bij het douanekantoor van uitgang worden aangegeven.
- mondelinge aangiften uitsluitend bij het douanekantoor van uitgang worden gedaan.
Het inroepen van één van de vorengenoemde afwijkingen moet duidelijk blijken uit het aanbrengen van de toepasselijke code in vak 44 van de uitvoeraangifte (zie bijlage 4 van onderhavige omzendbrief).
d) Bepalingen van het Douanewetboek van de Unie
- Inzake de bevoegdheid van de douanekantoren bepaalt het Douanewetboek van de Unie (hierna afgekort tot “DWU”), dat op 1 mei 2016 van toepassing zal worden, in zijn artikel 159, lid 3 dat het bevoegde douanekantoor voor het plaatsen van goederen onder een douaneregeling het douanekantoor is dat verantwoordelijk is voor de plaats waar de goederen zijn aangebracht.
Uitvoeringshandelingen leggen de procedureregels vast betreffende het vaststellen van de andere bevoegde douanekantoren dan het in vorengenoemd artikel 159, lid 3 van het DWU bedoeld kantoor.
De bepalingen die in de uitvoeringshandelingen van het DWU betreffende het bevoegde douanekantoor zullen opgenomen worden, zijn identiek aan de bepalingen die in het huidige artikel 161, lid 5 van het CDW en in de artikelen 789 t/m 791 en 794 van het CTW zijn opgenomen.
Suppl. 1
III. GOEDEREN DIE IN AANMERKING KOMEN VOOR RESTITUTIES BIJ UITVOER EN WAARVOOR OP HET OGENBLIK VAN DE UITVOER AANSPRAAK WORDT
GEMAAKT OP DIE RESTITUTIES
- Bij uitvoer van de in dit hoofdstuk bedoelde goederen zijn de bepalingen van Verordening (EG) nr. 612/2009 van de Commissie van 7 juli 2009, houdende gemeenschappelijke uitvoeringsbepalingen van het stelsel van restituties bij uitvoer van landbouwproducten (hierna restitutieverordening genoemd) van kracht.
- De goederen, die in aanmerking komen voor restituties zijn opgenomen in bijlage X van het Gebruikstarief. Indien bij de uitvoer van deze goederen aanspraak wordt gemaakt op restituties zijn de hierna vermelde bepalingen van toepassing.
a) Principieel bevoegd hulpkantoor inzake het indienen van de uitvoeraangifte
- Overeenkomstig het bepaalde in artikel 5, lid 7 van de “restitutieverordening” moet de uitvoeraangifte worden ingediend bij het douanekantoor dat, volgens het toegewezen ambtsgebied, bevoegd is voor het toezicht op de PLAATS waar de goederen met het oog op de uitvoer worden geladen.
Als plaats van inlading voor het vervoer van producten die bestemd zijn voor uitvoer kan worden beschouwd:
- voor producten die worden uitgevoerd in containers, de plaats waar de producten in de containers worden geladen;
- voor producten die worden uitgevoerd in bulk of in zakken, kartons, dozen, flessen en dergelijke die niet in containers worden geladen, de plaats waar deze producten worden geladen in het vervoermiddel waarmee zij het douanegebied van de Unie zullen verlaten.
b) Praktische modaliteiten bij het vervullen van de uitvoerformaliteiten
Kennisgeving
- Datzelfde artikel 5, lid 7 van de “restitutieverordening” bepaalt verder dat ieder, die producten uitvoert waarvoor hij om toekenning van de restitutie verzoekt, verplicht is het in § 15 van onderhavige omzendbrief bedoelde douanekantoor ten minste 24 uur vóór het begin van de belading van de voor uitvoer bestemde producten ervan in kennis te stellen en aan te geven hoe lang het laden ervan naar verwachting zal duren.
Praktische richtlijnen in verband met deze kennisgevingen zijn opgenomen in de dienstnota nr. D.T. 266.128 van 1 februari 2010, gericht aan alle gewestelijke directeurs en aan het Enig kantoor.
Aangifte – Onvolledige aangifte
- De uitvoeraangifte moet worden ingediend op het in § 15 hiervoor bedoelde hulpkantoor.
Bij gebruikmaking van de procedure van de onvolledige aangifte is ter zake het bepaalde in de §§ 169 t/m 175 van de Instructie Enig document (D.I. 530.11) en § 606 van de Instructie Landbouwprocedures (D.I. 684.0) van toepassing.
- Wanneer bij producten die in bulk of in niet- gestandaardiseerde eenheden (*) worden uitgevoerd, het gewicht alleen exact kan worden vastgesteld nadat het vervoermiddel is geladen, kan de vergunning om onvolledige uitvoeraangiften in te dienen opleggen dat de onvolledige aangifte een schatting van de nettomassa van de producten moet bevatten. In dat geval wordt in vak 44 van de desbetreffende aangifte de vermelding "Toepassing van § 18 van de omzendbrief nr. D.D. 011.471 (D.I. 537.02)” aangebracht.
