Aanschrijving nr. 159 dd. 26.10.1971
AANSCHRIJVING 71/159
Aanschrijving nr. 159 dd. 26.10.1971
Betekenis van woord "artiest" in art. 44, 2, 8°, W.BTW
Ingevolge artikel 44, 2, 8 o, van het Wetboek van de belasting over de toegevoegde waarde, zijn van de belasting vrijgesteld, onder meer : de diensten aan organisatoren van schouwspelen en concerten, aan uitgevers van grammofoonplaten en van andere klankdragers en aan makers van films en van andere beelddragers verstrekt door acteurs, orkestleiders, muzikanten en andere artiesten voor de uitvoering van toneelwerken, balletten, films, muziekstukken, circus-, variété- of cabaret-voorstellingen.
Gelet op de opsomming in die bepaling van degenen die als artiest worden aangemerkt, is het duidelijk dat het de bedoeling van de wetgever is geweest, zoals voor de toepassinq van het opgeheven artikel 70, 5 o, van het Wetboek der met het zegel gelijkgestelde taksen, slechts de prestaties van uitvoerende artiesten van de belasting vrij te stellen. Zij zijn het precies die de wetgever buiten de heffing van de belasting heeft willen houden omdat het betrekken van die personen bij de belastingheffing aanleiding zou geven tot praktische moeilijkheden (z. Parl. besch., K. van Volks., buitengewone zitting 1968, 88, nr. 1, blz. 41).
Onder uitvoerend artiest wordt verstaan de acteur, de orkestleider, de muzikant, de zanger, de danser, de figurant, de cabaretier, de variété-artiest, de circusartiest en ieder andere persoon die in een rol of een nummer van een toneelwerk, een ballet, een film, een ontspanningsprogramma, enz. optreedt.
Voor de toepassing van die bepaling kunnen bijgevolg niet als uitvoerend artiest worden aangemerkt, onder meer : de decorateur, de requisiteur, de grimeur, de kapper, de kostuumontwerper, de pruikenmaker, de toneelmachinist, de souffleur, de cameraman. de script-girl, de geluidstechnicus, de sonorisator, de filmmonteur, de produktieleider, de opnameleider en de medewerkers van die personen.
Wegens hun daadwerkelijke deelneming aan de voorbereiding, de afwerking en de uitvoering van toneelwerken of films, worden regisseurs evenwel als uitvoerend artiest aangemerkt.
De vrijstelling van artikel 44, § 2, 80, van het Wetboek geldt normaal slechts voor prestaties die verricht worden door fysieke personen. Zij is echter mede van toepassing op de prestaties van groeperingen bestaande uit leden die als uitvoerend artiest optreden (fanfares, toneelqroepen, enz.), ongeacht of die groeperingen al dan niet rechtspersoonlijkheid bezitten.
Aanschrijving nr. 159 dd. 26.10.1971
Betekenis van woord "artiest" in art. 44, 2, 8°, W.BTW
Ingevolge artikel 44, 2, 8 o, van het Wetboek van de belasting over de toegevoegde waarde, zijn van de belasting vrijgesteld, onder meer : de diensten aan organisatoren van schouwspelen en concerten, aan uitgevers van grammofoonplaten en van andere klankdragers en aan makers van films en van andere beelddragers verstrekt door acteurs, orkestleiders, muzikanten en andere artiesten voor de uitvoering van toneelwerken, balletten, films, muziekstukken, circus-, variété- of cabaret-voorstellingen.
Gelet op de opsomming in die bepaling van degenen die als artiest worden aangemerkt, is het duidelijk dat het de bedoeling van de wetgever is geweest, zoals voor de toepassinq van het opgeheven artikel 70, 5 o, van het Wetboek der met het zegel gelijkgestelde taksen, slechts de prestaties van uitvoerende artiesten van de belasting vrij te stellen. Zij zijn het precies die de wetgever buiten de heffing van de belasting heeft willen houden omdat het betrekken van die personen bij de belastingheffing aanleiding zou geven tot praktische moeilijkheden (z. Parl. besch., K. van Volks., buitengewone zitting 1968, 88, nr. 1, blz. 41).
Onder uitvoerend artiest wordt verstaan de acteur, de orkestleider, de muzikant, de zanger, de danser, de figurant, de cabaretier, de variété-artiest, de circusartiest en ieder andere persoon die in een rol of een nummer van een toneelwerk, een ballet, een film, een ontspanningsprogramma, enz. optreedt.
Voor de toepassing van die bepaling kunnen bijgevolg niet als uitvoerend artiest worden aangemerkt, onder meer : de decorateur, de requisiteur, de grimeur, de kapper, de kostuumontwerper, de pruikenmaker, de toneelmachinist, de souffleur, de cameraman. de script-girl, de geluidstechnicus, de sonorisator, de filmmonteur, de produktieleider, de opnameleider en de medewerkers van die personen.
Wegens hun daadwerkelijke deelneming aan de voorbereiding, de afwerking en de uitvoering van toneelwerken of films, worden regisseurs evenwel als uitvoerend artiest aangemerkt.
De vrijstelling van artikel 44, § 2, 80, van het Wetboek geldt normaal slechts voor prestaties die verricht worden door fysieke personen. Zij is echter mede van toepassing op de prestaties van groeperingen bestaande uit leden die als uitvoerend artiest optreden (fanfares, toneelqroepen, enz.), ongeacht of die groeperingen al dan niet rechtspersoonlijkheid bezitten.
Bron: FisconetPlus
