Aanschrijving nr. 115 dd. 14.07.1971
AANSCHRIJVING 71/115
Aanschrijving nr. 115 dd. 14.07.1971
BTW-aangiften
Formulieren bestemd voor de mecanografische verwerking
Het Belgisch Staatsblad van 23 juni 1971 publiceert een Koninklijk besluit van 17 mei 1971, tot wijziging van het Koninklijk besluit nr. 1, van 23 juli 1969, met betrekking tot de regeling voor de voldoening van de belasting over de toegevoegde waarde. De tekst van het wijzigend besluit en van zijn bijlagen zal worden medegedeeld met de aanschrijving nr. 2889.
Door de wijziging aangebracht aan artikel 16 van het Koninklijk besluit nr. 1 wordt het de belastingplichtigen vergund, in de plaats van de gewone aangifteformulieren (z. modellen A en B gehecht aan het koninklijk besluit nr. 1) ook aangifteformulieren te bezigen die speciaal voor de mecanografische verwerking werden ontworpen overeenkomstig de modellen die voorkomen in de bijlagen C en D van het Koninklijk besluit van 17 mei 1971.
De formulieren die speciaal voor de mecanografische verwerking werden ontworpen overeenkomstig die modellen, mogen zonder voorafgaande vergunning van de administratie worden aangewend, indien de volgende voorwaarden vervuld zijn :
1. De administratie komt noch tussenbeide in het opmaken, noch in het verstrekken van de formulieren.
2. De formulieren mogen slechts worden gebruikt voor het geval de aangifte opgesteld wordt met een electronische of mecanografische toerusting. Nochtans is het toegestaan dat met de hand geschreven vermeldingen worden aangebracht op de rechterhelft van het formulier.
Op de linkerhelft mag geen enkele vermelding met de hand worden aangebracht, behalve deze betrekkelijk de betaling (z. evenwel nr. 8 hierna).
3. De formulieren moeten op wit papier worden gedrukt.
Het papier moet ongeveer 80 gram/m2 wegen en van zulkdanige kwaliteit zijn dat het behoud van de aangifte en de leesbaarheid van de erop vermelde gegevens, ten minste gedurende een tijdsspanne van zes jaar gewaarborgd zijn.
De inkt die voor de druk wordt gebezigd moet zwart zijn, ongeacht de taal waarin het formulier wordt opgesteld. 4. De formulieren moeten van het formaat DIN A 4 (210 mm x 297 mm) zijn. Tevens moeten de afmetingen worden geëerbiedigd die op de modellen zijn aangeduid in duim of in breukgedeelten van een duim (1/2 en 1/10 duim) .
5. Vooraleer de aangiften worden ingediend bij de controlekantoren, moeten de betrokken belastingplichtigen ze hebben ondertekend.
6. Het etiket dat de Administratie aan de belastingplichtige bezorgt met het oog op, zijn identificatie moet, naar regel, gekleefd worden op de plaats die daartoe op het aangifteformulier is voorzien. Ingeval het voor het vereenzelvigen van de aangifte nuttig is op die plaats bepaalde aanduidingen aan te brengen, dan moeten deze gedrukt worden in het vak waar het etiket moet gekleefd worden, met dien verstande dat ze na"dien door dit etiket opnieuw volledig bedekt worden.
Niettemin wordt toegestaan geen identificatie-etiket te kleven wanneer, op de plaats waar dit normaal moet aangebracht worden, de diverse elementen "ervan door de computer correct worden weergegeven in dezelfde volgorde en met een analoog voorkomen.
In elk geval mag het registratienummer "van de belastingplichtige daarenboven gedrukt worden "in de rechterbovenhoek van het formulier.
8. Het programma voor het drukken van de gegevens van de aangifte moet zodanig geschreven zijn dat in de rubriek "Controletotaal", het gemeenschappelijk totaal aangegeven wordt van de volgende elementen:
1 o het registratienummer van de aangever;
2 o de diverse getallen bekomen door het plaatsen achter de bedragen die werden aangegeven in de vakken 01,02, 03,04,05 (code 05 staat enkel vermeld op de maandaangiften), 09,11,12,13,14,31,41,21,32,42,51 en 52 van de correlatieve identificatiecodes (01,02, enz.).
In het totaal dat moet gedrukt worden dient geen rekening te worden gehouden met de identificatiecodes indien zij door geen enkel bedrag in cijfers worden voorafgegaan (z. nr. 7).