_
(*) Als producten in niet-gestandaardiseerde eenheden worden beschouwd: levende dieren, (halve) karkassen, voor- en achtervoeten, voorstukken, hammen, schouders, buiken en karbonadestrengen.
De vervangende aangifte waarin het exacte gewicht wordt aangeduid, moet onmiddellijk na het laden worden ingediend. Zij moet vergezeld zijn van schriftelijke bewijsstukken, waaruit de exact geladen nettomassa blijkt.
Voor producten in bulk of in niet-gestandaardiseerde eenheden geldt het bepaalde in § 607 van de Instructie Landbouwprocedures (D.I. 684.0).
IV. ECONOMISCHE DOUANEREGELINGEN (Bijzondere regelingen volgens het DWU)
- Onafhankelijk van de soort goederen wordt het hulpkantoor, bevoegd voor de uitvoer- of wederuitvoeraangifte in het kader van de economische douaneregelingen aangeduid in de vergunning van de regeling. Deze aanduiding geschiedt volgens de bepalingen van artikel 161, lid 5 van het CDW.
V. UITVOERAANGIFTEN INGEDIEND IN BELGIE DOOR EEN IN EEN ANDERE LIDSTAAT
GEVESTIGDE EXPORTEUR
- Wat de uitzonderingsprocedure betreft, krachtens dewelke uitvoeraangiften op naam van buiten België gevestigde exporteurs voor goederen uit andere lidstaten van de Europese Unie, onder bepaalde voorwaarden eveneens mogen worden aanvaard op Belgische hulpkantoren van uitvoer, gelden nog steeds de bepalingen van de dienstbrief van 1 februari 1995, nr. D.L. 1/1458, medegedeeld aan alle toenmalige gewestelijke directies, met dien verstande dat de in een andere lidstaat gevestigde exporteur op de uitvoeraangifte de volgende gegevens moet vermelden :
- in vak 2: zijn EORI-nummer en zijn naam en adres;
- in vak 44 : ofwel zijn individueel Belgisch btw- identificatienummer dat hij heeft moeten aanvragen om de voorafgaande intracommunautaire verwerving te doen, ofwel het globaal btw-identificatienummer, beginnend met BE 796.6 indien hij een beroep doet op een vooraf erkende globale aansprakelijke vertegenwoordiger voor de rapportering van de intracommunautaire verwerving en de uitvoer; het btw-identificatienummer (individueel of globaal) dient voorafgegaan te worden door de code Y040.
*
* *
- De omzendbrief van 18 januari 2001, nr. D.D. 224.574 (D.I. 537.02) wordt ingetrokken en vervangen door deze omzendbrief.
Voor de Administrateur-generaal van de Douane en Accijnzen, De Adviseur - diensthoofd
J. DELVAUX
HULPKANTOREN BEVOEGD VOOR HET INDIENEN VAN UITVOERAANGIFTEN
Benaming en contactgegevens | Dagen en uren van openstelling | BIJLAGE 1 |
(adres, telefoon- en faxnummer, | Ambtsgebied | (behoudens andersluidende |
e-mailadres) | bepaling, enkel op werkdagen) (*) | |
Regio Antwerpen | ||
|
ANTWERPEN D.A. Noordstergebouw Ellermanstraat 21 2060 Antwerpen Tel. : 0257 534 00 Fax : 0257 958 93 E-mail : da.buek.hk.antwerpen@minfin.fed.be | Aartselaar, Antwerpen, Beveren (enkel de douanezone van de haven van Antwerpen), Borsbeek, Edegem, Hemiksem, Mortsel, Schoten, Stabroek, Wijnegem, Wommelgem, Zwijndrecht. |
van maandag tot en met vrijdag : 8 tot 12 en 13 tot 17 Voor aangiften ten uitvoer ingediend op het “Diamond Office” : van maandag tot vrijdag van 9.15 tot 17.15 |
Regio Bergen | ||
|
