Circulaire nr. Ci.RH.82/519.872 dd. 22.06.1999
CIRC 22.06.99/1
Circulaire nr. Ci.RH.82/519.872 dd. 22.06.1999
Bull. nr. 795, pag. 2220
AANGIFTE IN DE PB
Aangifteformulier.
Invulling van de aangifte.
Wijzigingen aan de aangifte in de PB van het aj. 1999.
Aan alle ambtenaren.
1. Het formaat en de samenstelling van de aangifte in de PB (nr. 276.1) blijven onveranderd.
2. Naast de aanpassing van sommige bedragen (1) overeenkomstig de in art. 178, § 2, WIB 92 vastgelegde indexeringscoëfficiënt, is de aangifte inhoudelijk op de volgende plaatsen gewijzigd :
a) vak XI, B, 4, c : toevoeging van een rubriek voor het vermelden van in 1997 geleden verliezen op in België gelegen gebouwde onroerende goederen of op zakelijke rechten met betrekking tot zulke goederen, welke in dat jaar niet konden worden afgetrokken (cf. art. 103, § 3, WIB 92, ingevoegd door art. 18, KB 20.12.1996 houdende fiscale maatregelen, met toepassing van de artikelen 2, § 1, en 3 § 1, 2° en 3°, van de wet van 26 juli 1996 strekkende tot realisatie van de budgettaire voorwaarden tot deelname van België aan de Europese Economische en Monetaire Unie - V 2484, Bull. 769);
b) vak XIII, 10 en vak XIV, 8 : inlassing van een rubriek voor het vermelden van de door art. 29 Programmawet 10.2.1998 tot bevordering van het zelfstandig ondernemerschap ingevoerde vrijstelling voor bijkomend personeel (V 2559, Bull. 782);
c) vak XV, 4 : verdere uitsplitsing van de rubriek met het oog op het vermelden van de overdracht van het nog niet verrekende belastingkrediet betreffende de jaren 1997 en 1998 (zie inzonderheid art. 291, tweede lid, WIB 92).
3. Wat de toelichting betreft, zijn de passages die wezenlijke wijzigingen hebben ondergaan, in de rand met een stippellijn gemerkt; zij hebben hoofdzakelijk betrekking op de hierboven besproken aanpassingen.
De aandacht wordt evenwel nog op de volgende punten gevestigd :
a) index : teneinde de toelichting gebruiksvriendelijker te maken, werd vooraan een refwoordenregister ingelast;
b) de aangifte en de Euro : aangezien de aangifte in de PB van het aj. 1999 in principe betrekking heeft op de inkomsten van het jaar 1998, waarvoor de Euro nog niet was ingevoerd, mogen in die aangifte alleen bedragen in Belgische frank worden vermeld; vanaf het aj. 2000 zal de belastingplichtige dan kunnen kiezen tussen de Euro en de Belgische frank om zijn aangifte in te vullen.
c) vak I, 3 : kinderen van samenwonende ouders die als alleenstaanden belast worden, mogen slechts door één van die ouders ten laste worden genomen, nl. door diegene die in feite aan het hoofd van het gezin staat (cf. art. 140, eerste lid, WIB 92 en 136/54.1, Com.IB 92);
d) vak IV, C en vak VIII, A, 1, a en B, 1, a : voor het veststellen van het aantal kinderen ten laste op 1 januari van het jaar na het jaar van de afsluiting van de lening, mogen de kinderen die op dat tijdstip zwaar gehandicapt waren, dubbel worden geteld met het oog op het vastleggen van de grenzen inzake de bijkomende interestaftrek en de vermindering voor het bouwsparen (cf. circ. 29.5.1998, Ci.RH.331/481.284, Bull. 784);
e) vak VII, 2 : giften aan instellingen voor wetenschappelijk onderzoek die rechtstreeks met een politieke partij of lijst verbonden zijn, zijn vanaf het aj. 1999 niet meer aftrekbaar (cf. art. 2 en 3, W 12.6.1998 tot wijziging van artikel 104, 3°, b, van het Wetboek van de Inkomstenbelastingen 1992 - V 2605, Bull. 787);
f) vak XI, A, 1, a : de door de stad Brussel in 1905 uitgegeven lotenlening is niet meer opgenomen in de lijst van lotenleningen (die lening verviel immers in 1997);
g) vak XII, 4 : de revalorisatiecoëfficiënt die geldt voor de vaststelling van het gedeelte van de huurinkomsten dat als een bezoldiging van bedrijfsleider moet worden beschouwd (zie art. 32, tweede lid, 3°, WIB 92), is voor het aj. 1999 gelijk aan 3,12 (cf. art. 1, KB/WIB 92, gewijzigd door art. 1, KB 17.12.1998 tot wijziging van het KB/WIB 92, op het stuk van de revalorisatiecoëfficiënt voor kadastrale inkomens - V 2650, Bull. 791);
h) vak XIII en vak XVI : met inang van 6.7.1998 zijn de inzake melkquota verkregen vergoedingen voor de definitieve overdracht van referentiehoeveelheden aan het melkquotumfonds overeenkomstig art. 15, KB 2.10.1996 betreffende de toepassing van de extra heffing in de sector melk en zuivelproducten, niet meer belastbaar (cf. de art. 25, 6°, a en 28, eerste lid, 3°, a, WIB 92, gewijzigd door de art. 2 en 3, W 19.5.1998 tot wijziging, wat de vergoedingen voor de overdracht van referentiehoeveelheden aan het melkquotumfonds betreft, van het Wetboek van de Inkomstenbelastingen 1992 - V 2578, Bull. 784).