Namens de Minister:
De Directeur-generaal,
C. SCAILTEUR
Aanschrijving nr. 115 dd. 14.07.1971
BTW-aangiften
Formulieren bestemd voor de mecanografische verwerking
Het Belgisch Staatsblad van 23 juni 1971 publiceert een Koninklijk besluit van 17 mei 1971, tot wijziging van het Koninklijk besluit nr. 1, van 23 juli 1969, met betrekking tot de regeling voor de voldoening van de belasting over de toegevoegde waarde. De tekst van het wijzigend besluit en van zijn bijlagen zal worden medegedeeld met de aanschrijving nr. 2889.
Door de wijziging aangebracht aan artikel 16 van het Koninklijk besluit nr. 1 wordt het de belastingplichtigen vergund, in de plaats van de gewone aangifteformulieren (z. modellen A en B gehecht aan het koninklijk besluit nr. 1) ook aangifteformulieren te bezigen die speciaal voor de mecanografische verwerking werden ontworpen overeenkomstig de modellen die voorkomen in de bijlagen C en D van het Koninklijk besluit van 17 mei 1971.
De formulieren die speciaal voor de mecanografische verwerking werden ontworpen overeenkomstig die modellen, mogen zonder voorafgaande vergunning van de administratie worden aangewend, indien de volgende voorwaarden vervuld zijn :
1. De administratie komt noch tussenbeide in het opmaken, noch in het verstrekken van de formulieren.
2. De formulieren mogen slechts worden gebruikt voor het geval de aangifte opgesteld wordt met een electronische of mecanografische toerusting. Nochtans is het toegestaan dat met de hand geschreven vermeldingen worden aangebracht op de rechterhelft van het formulier.
Op de linkerhelft mag geen enkele vermelding met de hand worden aangebracht, behalve deze betrekkelijk de betaling (z. evenwel nr. 8 hierna).
3. De formulieren moeten op wit papier worden gedrukt.
Het papier moet ongeveer 80 gram/m2 wegen en van zulkdanige kwaliteit zijn dat het behoud van de aangifte en de leesbaarheid van de erop vermelde gegevens, ten minste gedurende een tijdsspanne van zes jaar gewaarborgd zijn.
De inkt die voor de druk wordt gebezigd moet zwart zijn, ongeacht de taal waarin het formulier wordt opgesteld. 4. De formulieren moeten van het formaat DIN A 4 (210 mm x 297 mm) zijn. Tevens moeten de afmetingen worden geëerbiedigd die op de modellen zijn aangeduid in duim of in breukgedeelten van een duim (1/2 en 1/10 duim) .
5. Vooraleer de aangiften worden ingediend bij de controlekantoren, moeten de betrokken belastingplichtigen ze hebben ondertekend.
6. Het etiket dat de Administratie aan de belastingplichtige bezorgt met het oog op, zijn identificatie moet, naar regel, gekleefd worden op de plaats die daartoe op het aangifteformulier is voorzien. Ingeval het voor het vereenzelvigen van de aangifte nuttig is op die plaats bepaalde aanduidingen aan te brengen, dan moeten deze gedrukt worden in het vak waar het etiket moet gekleefd worden, met dien verstande dat ze na"dien door dit etiket opnieuw volledig bedekt worden.
Niettemin wordt toegestaan geen identificatie-etiket te kleven wanneer, op de plaats waar dit normaal moet aangebracht worden, de diverse elementen "ervan door de computer correct worden weergegeven in dezelfde volgorde en met een analoog voorkomen.
In elk geval mag het registratienummer "van de belastingplichtige daarenboven gedrukt worden "in de rechterbovenhoek van het formulier.
8. Het programma voor het drukken van de gegevens van de aangifte moet zodanig geschreven zijn dat in de rubriek "Controletotaal", het gemeenschappelijk totaal aangegeven wordt van de volgende elementen:
1 o het registratienummer van de aangever;
2 o de diverse getallen bekomen door het plaatsen achter de bedragen die werden aangegeven in de vakken 01,02, 03,04,05 (code 05 staat enkel vermeld op de maandaangiften), 09,11,12,13,14,31,41,21,32,42,51 en 52 van de correlatieve identificatiecodes (01,02, enz.).
In het totaal dat moet gedrukt worden dient geen rekening te worden gehouden met de identificatiecodes indien zij door geen enkel bedrag in cijfers worden voorafgegaan (z. nr. 7).
Namens de Minister:
De Directeur-generaal,
C. SCAILTEUR
Bron: FisconetPlus