CHARLEROI (GOSSELIES) D.A.E. Rue des Fusillés 6040 Jumet Tel. : 0257 858 10 Fax : 0257 981 82 E-mail : da.buek.suc.charleroi@minfin.fed.be | Aiseau-Presles, Anderlues, Beaumont, Bergen, Binche, Boussu, Cerfontaine, Chapelle-lez-Herlaimont, Charleroi, Châtelet, Chièvres, Chimay, Colfontaine, Courcelles, Dour, Ecaussinnes, Erquelinnes, Estinnes, Farciennes, Fleurus, Florennes, Fontaine-l'Evêque, Frameries, Froidchapelle, Gerpinnes, Ham-sur-Heure- Nalinnes, Hensies, Honnelles, Jurbise, La Louvière, Lens, Le Roeulx, Les Bons Villers, Lobbes, Manage, Merbes-le-Château, Momignies, Montigny-le-Tilleul, Morlanwelz, Pont-à-Celles, Quaregnon, Quévy, Quiévrain, Saint-Ghislain, Seneffe, Sivry-Rance, Thuin, Walcourt, Zinnik, ‘s Gravenbrakel. | van maandag tot en met vrijdag : 8 tot 12 en 12.30 tot 16.30 |
_ | ||
(*) Uitgezonderd de wettelijke feestdagen en op 2 november, 15 november en 26 december. | ||
Benaming en contactgegevens (adres, telefoon- en faxnummer, e-mailadres) | Ambtsgebied | Dagen en uren van openstelling (behoudens andersluidende bepaling, enkel op werkdagen) | BIJLAGE 1 (blz. 2) |
|
MOESKROEN D.A.E. Rue de l’Echauffourée 42 7700 Moeskroen Tel. : 0257 59 010 Fax : 0257 974 98 E-mail : da.buek.suc.mouscron@minfin.fed.be | Aat, Antoing, Beloeil, Bernissart, Brugelette, Brunehaut, Celles, Doornik, Edingen, Elzele, Estaimpuis, Frasnes-lez-Anvaing, Komen-Waasten, Lessen, Leuze-en-Hainaut, Moeskroen, Mont-de- l'Enclus, Opzullik, Pecq, Péruwelz, Rumes, Vloesberg. | van maandag tot en met vrijdag : 8 tot 12 en 12.30 tot 16.30 | |
Regio Brussel | |||
|
BRUSSEL D.A.E. Stapelhuisstraat 11 1020 Brussel Tel. : 0257 522 77 Fax : 0257 982 15 E-mail : da.buek.hk.brussel@minfin.fed.be | Anderlecht, Brussel, Elsene, Etterbeek, Evere, Ganshoren, Jette, Koekelberg, Oudergem, Schaarbeek, Sint-Agatha-Berchem, Sint-Gillis, Sint-Jans- Molenbeek, Sint-Joost-Ten-Node, Sint-Lambrechts- Woluwe, Sint-Pieters-Woluwe, Ukkel, Vorst, Watermaal-Bosvoorde. |
van maandag tot en met vrijdag : 8 tot 12 en 13 tot 17 Voor de uitvoer van bederfelijke goederen zijn de openingsuren van de douane- diensten in het Europees Centrum voor Fruit en Groenten (E.C.F.G.) van maandag tot vrijdag, van 4.30 tot 16.30 | |
Regio Gent | |||
|
AALST D.A.E. Wijngaardveld 34 A Industriezone Noord V 9300 Aalst Tel. : 0257 722 90 Fax : 0257 952 88 E-mail : da.buek.hk.aalst@minfin.fed.be | Aalst, Berlare, Beveren (met uitzondering van de douanezone van de haven van Antwerpen), Buggenhout, Denderleeuw, Dendermonde, Erpe-Mere, Haaltert, Hamme, Kruibeke, Lebbeke, Lede, Lokeren, Ninove, Sint-Gillis-Waas, Sint-Niklaas, Stekene, Temse, Waasmunster, Wichelen, Zele. | van maandag tot en met vrijdag : 8 tot 12 en 12.30 tot 16.30 |
Benaming en contactgegevens (adres, telefoon- en faxnummer, e-mailadres) | Ambtsgebied | Dagen en uren van openstelling (behoudens andersluidende bepaling, enkel op werkdagen) | BIJLAGE 1 (blz. 3) |
|
GENT D.A. Port Arthurlaan 14 9000 Gent Tel. : 0257 810 00 Fax : 0257 969 26 Email : da.buek.hk.gent@minfin.fed.be | Aalter, Assenede, Brakel, De Pinte, Deinze, Destelbergen, Eeklo, Evergem, Gavere, Gent, Geraardsbergen, Herzele, Horebeke, Kaprijke, Kluisbergen, Knesselare, Kruishoutem, Laarne, Lierde, Lochristi, Lovendegem, Maarkedal, Maldegem, Melle, Merelbeke, Moerbeke, Nazareth, Nevele, Oosterzele, Oudenaarde, Ronse, Sint-Laureins, Sint-Lievens- Houtem, Sint-Martens-Latem, Waarschoot, Wachtebeke, Wetteren, Wortegem-Petegem, Zelzate, Zingem, Zottegem, Zomergem, Zulte, Zwalm. | van maandag tot en met vrijdag : 8 tot 12 en 13 tot 17 | |
