Circulaire 2018/C/81 betreffende de ordonnantie van 1 maart 2018 tot aanpassing van de begrippen “ontvanger” en “bevoegde ontvanger” aan de nieuwe structuur van de AAPD

Administratieve commentaar betreffende de ordonnantie van 1 maart 2018 tot aanpassing van de gewestelijke regelgeving aan de hervorming van de werking van de hypotheekbewaring en van het beheer van de patrimoniumdocumentatie– Successierechten en registratierechten

ontvanger ; bevoegde ontvanger

FOD Financiën, 25.06.2018
Algemene Administratie van de Patrimoniumdocumentatie

In het Belgisch Staatsblad van 9 maart 2018 is de ordonnantie van 1 maart 2018 verschenen tot aanpassing van de gewestelijke regelgeving aan de hervorming van de werking van de hypotheekbewaring en van het beheer van de patrimoniumdocumentatie (hierna: ordonnantie).

Deze nieuwe Brusselse wetgeving strekt ertoe de met betrekking tot de hypotheken en de patrimoniumdocumentatie gehanteerde terminologie in een aantal Brusselse wetboeken aan te passen aan de nieuwe structuur en benamingen van de FOD Financiën (ontwerp van ordonnantie van 22 januari 2018 tot aanpassing van de gewestelijke regelgeving aan de hervorming van de werking van de hypotheekbewaring en van het beheer van de patrimoniumdocumentatie, verslag uitgebracht namens de commissie voor de Financiën en de Algemene Zaken, inleidende uiteenzetting van minister Guy Vanhengel, Doc, Parl.Brus., 2017-2018, nr. A-616-2, p. 2).

De ordonnantie betreft meer bepaald een technische aanpassing van de artikelen 60bis/2 en 60bis/3 van het W.Succ.B.H.Gew. en van de artikelen 140/5 en 140/6 van het W.Reg.B.H.Gew.: de begrippen “ontvanger” en “bevoegde ontvanger” worden vervangen door het begrip “ontvanger van het bevoegde kantoor van de Algemene Administratie van de Patrimoniumdocumentatie”.

In artikel 60bis/2 van het W.Succ. B.H.Gew. worden de woorden “de bevoegde ontvanger” vervangen door de woorden “de ontvanger van het bevoegde kantoor van de Algemene administratie van de Patrimoniumdocumentatie” (ordonnantie art. 3).

In artikel 60bis/3 van het W.Succ. B.H.Gew. worden de volgende wijzigingen aangebracht:

  • in § 1 worden de woorden “aan de bevoegde ontvanger” vervangen door de woorden “aan de ontvanger van het bevoegde kantoor van de Algemene administratie van de Patrimoniumdocumentatie”;
  • in § 1 worden de woorden “neergelegd wordt bij de ontvanger” vervangen door de woorden “neergelegd wordt bij de ontvanger van het bevoegde kantoor van de Algemene administratie van de Patrimoniumdocumentatie”;
  • in § 2, 1° en 2°, worden de woorden “een attest bezorgen” vervangen door de woorden “een attest bezorgen aan de ontvanger van het bevoegde kantoor van de Algemene administratie van de Patrimoniumdocumentatie” (ordonnantie art.4).

In artikel 140/5 van het W.Reg. B.H.Gew., worden de woorden “de bevoegde ontvanger” vervangen door de woorden “de ontvanger van het bevoegde kantoor van de Algemene administratie van de Patrimoniumdocumentatie” (ordonnantie art. 5).

In artikel 140/6 van W.Reg. B.H.Gew. worden volgende wijzigingen aangebracht:

  • in § 1 worden de woorden “bij de ontvanger” vervangen door de woorden “bij de ontvanger van het bevoegde kantoor van de Algemene administratie van de Patrimoniumdocumentatie”;
  • in § 2, 1° en 2°, worden de woorden “een attest bezorgen” vervangen door de woorden “een attest bezorgen aan de ontvanger van het bevoegde kantoor van de Algemene administratie van de Patrimoniumdocumentatie” (ordonnantie art. 6).

De ordonnantie is in werking getreden op 1 januari 2018 (ordonnantie art. 21).

De tekst van de ordonnantie gaat hierbij als bijlage 1. De geconsolideerde tekst van de gewijzigde bepalingen van het W.Succ.B.H.Gew. en van het W.Reg.B.H.Gew. gaan respectievelijk hierbij als bijlagen 2 en 3.