Circulaire nr. Ci.RH.82/519.872 dd. 22.06.1999
Bull. nr. 795, pag. 2220
AANGIFTE IN DE PB
Aangifteformulier.
Invulling van de aangifte.
Wijzigingen aan de aangifte in de PB van het aj. 1999.
Aan alle ambtenaren.
1. Het formaat en de samenstelling van de aangifte in de PB (nr. 276.1) blijven onveranderd.
2. Naast de aanpassing van sommige bedragen (1) overeenkomstig de in art. 178, § 2, WIB 92 vastgelegde indexeringscoëfficiënt, is de aangifte inhoudelijk op de volgende plaatsen gewijzigd :
a) vak XI, B, 4, c : toevoeging van een rubriek voor het vermelden van in 1997 geleden verliezen op in België gelegen gebouwde onroerende goederen of op zakelijke rechten met betrekking tot zulke goederen, welke in dat jaar niet konden worden afgetrokken (cf. art. 103, § 3, WIB 92, ingevoegd door art. 18, KB 20.12.1996 houdende fiscale maatregelen, met toepassing van de artikelen 2, § 1, en 3 § 1, 2° en 3°, van de wet van 26 juli 1996 strekkende tot realisatie van de budgettaire voorwaarden tot deelname van België aan de Europese Economische en Monetaire Unie - V 2484, Bull. 769);
b) vak XIII, 10 en vak XIV, 8 : inlassing van een rubriek voor het vermelden van de door art. 29 Programmawet 10.2.1998 tot bevordering van het zelfstandig ondernemerschap ingevoerde vrijstelling voor bijkomend personeel (V 2559, Bull. 782);
c) vak XV, 4 : verdere uitsplitsing van de rubriek met het oog op het vermelden van de overdracht van het nog niet verrekende belastingkrediet betreffende de jaren 1997 en 1998 (zie inzonderheid art. 291, tweede lid, WIB 92).
3. Wat de toelichting betreft, zijn de passages die wezenlijke wijzigingen hebben ondergaan, in de rand met een stippellijn gemerkt; zij hebben hoofdzakelijk betrekking op de hierboven besproken aanpassingen.
De aandacht wordt evenwel nog op de volgende punten gevestigd :
a) index : teneinde de toelichting gebruiksvriendelijker te maken, werd vooraan een refwoordenregister ingelast;
b) de aangifte en de Euro : aangezien de aangifte in de PB van het aj. 1999 in principe betrekking heeft op de inkomsten van het jaar 1998, waarvoor de Euro nog niet was ingevoerd, mogen in die aangifte alleen bedragen in Belgische frank worden vermeld; vanaf het aj. 2000 zal de belastingplichtige dan kunnen kiezen tussen de Euro en de Belgische frank om zijn aangifte in te vullen.
c) vak I, 3 : kinderen van samenwonende ouders die als alleenstaanden belast worden, mogen slechts door één van die ouders ten laste worden genomen, nl. door diegene die in feite aan het hoofd van het gezin staat (cf. art. 140, eerste lid, WIB 92 en 136/54.1, Com.IB 92);
d) vak IV, C en vak VIII, A, 1, a en B, 1, a : voor het veststellen van het aantal kinderen ten laste op 1 januari van het jaar na het jaar van de afsluiting van de lening, mogen de kinderen die op dat tijdstip zwaar gehandicapt waren, dubbel worden geteld met het oog op het vastleggen van de grenzen inzake de bijkomende interestaftrek en de vermindering voor het bouwsparen (cf. circ. 29.5.1998, Ci.RH.331/481.284, Bull. 784);
e) vak VII, 2 : giften aan instellingen voor wetenschappelijk onderzoek die rechtstreeks met een politieke partij of lijst verbonden zijn, zijn vanaf het aj. 1999 niet meer aftrekbaar (cf. art. 2 en 3, W 12.6.1998 tot wijziging van artikel 104, 3°, b, van het Wetboek van de Inkomstenbelastingen 1992 - V 2605, Bull. 787);
f) vak XI, A, 1, a : de door de stad Brussel in 1905 uitgegeven lotenlening is niet meer opgenomen in de lijst van lotenleningen (die lening verviel immers in 1997);
g) vak XII, 4 : de revalorisatiecoëfficiënt die geldt voor de vaststelling van het gedeelte van de huurinkomsten dat als een bezoldiging van bedrijfsleider moet worden beschouwd (zie art. 32, tweede lid, 3°, WIB 92), is voor het aj. 1999 gelijk aan 3,12 (cf. art. 1, KB/WIB 92, gewijzigd door art. 1, KB 17.12.1998 tot wijziging van het KB/WIB 92, op het stuk van de revalorisatiecoëfficiënt voor kadastrale inkomens - V 2650, Bull. 791);
h) vak XIII en vak XVI : met inang van 6.7.1998 zijn de inzake melkquota verkregen vergoedingen voor de definitieve overdracht van referentiehoeveelheden aan het melkquotumfonds overeenkomstig art. 15, KB 2.10.1996 betreffende de toepassing van de extra heffing in de sector melk en zuivelproducten, niet meer belastbaar (cf. de art. 25, 6°, a en 28, eerste lid, 3°, a, WIB 92, gewijzigd door de art. 2 en 3, W 19.5.1998 tot wijziging, wat de vergoedingen voor de overdracht van referentiehoeveelheden aan het melkquotumfonds betreft, van het Wetboek van de Inkomstenbelastingen 1992 - V 2578, Bull. 784).
Namens de Minister :
Voor de Directeur-generaal :
De Auditeur-generaal van financiën,
V. KINDT
Bron: FisconetPlus