|
MENEN-LAR D.A.E. Triloystraat K3 8930 Menen Tel.: 0257 782 00 Fax: 0257 966 99 E-mail : da.buek.hk.menen@minfin.fed.be | Anzegem, Ardooie, Avelgem, Deerlijk, Dentergem, Harelbeke, Heuvelland, Hooglede, Ieper, Ingelmunster, Izegem, Kortemark, Kortrijk, Kuurne, Langemark- Poelkapelle, Ledegem, Lendelede, Lichtervelde, Menen, Mesen, Meulebeke, Moorslede, Oostrozebeke, Pittem, Poperinge, Roeselare, Ruiselede, Spiere- Helkijn, Staden, Tielt, Torhout, Vleteren, Waregem, Wervik, Wevelgem, Wielsbeke, Wingene, Zonnebeke, Zwevegem. | van maandag tot en met vrijdag : 8 tot 12 en 12.30 tot 16.30 | |
|
OOSTENDE D.A. Slijkensesteenweg 3 8400 Oostende Tel. : 0257 779 70 Fax : 0257 980 62 E-mail : da.buek.hk.oostende@minfin.fed.be |
Alveringem, Bredene, De Haan, De Panne, Diksmuide, Gistel, Houthulst, Ichtegem, Koekelare, Koksijde, Lo-Reninge, Middelkerke, Nieuwpoort, Oostende, Oudenburg, Veurne. | van maandag tot en met vrijdag : 8 tot 12 en 12.30 tot 16.30 |
Benaming en contactgegevens (adres, telefoon- en faxnummer, e-mailadres) | Ambtsgebied | Dagen en uren van openstelling (behoudens andersluidende bepaling, enkel op werkdagen) | BIJLAGE 1 (blz. 4) |
|
ZEEBRUGGE D.A. Minister Beernaertstraat 3 8380 Zeebrugge Tel. : 0257 586 20 Fax : 0257 974 60 Email : da.buek.hk.zeebrugge@minfin.fed.be | Beernem, Blankenberge, Brugge, Damme, Jabbeke, Knokke-Heist, Oostkamp, Zedelgem, Zuienkerke. | van maandag tot en met vrijdag : 8 tot 12 en 12.30 tot 16.30 | |
|
Regio Hasselt BILZEN D.A. Kruisbosstraat 16 3740 Bilzen Tel. : 0257 400 70 Fax : 0257 955 46 E-mail : da.buek.hk.bilzen@minfin.fed.be |
Alken, As, Bilzen, Bocholt, Borgloon, Bree Diepenbeek, Dilsen-Stokkem, Genk, Gingelom, Halen, Hamont-Achel, Hasselt, Hechtel-Eksel, Heers, Herk-de-stad, Herstappe, Heusden-Zolder, Hoeselt, Houthalen-Helchteren, Kinrooi, Kortessem, Lanaken, Lummen, Maaseik, Maasmechelen, Meeuwen- Gruitrode, Nieuwerkerken, Opglabbeek, Peer, Riemst, Sint-Truiden, Tongeren, Voeren, Wellen, Zonhoven, Zutendaal. | van maandag tot en met vrijdag : 8 tot 12 en 12.30 tot 16.30 | |
|
GEEL D.A. R.A.C. De Werft Werft 65 2440 Geel Tel. : 0257 625 40 Fax : 0257 951 84 E-mail : da.buek.hk.geel@minfin.fed.be | Arendonk, Baarle-Hertog, Balen, Beerse, Beringen, Dessel, Geel, Grobbendonk, Ham, Herentals, Herenthout, Herselt, Hulshout, Kasterlee, Laakdal, Leopoldsburg, Lille, Lommel, Meerhout, Merksplas, Mol, Neerpelt, Olen, Oud-Turnhout, Overpelt, Ravels, Retie, Rijkevorsel, Tessenderlo, Turnhout, Vorselaar, Vosselaar, Westerlo. | van maandag tot en met vrijdag : 8 tot 12 en 12.30 tot 16.30 |
Suppl. 1 | Benaming en contactgegevens (adres, telefoon- en faxnummer, e-mailadres) | Ambtsgebied | Dagen en uren van openstelling (behoudens andersluidende bepaling, enkel op werkdagen) | BIJLAGE 1 (blz. 5) |
MECHELEN D.A.E. | Berlaar, Boechout, Bonheiden, Boom, Bornem, | van maandag tot en met vrijdag : 8 tot 12 | ||
Douaneplein 2-4 | Brasschaat, Brecht, Duffel, Essen, Heist-op-den-Berg, | en 12.30 tot 16.30 | ||
2800 Mechelen | Hoogstraten, Hove, Kalmthout, Kapellen, Kontich, | |||
Tel. : 0257 845 80 | Lier, Lint, Malle, Mechelen, Niel, Nijlen, Putte, Puurs, | |||
Fax : 0257 981 82 | Ranst, Rumst, Schelle, Schilde, Sint-Amands, | |||
E-mail : | Sint-Katelijne-Waver, Willebroek, Wuustwezel, | |||
