Circulaire nr. Ci.RH.331/516.103 dd. 18.02.1999
Circulaire nr. Ci.RH.331/516.103 dd. 18.02.1999
Bull. nr. 790, pag. 633
BELASTING VAN NIET-INWONERS
Vermindering voor pensioenen en vervangingsinkomsten
PERSONENBELASTING
Vermindering voor pensioenen en vervangingsinkomsten
VERMINDERING VOOR BRUGPENSIOENEN (NIEUW STELSEL)
Bedrag
VERMINDERING VOOR BRUGPENSIOENEN (OUD STELSEL)
Bedrag
VERMINDERING VOOR PENSIOENEN
Bedrag
VERMINDERING VOOR VERVANGINGSINKOMSTEN
Bedrag
VERMINDERING VOOR WERKLOOSHEIDSUITKERINGEN
Bedrag
VERMINDERING VOOR ZIEKTE- EN INVALIDITEITSVERGOEDINGEN
Bedrag
Voor het aj. 1999 geldende feitelijke belastingvrijstellingen in de PB en in de BNI/nat.pers. op grond van de art. 154 en 243, WIB 92.
Aan al de ambtenaren.
1. De belasting die overblijft na de toepassing van de in de art. 147 en 243, 2de lid, WIB 92 vermelde verminderingen is niet verschuldigd ingeval de belastingplichtige in 1998 uitsluitend de volgende inkomsten heeft verkregen :
a) ofwel pensioenen, vervangingsinkomsten, werkloosheidsuitkeringen en brugpensioenen (nieuw stelsel), mits het totaal van de aldus verkregen inkomsten niet meer bedraagt dan het maximum van de wettelijke werkloosheidsuitkering (de anciënniteitstoeslag voor oudere werklozen niet inbegrepen).
Dat maximum bedraagt voor het aj. 1999 420.046 BEF;
b) ofwel brugpensioenen (oud stelsel) die niet hoger zijn dan het maximum bedrag van het bij CAO nr 17 van 19.12.1974 bedoelde brugpensioen.
Dat maximum bedraagt voor het aj. 1999 540.543 BEF;
e) ofwel werkloosheidsuitkeringen die niet hoger zijn dan het maximumbedrag van de wettelijke werkloosheidsuitkering, verhoogd met een bedrag gelijk aan het maximum van de anciënniteitstoeslag voor oudere werklozen, voor zover de belastingplichtige op 1 januari van het aj. de leeftijd van 50 jaar heeft bereikt.
Dat maximum bedraagt voor het aj. 1999 463.866 BEF (420.046 + 43.820);
d) ofwel wettelijke ziekte- of invaliditeitsuitkeringen die niet hoger zijn dan tien negenden van het maximumbedrag van de wettelijke werkloosheidsuitkering (de anciënniteitstoeslag voor oudere werklozen niet inbegrepen).
Dat maximum bedraagt voor het aj. 1999 466.718 BEF(420.046 x 10/9).
2. De sub a), uiteengezette regel is eveneens van toepassing wanneer de belastingplichtige, naast één of meer aldaar bedoelde inkomsten, ook nog uitsluitend brugpensioenen (oud stelsel) of wettelijke ziekte- of invaliditeitsuitkeringen heeft verkregen. De grens bedraagt in dat geval ook 420.046 F voor het aj. 1999.
Voor de Directeur-generaal:
De Auditeur-generaal van financiën,
J.E. VANDENBOSCH