da.buek.hk.mechelen@minfin.fed.be | Zandhoven, Zoersel. | |||
Regio Leuven | ||||
TIENEN D.A.E. | Aarschot, Begijnendijk, Bekkevoort, Bertem, Bierbeek, | van maandag tot en met vrijdag : 8 tot 12 | ||
Entrepot – Industriepark | Boutersem, Diest, Geetbets, Glabbeek, Herent, | en 12.30 tot 16.30 | ||
Soldatenplein Z2 45 | Hoegaarden, Hoeilaart, Holsbeek, Huldenberg, | |||
3300 Tienen | Keerbergen, Kortenaken, Kortenberg, Landen, Leuven, | |||
Tel. : 0257 842 00 | Linter, Lubbeek, Oud-Heverlee, Overijse, Rotselaar, | |||
Fax : 0257 981 70 | Scherpenheuvel-Zichem, Tervuren, Tielt-Winge, | |||
E-mail : | Tienen, Tremelo, Zoutleeuw. | |||
da.buek.hk.tienen@minfin.fed.be |
Benaming en contactgegevens (adres, telefoon- en faxnummer, e-mailadres) | Ambtsgebied | Dagen en uren van openstelling (behoudens andersluidende bepaling, enkel op werkdagen) | BIJLAGE 1 (blz. 6) |
ZAVENTEM D. | Zaventem (enkel de douanezone van de luchthaven) | van maandag tot en met vrijdag : 8 tot 12 | |
Bedrijvencomplex Cargo Gebouw | en 12.30 tot 16.30 | ||
706 | |||
1830 Machelen | |||
Tel. : 0257 877 80 | |||
Fax : 0257 986 25 | |||
E-mail : | |||
da.buek.hk.zaventem@minfin.fed.be | |||
Regio Luik | |||
EYNATTEN D.A. | Amel, Büllingen, Burg-Reuland, Bütgenbach, Eupen, | van maandag tot en met vrijdag: 8 tot 12 | |
Autoroute Roi Baudoin E40 | Kelmis, Lontzen, Raeren, Sankt Vith. | en 12.30 tot 16.30 | |
4731 Eynatten | |||
Tel. : 0257 937 00 | |||
Fax : 0257 965 54 | |||
E-mail : | |||
da.buek.suc.eynatten@minfin.fed.be |
Benaming en contactgegevens (adres, telefoon- en faxnummer, e-mailadres) | Ambtsgebied | Dagen en uren van openstelling (behoudens andersluidende bepaling, enkel op werkdagen) | BIJLAGE 1 (blz. 7) |
GRÂCE-HOLLOGNE (BIERSET) | Amay, Ans, Anthisnes, Aubel, Awans, Aywaille, | van maandag tot en met vrijdag : 8 tot 12 | |
D.A.E. | Baelen, Berloz, Beyne-Heusay, Blegny, Bitsingen, | en 12.30 tot 16.30 | |
Rue Blériot (Lois) Boîte 3/3 | Braives, Burdinne, Chaudfontaine, Clavier, | ||
4460 Grâce-Hollogne | Comblain-Au-Pont, Crisnée, Dalhem, Dison, Donceel, | voor de uitvoer van goederen : | |
Tel.: 0257 794 10 | Engis, Esneux, Faimes, Ferrieres, Fexhe-le-Haut- | van maandag tot en met vrijdag van 8 tot | |
Fax: 0257 968 18 | Clocher, Flémalle, Fléron, Geer, Grâce-Hollogne, | 12 en 12.30 tot 19 | |
E-mail : | Hamoir, Hannut, Héron, Herstal, Herve, Hoei, Jalhay, | ||
da.buek.suc.gracehollogne@minfin.fed.be | Juprelle, Lierneux, Limburg, Lincent, Luik, Malmedy, | ||
Marchin, Modave, Nandrin, Neupré, Olne, Oreye, | |||
Ouffet, Oupeye, Pepinster, Plombières, Remicourt, | |||
Saint-Georges-sur-Meuse, Saint-Nicolas, Seraing, | |||
Soumagne, Spa, Sprimont, Stavelot, Stoumont, Theux, | |||
Thimister-Clermont, Tinlot, Trois-Ponts, Trooz, | |||
Verlaine, Verviers, Villers-le-Bouillet, Wanze, | |||
Waremme, Wasseiges, Weismes, Welkenraedt, Wezet. |
HULPKANTOREN DIE ENKEL DE DOMICILIERINGSPROCEDURE KUNNEN TOEPASSEN
Benaming en contactgegevens (adres, telefoon- en faxnummer, e-mailadres) | Ambtsgebied | Dagen en uren van openstelling (behoudens andersluidende bepaling, enkel op werkdagen) (*) | BIJLAGE 2 |
|
Regio Bergen OTTIGNIES-LOUVAIN-LA- NEUVE D.A. Avenue Paul Delvaux 12 (rez-de- chaussée) 1340 Ottignies-Louvain-La-Neuve Tel. : 0257 606 20 Fax : 0257 976 45 E-mail : da.buek.suc.ottignies@minfin.fed.be |
Andenne, Anhée, Assesse, Beauraing, Bevekom, Bièvre, Chastre, Chaumont-Gistoux, Ciney, Court-Saint-Etienne, Couvin, Dinant, Doische, Eigenbrakel, Eghezee, Fernelmont, Floreffe, Fosses-la-Ville, Gedinne, Geldenaken, Gembloux, Genepiën, Gesves, Graven, Hamois, Hastière, Havelange, Hélécine, Houyet, Incourt, Itter, Kasteelbrakel, Jemeppe-sur-Sambre, La Bruyère, Lasne, Mettet, Mont-Saint-Guibert, Namen, Nijvel, Ohey, Onhaye, Orp-Jauche, Ottignies-Louvain-la- Neuve, Perwez, Philippeville, Profondeville, Ramillies, Rebecq, Rixensart, Rochefort, Sambreville, Sombreffe, Somme-Leuze, Terhulpen, Tubeke, Villers-la-Ville, Viroinval, Vresse-sur-Semois, Walhain, Waterloo, Waver, Yvoir. |
van maandag tot en met vrijdag: 8 tot 12 en 12.30 tot 16.30 Enkel met betrekking tot de douaneprocedures waarvoor de goederen niet fysiek moeten worden aangeboden (domiciliëringsprocedure) | |
|
_ (*) Uitgezonderd de wettelijke feestdagen en op 2 november, 15 november en 26 december. | |||
Suppl. 1 | Benaming en contactgegevens (adres, telefoon- en faxnummer, e-mailadres) | Ambt Ambtsgebied sgebeid | Dagen en uren van openstelling (behoudens andersluidende bepaling, enkel op werkdagen) | BIJLAGE 1 (blz. 2) |
|
Regio Leuven VILVOORDE D.A. Groenstraat 51 1800 Vilvoorde Tél. : 0257 507 30 Fax : 0257 955 29 E-mail : da.buek.hk.vilvoorde@minfin.fed.be Regio Luik AARLEN D.A. Place des Fusillés 10 6700 Aarlen Tel. : 0257 404 40 Fax : 0257 956 60 E-mail : da.buek.suc.arlon@minfin.fed.be |
Affligem, Asse, Beersel, Bever, Boortmeerbeek, Dilbeek, Drogenbos, Galmaarden, Gooik, Grimbergen, Haacht, Halle, Herne, Kampenhout, Kapelle-op-den- bos, Kraainem, Lennik, Liedekerke, Linkebeek, Londerzeel, Machelen, Meise, Merchtem, Opwijk, Pepingen, Roosdaal, Sint-Genesius-Rode, Sint-Pieters- Leeuw, Steenokkerzeel, Ternat, Vilvoorde, Wemmel, Wezembeek-Oppem, Zaventem (met uitzondering van de douanezone van de luchthaven), Zemst. Aarlen, Attert, Aubange, Bastenaken, Bertogne, Bertrix, Bouillon, Chiny, Daverdisse, Durbuy, Erezee, Etalle, Fauvillers, Florenville, Gouvy, Habay, Herbeumont, Hotton, Houffalize, La Roche-en- Ardenne, Léglise, Libin, Libramont-Chevigny, Manhay, Marche-en-Famenne, Martelange, Meix-devant-Virton, Messancy, Musson, Nassogne, Neufchâteau, Paliseul, Rendeux, Rouvroy, Saint-Hubert, Saint-Léger, Sainte-Ode, Tellin, Tenneville, Tintigny, Vaux-sur-Sûre, Vielsalm, Virton, Wellin |
van maandag tot en met vrijdag: 8 tot 12 en 12.30 tot 16.30 van maandag tot en met vrijdag: 8 tot 12 en 13 tot 17 Enkel met betrekking tot de douaneprocedures waarvoor de goederen niet fysiek moeten worden aangeboden (domiciliëringsprocedure) |
EUROPESE COMMISSIE DIRECTORAAT-GENERAAL XXI
DOUANE EN INDIRECTE BELASTINGEN DOUANE
Algemene douanewetgeving
XXI/1667/94-NL
Herz. 6 - Def.
Brussel, 14 november 1995
Werkdocument
COMITE DOUANEWETBOEK AFDELING ALGEMENE DOUANEWETGEVING
Gegronde redenen voor de aanvaarding van een aangifte ten uitvoer door een ander douanekantoor dan het kantoor dat normalerwijze bevoegd is
Naar aanleiding van het verzoek van de delegaties op de ver- gadering van het Comité Douanewetboek - Afdeling Douanewet- geving - van 3 oktober 1994 werd een document opgesteld om tot een uniforme toepassing te komen van artikel 791, lid 1, van de Uitvoeringsbepalingen van het Douanewetboek.
In de bijlage bevindt zich de definitieve versie van dit docu- ment dat het resultaat van de verschillende besprekingen weergeeft.
INLEIDING
In de bijlage treffen de delegaties een lijst aan van de gevallen waarin sprake is van "gegronde redenen" (in artikel 791, lid 1, van de Uitvoeringsbepalingen van het Wetboek "naar behoren ge- rechtvaardigde redenen" genoemd) (lijst A) en een lijst van de ge- vallen waarin er geen sprake is van "gegronde redenen" (lijst B).
Deze lijsten zijn gebaseerd op gevallen die de diensten van de Commissie bekend zijn.
De douaneautoriteiten dienen de voorschriften inzake be- voegdheid die het Wetboek bevat zo veel mogelijk toe te passen. In sommige gevallen kan echter wel enige soepelheid worden betracht. Een aangifte ten uitvoer die bij een niet-bevoegd douanekantoor wordt ingediend, behoeft, op grond van artikel 791, niet steeds te worden geweigerd. Wel moet een zekere druk worden uitgeoefend dat artikel 161, lid 5 in de regel in acht wordt genomen.
Zo mag een aangifte worden aanvaard in geval van losstaande transacties of wanneer kan worden aangetoond dat de EG-voor- schriften ter zake niet bekend zijn. Maar indien een handelaar bij herhaling geen redenen kan aanvoeren wanneer hij door het douane- kantoor op de voorschriften wordt gewezen, kan de aangifte ten uitvoer die bij een in artikel 791, lid 1, bedoelde douanekantoor wordt ingediend, worden geweigerd.
Tussentijdse dwangmaatregelen kunnen evenwel van pas komen, waaronder o.a. de volgende:
- het toekennen van nieuwe bevoegdheden aan het douane- kantoor krachtens artikel 161, lid 5, met andere woorden: lossen en/of verwijderen van de verpakking;
- strengere controlemaatregelen (toepassing van artikel 791, lid 1, 2e alinea).
Tot slot zij opgemerkt dat het doel van deze maatregelen moet zijn de aangever te laten inzien dat hij er belang bij heeft de formaliteiten bij de uitvoer te (laten) vervullen bij het douanekantoor dat bevoegd is voor de plaats waar zijn bedrijf is gevestigd.
LIJST A
Gegronde redenen
Algemeen: Er is sprake van gegronde reden wanneer zich een onvoorziene situatie voordoet waarin de toe- passing van de algemene regel van artikel 161, lid 5, van het Wetboek economisch onredelijke inspanningen zou vergen van de exporteur.
- Wanneer na het vertrek van de laadplaats van goederen naar een bestemming in de Gemeenschap een wijziging in het contract plaatsvindt waardoor de goederen dienen te worden uitgevoerd, kan de aangifte ten uitvoer worden aanvaard door het douanekantoor waar de goederen het douanegebied van de Gemeenschap verlaten.
- Indien een exporteur die van de domiciliëringsprocedure gebruik maakt voor het eerst bij het douanekantoor van uitgang een administratief of commercieel document overlegt in plaats van exemplaar 3 van het Enig document dat door dit douanekantoor niet kan worden aanvaard, kan een nieuwe aangifte ten uitvoer bij dit kantoor worden ingediend.
- Wanneer artikel 793, lid 4, tweede en derde alinea's wordt toegepast, kan de aangifte ten uitvoer voor de door het douane- kantoor van uitgang te veel bevonden hoeveelheid goederen, die echter niet ongebruikelijk of buitensporig mag zijn, of voor de daadwerkelijk aangeboden goederen door dit douanekantoor worden aanvaard, mits daardoor de toepassing van de voorschriften niet wordt bemoeilijkt.
- Indien het voor de plaats van vestiging van de exporteur bevoegde douanekantoor op een dusdanige afstand en in een dusda- nige richting ten opzichte van deze plaats van vestiging is gelegen dat het economisch niet verantwoord zou zijn artikel 161, lid 5 toe te passen, kan de aangifte worden aanvaard door het eerste douane- kantoor dat gelegen is op de weg van de plaats van vestiging van de exporteur naar de plaats waar de goederen het douanegebied van de Gemeenschap verlaten.
LIJST B
Gevallen waarin er geen gegronde redenen aanwezig zijn
Algemeen: Is er sprake van een situatie die wel kon worden voorzien of een situatie waarin de exporteur geen economisch onredelijke inspanningen moet leveren om de douaneformaliteiten te vervullen bij het in artikel 161, lid 5, van het Wetboek be- doelde douanekantoor, dan zijn er geen gegronde redenen ("naar behoren gerechtvaardigde rede- nen") aanwezig.
Indien door de aanvaarding van de aangifte ten uitvoer door een ander douanekantoor dan het kantoor dat normalerwijze bevoegd is, het voor de douaneautoriteiten niet goed mogelijk is de goederen fysiek te controleren, bijvoorbeeld vanwege hun verpakking of lading, dan kan geen beroep worden gedaan op "gegronde redenen".
- De verkrijging van een belangrijk financieel voordeel door het indienen van de aangifte ten uitvoer in een andere lidstaat dan die van vestiging (voor landbouwgoederen met restitutie) is geen gegronde reden.
- In het geval van tweedehandsvoertuigen die op verschil- lende plaatsen in een lidstaat op een trailer worden geladen om naar een andere lidstaat te worden vervoerd van waaruit zij zullen worden uitgevoerd, is er geen sprake van gegronde redenen. De aangifte ten uitvoer dient te worden ingediend bij het douanekantoor waar de laatste auto op de trailer is geladen.
- Indien het ingevolge artikel 161, lid 5, van het Wetboek bevoegde douanekantoor op het ogenblik van het vertrek van de goederen gesloten is, is er geen sprake van gegronde redenen, want de exporteur dient zijn activiteiten zo te organiseren dat hij zich op de normale openingstijden van de douanekantoren kan aanmelden.
- Het feit dat een exporteur zijn goederen "af fabriek" ver- koopt en het aan de buitenlandse koper overlaat voor het vervoer te zorgen, geeft deze buitenlandse koper noch de vervoerder die hem vertegenwoordigt het recht over de plaats van uitklaring te beslissen. Er is in dit geval geen sprake van gegronde redenen.
- Het loutere feit dat de exporteur/aangever in een andere lidstaat is gevestigd en de goederen over een groot deel van het douanegebied van de Gemeenschap zijn vervoerd, is geen gegronde reden.
- Een exporteur die niet wenst dat zijn leverancier in de Gemeenschap de uiteindelijke bestemming van de goederen kent, terwijl het vervoer van de goederen naar zijn vestiging te duur is, dient een beroep te doen op de diensten van een tussenpersoon in de lidstaat van de leverancier. Wanneer de goederen, met het oog op de aangifte ten uitvoer, van de bedrijfsruimte van de leverancier naar een douanekantoor van uitgang worden vervoerd, kan geen beroep worden gedaan op "gegronde redenen". (Bijvoorbeeld een zending uit Italië kan niet ten uitvoer worden aangegeven nadat de Zwitsers-Duitse grens is overschreden).
- De gezamenlijke opslag, in expeditie- en overslag- bedrijven, van voor uitvoer bestemde goederen, die reeds zeewaardig zijn verpakt en bij verschillende leveranciers (die geen onderaan- nemers zijn in de zin van artikel 789 van de Uitvoeringsbepalingen van het Wetboek) werden besteld zonder dat de vestigingsplaats van de exporteur wordt aangedaan, is geen gegronde reden in de zin van artikel 791, lid 1, van de Uitvoeringsbepalingen, aangezien de situatie door de exporteur kon worden voorzien. De oplossing voor dit probleem zou zijn dat de expeditie- en overslagbedrijven voor de uiteindelijke verpakking zorgen.
TE VERMELDEN CODES IN VAK 44 VAN DE UITVOERAANGIFTE VOOR DE IN DE §§ 10 EN 11 OPGENOMEN BIJZONDERE GEVALLEN EN AFWIJKINGEN
Bijzonder geval of afwijking | Administratieve en/of wettelijke basis | Te vermelden code in vak 44 van de uitvoeraangifte |
Groepagezendingen | Toepassing van § 10 a) | 4014 + identificatienummer of ander kenmerk |
Lading op diverse plaatsen | Toepassing van § 10 b) | 4015 + identificatienummer of ander kenmerk |
Onderaanneming | Toepassing van § 11 (artikel 789 CTW) | 4016 + identificatienummer of ander kenmerk |
Administratieve organisatie | Toepassing van § 11 (artikel 790 CTW) | 4017 + identificatienummer of ander kenmerk |
Naar behoren gerechtvaardigde redenen | Toepassing van § 11 (artikel 791 CTW) | 4018 + identificatienummer of ander kenmerk |
Goederen met een bepaalde maximumwaarde | Toepassing van § 11 (artikel 794 CTW) | 4019 + identificatienummer of ander kenmerk |
Bovenstaande tabel is eveneens opgenomen in het bijvoegsel 6 d) van de toelichting van het Enig document (codes voor nationale documenten, certificaten en vergunningen te vermelden in vak 44), meer bepaald in punt 24 van hoofdstuk 1) (vergunningen inzake douane en accijnzen).
Dit bijvoegsel kan op de website van het Enig document geraadpleegd worden via de link http://fiscus.fgov.be/interfdanl/nl/ed/overzicht.htm#b
